De Stint mag weer de weg op na de zomer

Elektrische bolderkar Als toezichthouder RDW de nieuwe Stint goedkeurt, mag de elektrische bolderkar onder bepaalde voorwaarden de weg op.

De Stint
De Stint Foto Rob Engelaar

Minister Cora van Nieuwenhuizen (Infrastructuur en Waterstaat, VVD) heeft woensdag de voorwaarden bekendgemaakt waaronder de Stint vanaf volgend schooljaar weer gebruikt mag worden op de openbare weg. In een Kamerbrief schrijft de minister dat de bestuurder voortaan zeker achttien jaar moet zijn en een rijvaardigheidstraining gevolgd moet hebben.

Ook moet hij of zij veilige routes nemen met de elektrische bolderkar, zoals langs wegen met een maximumsnelheid van 30 kilometer per uur. Die voorwaarden is minister Van Nieuwenhuizen overeengekomen met de kinderopvangbranche. Nieuw is ook dat de bolderkarren tijdelijk tien in plaats van acht personen mogen vervoeren. Dat is een wens van de kinderopvangbranche, waarin het gebruikelijk is om met groepen van tien te werken.

Bijzondere bromfiets

Een onafhankelijke commissie gaat toezien op de naleving van deze voorwaarden. Het is overigens nog niet zeker of de Stint daadwerkelijk weer de weg opgaat. Eerst moet de fabrikant de elektrische bolderkar nog laten keuren door de toezichthouder RDW en de Stint moet worden aangewezen als bijzondere bromfiets.

Een woordvoerder van Van Nieuwenhuizen zegt dat het maximumaantal passagiers op de Stint teruggaat naar acht als er een toelatingskader voor bijzondere bromfietsen in werking treedt. Dat wordt niet voor 2020 verwacht. Ook wordt dan een rijbewijsplicht gekoppeld aan het besturen van de Stint, zegt de woordvoerder.

De Stint raakte in opspraak en werd uiteindelijk verboden nadat bij een dodelijk ongeval in Oss vorig jaar vier kinderen om het leven kwamen. De elektrische bolderkar kwam op het spoor terecht en werd geraakt door een trein. (NRC)