Zal Irans roep om aandacht werken?

Atoomprogramma Iran verrijkt uranium tot een hogere graad dan is toegestaan. Rohani en Macron willen voor 15 juli een gesprek organiseren.

Op dit beeld, vrijgegeven door het kantoor van president Rohani, is hij op bezoek bij Iraanse organisatie voor nucleaire technologie in Teheran, op 9 april.
Op dit beeld, vrijgegeven door het kantoor van president Rohani, is hij op bezoek bij Iraanse organisatie voor nucleaire technologie in Teheran, op 9 april. Foto Iraanse overheid/ EPA

De escalatie was aangekondigd, maar het probleem wordt daardoor niet minder nijpend. Iran heeft voor de tweede keer in korte tijd afspraken die het heeft met de internationale gemeenschap over zijn atoomprogramma openlijk geschonden. Iran had al meer laag-verrijkt uranium opgeslagen dan is toegestaan en verrijkt uranium nu ook tot een hogere graad dan is toegestaan.

Het land komt met die overtredingen steeds een héél klein stapje dichter bij een atoomwapen. Maar het gaat Iran er vooral om druk uit te oefenen op Europa om nu eindelijk te helpen in een krachtmeting tussen Teheran en de Verenigde Staten. Om de druk hoog te houden wil Iran elke 60 dagen een nieuwe overtreding begaan, zo kondigde een lid van de Iraanse regering zondag aan.

President Trump heeft Iran in de tang genomen door de nucleaire deal eenzijdig op te zeggen en zware economische sancties op te leggen. Europa probeerde Trump eerst van het opzeggen van het akkoord uit 2015 te weerhouden. Toen dat niet lukte zei Europa Iran te zullen helpen, maar in de praktijk komt daar weinig van terecht. Iran probeert nu aandacht te trekken.

De Franse president Macron sprak zaterdag een uur telefonisch met de Iraanse president Rohani. De twee kwamen, aldus een Franse verklaring, overeen de mogelijkheden voor nieuwe gesprekken af te tasten. Daarmee is nog lang geen oplossing in zicht, maar het is altijd nog beter dan escalatie zonder gesprekken. Nadat Macron begin vorige week een centrale rol speelde in het Europese banenspel, probeert hij nu dus de nucleaire deal te redden.

In de deal, het zogeheten JCPOA, beloofde Iran zijn nucleaire programma tot een minimum te reduceren in ruil voor de opheffing van economische sancties. Uit inspecties is keer op keer gebleken dat Iran zich aan zijn afspraken hield.

Trump zag de deal niet zitten omdat het een succesvol project was van zijn voorganger Obama en omdat Iran zich in de regio niet bepaald vredelievend opstelt. Iran steunt Hezbollah in Libanon, koos de zijde van Assad in Syrië en steunt de Houthi-rebellen in Jemen. Bovendien ontwikkelt het land raketten. Europa is niet blij met de Iraanse bemoeienis met de regio, maar vond dat opheffing van de nucleaire deal eerder voor meer problemen zou zorgen dan voor minder. Bovendien woog zwaar dat Iran zich aan de afspraken hield.

De Amerikaanse sancties treffen niet alleen Amerikaanse bedrijven die handel drijven met Iran, maar ook buitenlandse ondernemingen die zowel handel drijven met Iran als met de VS. Ook zij kunnen voor handel met Iran in de VS gestraft worden en kiezen daarom vaak voor hun Amerikaanse transacties. Europa heeft een systeem opgezet dat bedrijven moet vrijwaren van Amerikaanse straffen, maar dat mechanisme komt maar zeer traag van de grond.

Op de jaardag van Trumps vertrek uit de deal gaf Teheran Europa 60 dagen om met een oplossing te komen. Die deadline verstreek zondag. Iran mag uranium verrijken tot een concentratie van 3,67 procent, maar zou nu gaan tot 5 procent. Het uranium is daarmee geschikt voor een kerncentrale in Bushehr. Uranium voor wapens heeft doorgaans een verrijkingsgraad van 90 procent of meer.

Er is Europa veel aan gelegen de deal overeind te houden. Maar met elke schending raakt dat doel verder uit zicht. Rohani en Macron willen proberen om voor 15 juli een gesprek tussen alle betrokken partijen te organiseren.