Afgedankte apparaten zijn niet altijd ‘afval’

Deze rubriek belicht elke week kwesties uit het bedrijfsleven waarover de rechter zich onlangs uitsprak. Ditmaal: Europees recht.

Foto Getty Images /iStockphoto

Hier probeert een handelaar in afgedankte elektrische apparaten slinks onder Europese regels voor verwijdering van afval uit te komen, dachten douaniers toen zij in februari 2014 een transport van de firma Tronex uit Oldenzaal naar Tanzania inspecteerden. Zij maakten proces-verbaal op wegens het ontbreken van de vereiste afvalpapieren, wat Tronex 5.000 euro voorwaardelijke boete opleverde. Het bedrijf protesteerde en in hoger beroep sloeg de twijfel toe. Ging het wel om afval? Het Haagse gerechtshof speelde de vraag door aan het Hof van Justitie van de Europese Unie.

De partij bestond uit scheerapparaten, stoomstrijkijzers, ventilatoren en waterkokers, door Tronex voor 2.396,01 euro opgekocht van winkeliers, groothandels en importeurs. De meeste apparaten waren verpakt in de originele dozen, maar er zaten ook onverpakte, beschadigde en defecte spullen tussen. En daar zit precies het verschil, besliste het Hof vorige week. Doorslaggevend voor de kwalificatie ‘afvalstof’ is volgens het Hof dat er twijfel over bestaat of het product nog kan worden verkocht voor gebruik zoals oorspronkelijk bedoeld. Daaraan hoeft bij afgedankte apparaten in ongeopende, originele verpakking volgens het Hof niet te worden getwijfeld. Deze mogen niet als afvalstoffen worden aangemerkt en voor ‘verwijdering’ is geen afvalvergunning vereist. Maar gaat het om apparaten waarvan niet vooraf is vastgesteld dat ze goed werken of die niet naar behoren zijn beschermd tegen transportschade, dan is sprake van afval. In dat geval is voor de handel in zulke spullen – in dit geval uitvoer naar Tanzania – aparte toestemming nodig, opdat hun ‘verwijdering’ plaatsvindt zonder gevaar voor mens en milieu, zoals de Europese regels voorschrijven.

Uitspraak: ECLI:EU:C:2019:564