Onrust over ‘Groningse coup’ in Rome niet bezworen

De plannen van de Rijksuniversiteit Groningen met het Koninklijk Nederlands Instituut in Rome zijn goedgekeurd en daarmee zijn de critici niet gerustgesteld.

Het Koninklijk Nederlands Instituut in Rome.
Het Koninklijk Nederlands Instituut in Rome.

Het Koninklijk Nederlands Instituut in Rome (KNIR) blijft volledig in handen van alle zes deelnemende universiteiten. De Rijksuniversiteit van Groningen (RUG) die de instelling namens de universiteiten beheert, zal niet een deel van het instituut voor zichzelf kunnen opeisen. Dat blijkt uit een persbericht dat de bestuurskoepel van het instituut begin juli uitbracht naar aanleiding van een vergadering van eind juni. „De gezamenlijke aansturing blijft”, aldus de koepel NWIB, die naast het KNIR vier andere gezamenlijke internationale wetenschappelijke instituten in het buitenland beheert.

Zowel de RUG, die meer greep wilde krijgen op dit nationale instituut, als de geesteswetenschappers die daartegen hebben geprotesteerd, zagen dit in algemene bewoordingen geschreven persbericht als bevestiging van hun verlangens. Maar bij de plaatsing van een vacature voor een nieuwe hoogleraar directeur van het KNIR is de kritiek weer begonnen. Die hoogleraar komt namelijk in dienst van de RUG, terwijl de vorige vacaturetekst in 2013 uitdrukkelijk sprak van „detachering door de huidige werkgever” die dan betaald zou worden door de RUG. Volgens Stephan van Galen, secretaris van de RUG, is dat nog steeds mogelijk als de directeur bij een andere universiteit dan de RUG in dienst is. De huidige directeur, Harald Hendrix, was aanvankelijk tevreden dat dat het interuniversitaire karakter is gegarandeerd maar schrok van de vacaturetekst. Het weglaten van de passage over detachering vindt hij een ,,teken aan de wand”. Er ontbreekt ook een profielschets van een interuniversitair samengestelde benoemingsadviescommissie.

Lees ook: Rel over Groningse ‘coup’ in Rome

Interim-directeur

De strijd was ontstaan naar aanleiding van een strategische notitie van afgelopen mei. Daarin bepleit de RUG om na de verbouwing van het inistituut in Rome de grotere ruimte voor een bredere doelgroep dan alleen geesteswetenschappers te gebruiken. Dat past in de Groningse internationaliseringsagenda. De RUG zou verantwoordelijk worden voor de eigen activiteiten op het KNIR. Om die verandering in te voeren, onderbrak de RUG de benoemingsprocedure voor een nieuwe directeur en benoemde het de afgetreden Groningse rector magnificus en hoogleraar monetaire economie Elmer Sterken als interim-directeur tot 1 januari.

Geesteswetenschappers en leden van de Wetenschappelijke Adviesraad van de vijf buitenlandse onderzoeksinstituten, waaronder KNIR, protesteerden tegen deze plannen. De per 1 augustus aftredende directeur, de Utrechtse hoogleraar Italiaans Harald Hendrix, zag de plannen van Groningen als een ‘degradatie’ van het instituut.

Volgens het persbericht staat het NWIB positief tegenover het openstellen van de wetenschappelijke instituten met extra activiteiten. De beherende instelling, in dit geval de RUG, kan extra activiteiten initiëren en die „staan open voor deelnemers vanuit alle NWIB-instellingen”. De RUG zegt door te gaan met het uitvoeren van de eigen plannen met het KNIR.

Petitie

Minou Schraven, universitair hoofddocent kunstgeschiedenis aan de Universiteit van Amsterdam, verzamelde met een petitie meer dan 2500 handtekeningen van tegenstanders, onder wie 133 hoogleraren. In de petitie wordt de angst uitgesproken dat de RUG het KNIR „tot een algemene buitenland-campus” degradeert. Schraven heeft ook twijfels over de tekst van de vacature en interpreteert het persbericht als instemming met het beleid van de RUG. „Het is zo geschreven dat iedereen blij de zomer in kan. Het zal dus pas in de komende maanden duidelijk worden wat de plannen van de RUG behelzen. Ik moet er niet aan denken dat er twee werelden ontstaan binnen het KNIR”.

Van Galen van de RUG zegt blij te zijn met het resultaat: „We hebben het van tevoren afgestemd en het is in goed overleg gegaan. Het was een beetje een storm in een glas water”, zegt hij. Interimdirecteur Sterken „heeft ook een groot netwerk in de Nederlandse universiteiten”, aldus Van Galen. Er komt een Groningse operationeel directeur in Rome voor de praktische ondersteuning en er wordt nagedacht over een Groningse wisselleerstoel in Rome.

Update Dit stuk is op 4 juli om half twaalf geactualiseerd: de tekst van de gepubliceerde vacature voor hoogleraar directeur wekte nieuw wantrouwen.