‘Omgekomen gevangenen in Tadzjikistan hadden botbreuken’

Veertien gedetineerden kwamen zondag om tijdens een transport. De oorzaak was volgens de autoriteiten een voedselvergiftiging. Familieleden bestrijden dit.

Volgens het staatspersbureau was voedselvergiftiging de doodsoorzaak.
Volgens het staatspersbureau was voedselvergiftiging de doodsoorzaak. Foto iStock

Familieleden van veertien gevangenen die afgelopen zondag in Tadzjikistan omkwamen, bestrijden de lezing dat zij stierven door het eten van vergiftigd of bedorven brood. Meerdere gedetineerden vertoonden tekenen van ernstige mishandeling, waaronder botbreuken, vertellen verschillende familieleden dinsdag aan nieuwssite RFE/RL.

De veertien kwamen om tijdens een transport tussen twee gevangenissen in het Centraal-Aziatische land. Zij zouden onwel zijn geworden nadat zij drie stukken brood hadden gedeeld, meldde het Tadzjiekse staatspersbureau Chovar maandag. Slechts twee van de in totaal zestien gevangenen zouden de voedselvergiftiging hebben overleefd.

Familieleden betwisten die lezing. „Zijn neus was gebroken, zijn gezicht was niet meer herkenbaar”, zegt een moeder van een van de overleden gevangenen. Zijn lichaam had meer tekenen dat hij hard was geslagen. Een familielid van een andere gedetineerde maakt melding van een hoofdwond achter op zijn hoofd waardoor het leek „alsof hij geslagen was met een hamer”.

‘Gehaast begraven’

De overleden gedetineerden zijn inmiddels begraven. Dat zou volgens RFE/RL gehaast zijn gebeurd en onder toezicht van ambtenaren in burgerkleding. Meerdere familieleden laten daarnaast weten dat journalisten door de autoriteiten waren bevolen om weg te blijven bij de begrafenissen.

Justitie is een strafrechtelijk onderzoek gestart. Het is het derde incident in korte tijd in het gevangeniswezen in Tadzjikistan. In mei kwamen 32 mensen om het leven tijdens een opstand in een gevangenis waar onder meer IS-strijders vastzaten. In november 2018 stierven 29 gevangenen bij een gevangenisoproer, net als drie bewakers.