Opinie

Nederland moet niet direct ‘ja’ zeggen tegen verzoek Amerikanen

Militaire missie

Commentaar

Aanvankelijk achter de schermen, maar nu steeds meer voor de schermen zijn de Amerikanen bezig met het formeren van een maritieme coalitie van landen die een veilige doorvaart van schepen door wateren in het Midden-Oosten moet garanderen. Ook Nederland is benaderd, hoewel het kabinet hier formeel nog niets over heeft laten weten.

Het gaat om twee belangrijke scheepvaartroutes in het Midden-Oosten maar wel met verschillende dimensies. Allereerst betreft het de Golf van Aden bij Jemen waar vooral olietankers uit Saoedi-Arabië en de Verenigde Emiraten passeren. Al jaren zijn hier piraten actief. Vandaar de diverse anti-piraterij missies onder NAVO- dan wel EU vlag. Ook Nederlandse marineschepen deden hieraan mee.

Als gevolg van het conflict in Jemen waarbij buurland Saoedi-Arabië nauw is betrokken wordt regelmatig melding gemaakt van aanvallen op koopvaardijschepen terwijl onduidelijk is wie hier achter zit. Over en weer worden beschuldigingen geuit. Aan de andere kant van het schiereiland is er de Perzische Golf met een lange kustlijn van Iran. De afgelopen tijd werden hier verschillende keren olietankers beschoten waarvoor de Amerkanen Iran aansprakelijk stelden.

De Amerikaanse generaal Joseph Dunford zei dinsdag na overleg met de ministers Mike Pompeo (Buitenlandse Zaken) en Mark Esper (Defensie) te verwachten de komende twee weken zicht te krijgen over welke landen in wat voor vorm zich zullen gaan manifesteren in de onrustige olieregio. Tijdens een NAVO-bijeenkomst in Brussel, twee weken geleden, lag de vraag eveneens op tafel.

Ook Nederland zal antwoord moeten geven. Kan en wil het schepen leveren? Allereest het kunnen. De veel gehoorde verzuchting is dat als gevolg van de aanhoudende bezuinigingen de krijgsmacht „piept en kraakt”. Het was één van de redenen om de Nederlandse militaire missie in Mali vorig jaar te stoppen. Bij de marine ligt dit anders. Schepen zijn makkelijker inzetbaar. Anders gezegd: Nederland zou moeten kunnen leveren.

Maar moet Nederland ook leveren? Een handelsland bij uitstek als Nederland heeft alle belang bij een vrije doorvaart van schepen. Dat was dan ook een belangrijke overweging voor de actieve Nederlandse deelname aan diverse antipiraterijmissies. Langs die lijn geredeneerd is er geen reden voor het kabinet om niet in te gaan op het Amerikaanse verzoek.

Tegelijk is het probleem dat het vooralsnog gaat om een vraag van de Amerikanen en niet van de NAVO of de Veiligheidsraad. Er zal toch allereerst duidelijkheid moeten zijn over het mandaat waaronder de door de Verenigde Staten gewenste coalitie gaat opereren. Complicerende factor hierbij is dat de Amerikanen de nucleaire overeenkomst met Iran hebben opgezegd, maar de Europese Unie niet.

Te hopen valt dat Nederlandse beleidsmakers hebben geleerd van eerdere avonturen met Nederlandse uitzendingen naar het gebied rond de Golf. Want het moet toch niet zo gaan als in 1990 toen het kabinet zoals destijds in de woorden van minister Relus ter Beek (Defensie, PvdA) „varenderweg” besluiten nam over taak, gedragsregels en internationale samenwerking van de Nederlandse marineschepen.

Zeker met de wispelturige buitenlandpolitiek van de Amerikaanse president Donald Trump heeft Nederland alle belang bij afspraken vooraf die door het volkenrecht worden gedragen. Die helderheid bestaat nu nog niet. Nederland doet er dan ook goed aan in dit stadium terughoudend te zijn.