NIOD onderzoekt rol gemeente Amsterdam in Tweede Wereldoorlog

Tweede Wereldoorlog De collaboratie van het hele Amsterdamse gemeentelijk apparaat is tot nu toe „fragmentarisch en onvolledig” onderzocht.

De eerste joden worden op transport gezet in het centrum van Amsterdam.
De eerste joden worden op transport gezet in het centrum van Amsterdam. Foto ANP

Er komt een onderzoek naar de rol van de gemeente Amsterdam tijdens de Tweede Wereldoorlog. Op verzoek van burgemeester Femke Halsema (GroenLinks) verdiept het NIOD, het instituut voor oorlogs-, Holocaust- en genocidestudies, zich in de bijdrage van het gemeentelijk apparaat aan de repressie en vervolging van Amsterdamse burgers door de Duitse bezetter.

Dit maakte burgemeester Halsema woensdag bekend. Ze vindt dat die bijdrage tot nu toe onderbelicht is en wil dat de gemeente „een zo groot mogelijke transparantie” betracht over het ‘foute’ verleden. Driekwart van de ongeveer 75.000 Amsterdamse Joden werd tijdens de oorlog gedeporteerd naar vernietigingskampen. De Duitse bezetter kreeg hierbij hulp van de politie, ambtenaren en gemeentelijke diensten.

Er zijn de afgelopen jaren verschillende deelstudies verschenen over Amsterdam in de oorlog, onder meer over de rol van de politie en het onterecht terugvorderen van erfpacht aan Joodse huiseigenaren die terugkwamen uit de concentratiekampen.

Toch is de collaboratie door het gemeentelijk apparaat als geheel tot nu toe „fragmentarisch en onvolledig” onderzocht, aldus het NIOD.

Rol van het GVB

Aanleiding voor het onderzoek is recente ophef over de rol van het Gemeentelijk Vervoerbedrijf (GVB) bij het deporteren van Joodse Amsterdammers. Nadat de Nederlandse Spoorwegen eind vorig jaar besloten tot financiële compensatie aan de Joodse gemeenschap, liet ook het GVB weten „een aanpak” te willen „bedenken om met het eigen oorlogsverleden om te gaan”. Ook wil het Amsterdamse bestuur dat er onderzoek wordt gedaan naar de rol van Sociale Dienst bij het uitzenden van Joodse arbeiders naar werkkampen.

Lees ook: Vragen blijven na toezegging NS compensatie slachtoffers WOII

Het NIOD wil onder meer kijken naar de rol van de burgemeester en wethouders tijdens de oorlog. Na de Februaristaking in 1941 werd de zittende burgemeester Willem de Vlugt door de Duitsers ontslagen en vervangen door de collaborateur Edward Voûte. Ook kwamen er pro-Duitse wethouders. Zij kregen „feitelijk de status van hoofdambtenaar”, aldus het NIOD. Alle politieke partijen waren tijdens de bezetting verboden, behalve de pro-Duitse NSB.

Het NIOD doet eerst een voorstudie van zes maanden. Die moet vervolgens resulteren een „breed onderzoek” naar het Amsterdamse bestuur in de periode 1930-1950.