Opinie

Een internationale rechtbank voor ‘onze IS-gangers’

Syriëgangers Het Joegoslavië- en Rwanda-tribunaal kunnen model staan voor de berechting van uitgereisde jihadisten, betoogt .

IS-gevangenen en andere gevangen jihadisten in 2015 in de Kani Goma-gevangenis in Irak
IS-gevangenen en andere gevangen jihadisten in 2015 in de Kani Goma-gevangenis in Irak Foto Magnum Photos

Wat gaan we doen met ‘onze’ Syriëgangers? Voor velen zijn het oorlogsmisdadigers die hun recht op Nederlandse voorzieningen voor altijd verspeeld hebben en het beste aan Irak kunnen worden overgelaten die wel raad met ze weet. Volgens Volkskrant-journaliste Ana van Es een proces van één uur en dan de doodstraf. Anderen noemen hen eufemistisch „uitreizigers” of „terugkeerders”, en beschouwen hen als afgedwaalde schapen uit onze polderkudde, die moeten worden teruggehaald.

Na een eventuele korte straf en een iets langer deradicaliseringstraject kunnen ze uiteindelijk weer in productieve en loyale burgers veranderen. De eerste opvatting is een keihard ‘oog om oog, tand om tand’, de tweede komt voort uit een christelijke moraal die vergeving mogelijk maakt.

We moeten de risico’s van terugkerende jihadisten en de enormiteit van hun misdaden niet onderschatten. Ex-soldaten van Islamitische Staat laten terugkeren is in feite een onverantwoord sociaal experiment waarbij de Nederlandse bevolking niet alleen proefkonijn is maar ook mag opdraaien voor de enorme kosten.

Voor veel strijders is het oppakken van wapens en het doden van medemensen een empowering experience die een diepe genoegdoening schenkt. In mijn studie Het Mexicaanse drugsgeweld (2018) laat ik in het hoofdstuk ‘De Logica van de Wreedheid’ kindsoldaten, Vietnamveteranen en Mexicaanse huurmoordenaars aan het woord die de aantrekkingskracht van het doden openhartig uitleggen. Verschrikkelijk maar helaas begrijpelijk en menselijk gedrag. Als hij eenmaal bloed heeft geroken en gewend is geraakt aan morele autonomie, zal een voormalig jihadist zich niet makkelijk schikken in ons aangeharkte polderlandje.

Ons softe rechtssysteem

Praktisch gezien zijn er vier mogelijkheden tot vervolging van de IS-collaborateurs. Terughalen naar Nederland en hier vervolgen is een slechte keuze. Ons rechtssysteem is niet ingesteld op mensen die de waarden waarop dat systeem gebaseerd is gewapenderhand ondermijnen. Duidelijker gezegd: ons recht is te soft om met ernstige oorlogsvergrijpen en misdaden tegen de mensheid om te gaan.

Ook valt te vrezen dat jihadisten bewondering oogsten bij hun peers en op talkshows een kritiekloos podium krijgen waar ze een door hun advocaten ingefluisterd script afspelen: toegeven dat ze spijt hebben, maar ontkennen dat ze bloed aan hun handen hebben.

Lees ook: Vergeet het klassieke slagveld. Welkom in de hybride oorlog

Een betere oplossing is de instelling van een speciale krijgsraad. Immers, wij zijn in oorlog met de radicale islam. De Syrië-strijders zijn de facto enemy combatants die voor landverraad veroordeeld zouden moeten worden.

Een derde oplossing is de zaak overlaten aan Iraakse en Syrische rechtbanken. De Fransen hanteren deze aanpak: een verkapt doodvonnis, zonder bloed aan de handen te krijgen. Eerder gaf Parijs actief steun aan de Iraakse troepen om ‘hun’ jihadstrijders te elimineren. Niet netjes, wel efficiënt.

Onbarmhartig straffen is echter niet de stijl van het verlichte Westen. Het zou het verwijt oproepen van neokolonialistische arrogantie om de rechtssystemen in het Midden-Oosten als primitief en onmenselijk weg te zetten. Maar je kunt ook zeggen dat de jihadisten zelf een rechtssysteem van vergelding in praktijk brachten, en dat er dus ook argumenten zijn te vinden om hen op dezelfde manier te berechten: voltrek aan hen het vonnis dat ze ook aan anderen voltrokken.

Hybride tribunaal

Een laatste oplossing, die onlangs door de Zweedse regering werd geopperd, is de oprichting van een ‘hybride oorlogstribunaal’, naar het model van het Rwandatribunaal, vanaf 1994 in Arusha (Tanzania) of het Joegoslaviëtribunaal in Den Haag, waarbij oorlogsmisdadigers uit die landen buiten die landen zelf werden vervolgd in samenwerking met de internationale gemeenschap. Het Speciaal Hof voor Sierra Leone, onder VN-auspiciën opgericht in Freetown, de hoofdstad van Sierra Leone heeft ook zijn nut bewezen voor de berechting van oorlogsmisdaden tijdens de burgeroorlog in dat land (1991-2002).

Het blijft natuurlijk uiterst ingewikkeld om een internationaal tribunaal in Irak op te zetten, net als het verzamelen van bewijsmateriaal om eerlijke processen te garanderen. Maar er zijn een paar belangrijke voordelen: de delicten zijn in de fysieke nabijheid van zo’n tribunaal gepleegd, onderzoek kan ter plekke worden uitgevoerd en getuigen kunnen snel worden opgeroepen.

Lees ook: De yezidi’s zijn hun familie en cultuur kwijt

Beulen in Europa

Ook zou het goed zijn voor het rechtvaardigheidsgevoel van de lokale bevolking, met name onder de Yezidi-minderheid, die nu met lede ogen moeten toezien hoe sommigen van hun beulen in Europa de dans ontspringen. Het zou ook een uitstekende gelegenheid zijn voor het Westen om op basis van gelijkheid de juridische structuren in Irak financieel en logistiek te ondersteunen en uit te bouwen.

Met de radicaal-islamitische jihadistenbeweging is voor het Westen geen verzoening, discussie of compromis mogelijk. Hun mens- en maatschappijvisie staat volledig haaks staat op onze westerse waarden. De radicale islam draait om een absolute waarheid die niet ter discussie staat en volgens welke de maatschappij ingericht dient te worden. Twijfelen is godslastering. Niet-gelovigen zijn inferieure mensen die men mag misbruiken en doden. Op geen enkele manier kunnen deze twee wereldbeelden elkaar de hand reiken. Wat deradicalisering zo moeilijk maakt is dat weinigen jihadisten – Jason Walters is een uitzondering – de intellectuele vaardigheden hebben de absolute waarheidsclaim van hun ideologie te relativeren.

Van het allergrootste belang is dat men snel een oplossing zoekt en aan het werk gaat. Het afnemen van het Nederlands staatsburgerschap is het minste wat men kan doen, al is het alleen maar om een duidelijk signaal te geven dat de radicale islam geen plaats heeft in onze samenleving. Het grootste gevaar is dat beleidsmakers, wetenschappers en rechtsgeleerden elkaar om de oren gaan slaan met verdragen en conventies en rapporten en verzanden in juridische haarkloverij. Waardoor ‘onze IS-jongens’ de kans krijgen door de mazen van het net te glippen

Reageren

Reageren op dit artikel kan alleen met een abonnement. Heeft u al een abonnement, log dan hieronder in.