Canada en Oekraïne sluiten zich aan bij MH17-zaak tegen Rusland

Het gaat om een zaak die nabestaanden van slachtoffers van MH17 tegen Rusland hebben aangespannen. Nederland sloot zich eerder al bij de procedure aan.

Een herdenkingskruis nabij de plaats waar de MH17 neerstortte in het oosten van Oekraïne.
Een herdenkingskruis nabij de plaats waar de MH17 neerstortte in het oosten van Oekraïne. Foto Aleksandr Jermotsjenko/Reuters

Canada en Oekraïne hebben zich aangesloten bij de zaak die nabestaanden van vliegramp MH17 tegen Rusland hebben aangespannen bij het Europees Hof voor de Rechten van de Mens. Een van de advocaten die de nabestaanden bijstaat, Sander de Lang, bevestigt dat dinsdagavond na berichtgeving van het AD.

De Nederlandse staat had zich in mei al bij de zaak aangesloten. De zaak bij het Europees Hof staat los van de strafrechtelijke procedure die het Joint Investigation Team is gestart tegen Rusland. Ook heeft het niets te maken met de aansprakelijkheidsprocedure die Nederland is begonnen tegen de Russische regering.

Deadline 27 juni

De landen van de nabestaanden die zich hebben aangesloten bij de civiele zaak tegen Rusland konden tot 27 juni reageren op de klacht. Alleen Canada en Oekraïne hebben dat gedaan, maakte het Europese Hof dinsdag aan de advocaten bekend. Er zijn geen Oekraïense slachtoffers van de vliegramp, maar het land kan meedoen omdat het Europees Hof het als „mogelijk belanghebbende” aanmerkt, zegt advocaat De Lang. België doet niet mee aan de zaak. Andere landen, zoals Duitsland en het Verenigd Koninkrijk, hebben niet gereageerd. Die mogelijkheid hebben ze ondanks het verstrijken van de deadline nog wel, zegt De Lang.

In april maakte het Europees Hof bekend dat het de klacht van de nabestaanden in behandeling neemt. Rusland heeft nu tot 3 september de tijd om erop te reageren. De inzet van de nabestaanden is dat Rusland zijn schuld aan de vliegramp erkent en een schadevergoeding betaalt, zegt advocaat De Lang.

Hoewel Rusland het Europees Hof erkent, trekt het zich in de praktijk niet veel aan van diens uitspraken. In 2015 besloot het Constitutionele Hof van Rusland dat de vonnissen in Straatsburg geen betekenis hebben als deze strijdig zijn met de Russische wet.