Amerikaanse wervelstorm bleek toch te veel voor Oranje

WK-finale Teleurstelling maar ook trots bij Oranje na de verloren finale. En het besef dat de Verenigde Staten gewoon beter waren.

De Nederlandse vrouwen danken het publiek na de verloren WK-finale tegen de Verenigde Staten.
De Nederlandse vrouwen danken het publiek na de verloren WK-finale tegen de Verenigde Staten. Foto Claude Paris/AP

Door de knieën gezakt zit ze naast de penaltystip. Ploeggenoten Daniëlle van de Donk en Shanice van de Sanden tillen de uitgeputte Stefanie van der Gragt overeind. Keeper en aanvoerder Sari van Veenendaal applaudisseert voor haar team, speelsters omhelzen elkaar. Op het oranje gekleurde gedeelte van de tribune wapperen rood-wit-blauwe vlaggen van tevreden fans. Verloren van een veel sterkere Amerikaanse ploeg. Maar treuren?

Het was op de dag af 45 jaar na het trauma van 1974, toen de mannen de eerste Nederlandse WK-finale ooit verloren van West-Duitsland maar ‘we’ met Johan Cruijff toch de besten waren. Maar in de eerste finale van de vrouwen kon van een trauma geen sprake zijn. In het met 60.000 toeschouwers volledig uitverkochte Parc Olympique Lyonnais was de 2-0 zege voor titelverdediger VS nog een flauwe afspiegeling van het krachtsverschil. Maar wat een WK heeft Oranje gespeeld. Zes keer gewonnen, tot de finale. Vrouwenvoetbal definitief op de kaart gezet. En nu nummer twee van de wereld.

Lees ook: In de Franse voetbalstadions viel genoeg te genieten

Teleurstelling

„Een combinatie van teleurstelling en vermoeidheid”, verklaarde spits Vivianne Miedema haar tranen na afloop. Bij uitblinker Van Veenendaal, gekozen tot beste keeper van het toernooi, heerste bij alle teleurstelling ook realiteitszin. „We hebben een goede prestatie neergezet. Niet alleen in de finale maar in het hele toernooi. Niet alles zat mee en niet alles lukte, maar als je ziet hoe hard we hebben gewerkt dan ben ik daar heel trots op. Ik wil altijd winnen, ben de slechtste verliezer die er is. Maar deze zilveren medaille ga ik met trots dragen.”

Crystal Dunn (links) en Rose Lavelle van de Verenigde in gevecht om de bal met Daniëlle van de Donk.

Foto Jean-Philippe Ksiazek/AFP

Ook in de finale haalde de Nederlandse vechtmachine het beste in zichzelf naar boven. Ontzag voor de VS, viervoudig olympisch en drievoudig wereldkampioen? „We zien jullie vanavond”, riep Daniëlle van de Donk voor de finale uitdagend in een filmpje op Instagram. Gevolgd door een reeks gemonteerde hoogtepunten dit WK: de gepassioneerde tackles, steenharde kopballen, vreugde-explosies na een goal. Coach Sarina Wiegman zag dat het goed was. Respect voor de tegenstander, geen ontzag.

De vice-wereldkampioen draagt de signatuur van de Haagse coach. Vera Pauw was de grondlegger, Roger Reijners ontwikkelde het aanvalsspel. Maar Wiegman smeedde de Nederlandse vrouwen tot een topploeg. Een onbreekbaar collectief, met uitzonderlijke vechtlust en fitheid. Vaste afspraken, geen excuses. Alleen winnen telt. Als 19-jarige voetbalde ze een jaar in ‘vrouwenvoetbalparadijs’ de VS. „Wat ik daar heb gezien heb ik altijd meegedragen”, vertelde ze voor de finale. „Alles eruit halen, een enorme drive om te winnen, om het samen te doen.”

De Amerikaanse wervelstorm overleven in het eerste kwartier, dat was dit WK nog geen land gelukt. Wiegman paste haar team aan, verving Merel van Dongen door centrale verdediger Anouk Dekker, waardoor Dominique Bloodworth linksback ging spelen. Oranje veranderde ook tactisch. Niet langer met de vaste drie spitsen maar met Vivianne Miedema en Lieke Martens wat teruggetrokken op een versterkt middenveld. Voetbal is geen schaken, weet Wiegman. Maar al haar speelsters wisten precies wat ze in deze samenstelling moesten doen. Brutaliteit deed in eerste instantie de rest.

Megan Rapinoe van de Verenigde Staten viert haar verzilverde penalty in de finale.

Foto Denis Balibouse/Reuters

Dekker beukte topscorer Alex Morgan meteen correct van de bal. Van de Donk tackelde onverschrokken, Spitse kegelde spelmaker Rose Lavelle over de lijn en kreeg later geel na een te late sliding. Jackie Groenen jaagde brutaal haar tegenstander op. De Amerikaanse vedetten Morgan en Megan Rapinoe stonden al snel met de handen in de zij in de bakoven van Lyon. Hun coach Jill Ellis verscheen lang in het coachvak, Wiegman zat op het oog rustig op de bank. Een gifkikker als voetballer, maar rustig analyserend als coach. Altijd controle.

Klasseverschil

Maar tegen klasseverschil valt nauwelijks te coachen. Tot veel meer dan tegenhouden kwam Nederland in de finale niet. Eerder dit toernooi klonk al kritiek op het aanvalsspel, dat niet sprankelde. Toch speelde Oranje volgens de statistieken tot de finale het best verzorgde voetbal, met 422 passes per duel (de VS 377) en een nauwkeurigheid van 82,6 procent (VS 81,3). De combinatie met Groenen bij de winnende treffer in de halve finale tegen Zweden was een van de mooiste acties van het toernooi. Maar dat cijfers niet alles zeggen, bleek in de finale.

Het Nederlands elftal treurt over de verloren WK-finale.

Foto Denis Balibouse/Reuters

Tien minuten voor rust stak dan toch de Amerikaanse storm op, die niet meer zou luwen. In alles was de titelverdediger nu beter. Na een uur raakte Van der Gragt met een te hoog geheven been de schouder van Morgan. Penalty, besliste scheidsrechter Stephanie Frappart na overleg met de VAR. De ervaren Rapinoe maakte geen fout. Toen Lavelle tien minuten later fraai de 2-0 maakte, was de finale beslist. Het was aan Van Veenendaal en Van der Gragt te danken dat de score niet hoger uitviel.

„Ze zijn hartstikke sterk”, concludeerde Van de Donk na afloop. „Op het eind zie je dat daar wel een verschilletje ligt. Zij zijn sterker en wat fitter dan wij.” Niemand zeurde na afloop over de strafschop, Van Veenendaal keek alweer naar mogelijkheden om zilver in de toekomst om te zetten in goud. Coach Wiegman sprak de hoop uit dat de tweede plaats op het WK zal leiden tot verbetering van de eredivisie en de jeugdopleiding. En een huldiging voor de tweede plaats? „Als je een beker wint is er feest. Anders niet.”