Aranka Kops, stuurvrouw van de Holland Acht: „Ik raak niet snel in paniek.”

Foto Olaf Kraak

Zij bewijst dat het kan: een stuurvrouw op een mannenboot

Interview | Aranka Kops, roeier Sinds de Olympische Spelen van 2016 in Rio mag een mannenboot bestuurd worden door een vrouw. Aranka Kops, stuurvrouw bij de Holland Acht: „Soms zijn de reacties ongenuanceerd, maar daar kan ik wel tegen.”

Het is nogal wat, een boot vol mannen laten leiden door een 23-jarige studente zonder internationale ervaring. Maar roeicoach Mark Emke hoefde daar niet lang over na te denken. Hij kende Aranka Kops’ kwaliteiten als stuurvrouw niet toen roeier Bjorn van den Ende zijn clubgenote bij Skøll voordroeg. Maar Emke was niet helemaal tevreden over roerganger Diederik van Engelenburg – „er was hier en daar ruimte voor verbetering” – en dus ontvankelijk voor alternatieven. Sinds een reglementswijziging na de Spelen van Rio 2016 mag een mannenboot ook bestuurd worden door een vrouw.

Ruim drie maanden en een Europees kampioenschap verder is Emke zo tevreden over Kops, dat zij in principe tot en met de Olympische Spelen van Tokio in 2020 het roer van de Holland Acht in handen houdt. Na de WK, eind augustus in Linz-Ottensheim, volgt wel een evaluatie, maar alleen calamiteiten kunnen Kops nog verjagen. Haar kwaliteiten volgens Emke: ze is slim, rustig, gedreven en erg goed in coaching. Wel moet ze wedstrijden in alle hectiek beter leren ‘lezen’, maar dat is volgens hem een kwestie van ervaring.

Achter een kop koffie op een terras met uitzicht op de Amsterdamse Bosbaan glimlacht Kops bij het horen van die kwalificaties. Ze spreekt Emke niet tegen. „Vooral die rust kenmerkt mij. Ik raak niet snel in paniek. En werken met mannen ben ik gewend. Het internationale niveau was wel wennen, vooral de hectiek van een wedstrijd. De boten ontlopen elkaar zo weinig, dat het moeilijk is overzicht te houden.”

En hoe vindt ze het om met alleen mannen te werken? Ze zijn directer dan vrouwen, zegt Kops, maar dat vindt ze wel zo prettig. „Soms zijn de reacties ongenuanceerd, maar daar kan ik wel tegen. En als het te ver gaat, zeg ik er wat van.” De roeiers van de Holland Acht accepteren haar gezag, zegt Kops. „Ze móeten wel. Het is de enige manier om ‘stuurtje’ te laten bijdragen aan de snelheid. Daar zijn ze zich goed van bewust. Buiten de baan valt me op dat mannen individualistischer zijn dan vrouwen, die meer samen optrekken.”

Foto Olaf Kraak
Almere, 10-7-2019. Aranka Kops stuurvrouw van de mannen Holland Acht. Foto Olaf Kraak
Foto Olaf Kraak
Foto’s Olaf Kraak

Goede intuïtie

Kops’ belangrijkste taak is de boot keurig rechtuit tussen de boeien te laten varen. Dat lijkt makkelijker dan het is voor een gevaarte met een roer van zo’n tien centimeter. De boot reageert traag en de weersomstandigheden kunnen van grote invloed zijn op het resultaat. En dan zit de stuurvrouw ook nog eens achterin de boot waar het uitzicht wordt belemmerd door acht gegrimaste koppen boven gespierde torso’s. „Het is net of je een bus bestuurt met een afgeplakt raam”, zegt Kops.

Kops’ belangrijkste eigenschap is haar goede intuïtie, naast haar kennis van de boot, roeitechniek en gevoel voor de omstandigheden. „Vooral bij een sterke zijwind moet mijn vakmanschap blijken. Maar je staat er van te kijken hoe belangrijk intuïtie is, de boot van punt tot kont aanvoelen. Dat doe ik door andere races te bekijken en bij inroeien alle elementen op te slaan, waardoor ik tijdens de wedstrijd snel kan anticiperen.”

Druk voelt zij heus wel. Maar dat komt goed van pas, zegt Kops, want ze overweegt chirurg te worden. „Bij het opereren kun je ook druk ervaren; dan is dit een leerzame periode.”

Aan een snelheidsmeter op een schermpje kan Kops aflezen of er voldoende vaart wordt gemaakt, al voelt ze ook aan het schokken of de techniek in snelheid wordt omgezet. Ze kan de boot wel later versnellen, daarop wordt intensief getraind. „Ik moet aangeven wanneer het tempo omhoog moet”, zegt Kops. „Dat kan op afgesproken momenten zijn, of om tactische redenen. Maar waar het vooral op aankomt is dat ik het laatste stukje motivatie uit de jongens kan persen.”

Foto Olaf Kraak
Foto Olaf Kraak
Foto’s Olaf Kraak

Co-schappen

Een ander punt van aandacht is Kops’ gewicht. Ze weegt rond de 50 kilo, waar een minimum van 55 voor een stuurvrouw wordt voorgeschreven. Voorafgaand aan de weging poogt Kops met het drinken van veel water haar gewicht op te voeren om het uit te plassen nadat ze op de weegschaal heeft gestaan. Als die strategie niet werkt, neemt ze een schijfje gewicht mee in de boot.

Voordeel van haar positie is dat Kops niet alle fysieke trainingen van de mannen hoeft te doorstaan. „Maar ik probeer wel zelf in conditie te blijven”, zegt ze. „Ik train een beetje, niet al te intensief, maar genoeg om de klappen op te kunnen vangen.” Het gaat best hard, zegt ze, zeker bij de start. „Ik werk vooral aan mijn rug- en buikspieren om me schrap te kunnen zetten, want in de boot zit ik nergens aan vast.”

Haar toevoeging aan de Holland Acht heeft het leven van Kops flink op z’n kop gezet. De co-schappen voor haar studie geneeskunde in Utrecht heeft ze stopgezet, vooralsnog tot en met de Spelen – hoopt ze. „Want: die olympische once-in-a-lifetime-experience wil ik graag meemaken.”