Journalist Peter Breedveld vervolgd wegens belediging: ‘Ik trek alle registers open’

Persvrijheid Journalist Peter Breedveld (Frontaal Naakt) moet maandag voor de strafrechter verschijnen. Hij wordt vervolgd wegens belediging van een Twitter-opponent.

Journalist Peter Breedveld van Frontaal Naakt.
Journalist Peter Breedveld van Frontaal Naakt. Jos Lammers/Hollandse Hoogte

„Het gaat over zijn hoofd”, zegt journalist Peter Breedveld. Hij refereert aan het hoofd van Hans Konings, een twitteraar die hem het online leven zuur maakte en die naar de politie stapte toen Breedveld in een column op zijn website Frontaal Naakt naar hem uithaalde. Breedveld schreef in maart vorig jaar: „Een beetje een kindermisbruikershoofd heeft-ie wel. Hij ziet er uit als het archetype van de valse, laffe, achterbakse NSB’ende pederast, wil ik eigenlijk zeggen”. Het OM besloot hem strafrechtelijk te vervolgen wegens belediging. Maandag staat Breedveld voor de rechter.

Joris van Hoboken, hoogleraar informatierecht in Brussel, is verbaasd over de strafzaak: „Schokkend. Het is ingrijpend om de overheid tegenover je te hebben. Zeker bij journalisten moet de overheid zich terughoudend opstellen. De persvrijheid is in het geding. Het werk kan je onmogelijk worden gemaakt uit vrees voor vervolging.”

Breedveld werkt als redacteur bij Ad Valvas, het blad van de Vrije Universiteit in Amsterdam. Frontaal Naakt doet hij er onbetaald bij, sinds 2005. Breedvelds felle toon en antiracisme roepen weerstand op. Al jarenlang wordt hij, vooral op Twitter, persoonlijk aangevallen. Twitteraar Konings begon Breedveld in 2011 verbaal te bestoken. Breedveld: „Het was elke dag raak met racistische, seksistische en islamofobe bagger. Hij probeerde mij en mijn vriendin zo hard mogelijk te raken.” Dieptepunt was een sneer naar zijn vriendin, de schrijver Hassnae Bouazza, toen zij in rouw was na de dood van haar moeder. Breedveld: „Dat hakte er enorm in.”

Breedveld probeerde, naar eigen zeggen, aangifte te doen als het hem te gortig werd, maar de aangifte werd volgens hem niet opgenomen, of hij werd van het kastje naar de muur gestuurd. Dus toen ramde hij dat stuk eruit. Breedveld: „Het wil wel eens helpen iemand voor het voetlicht te brengen.” Het stuk gaat overigens niet alleen over Konings’ hoofd, voegt hij toe: „Ik wil laten zien wat er gebeurt als je je uitspreekt tegen racisme, islamofobie en slechte journalistiek.”

Juist schokkende uitingen zijn beschermd

Voor een rechter, denkt Van Hoboken, is die achtergrond van zeven jaar aanvallen op Twitter irrelevant. „De vraag is of het legitiem is om deze persoon op deze manier aan te pakken. Het is een persoonlijke aanval. Daar zit de zwakte in de zaak.” Volgens de hoogleraar heeft Breedveld zijn podium als journalist gebruikt tegen iemand die geen publiek persoon is. „Hij heeft een persoonlijk conflict in de openbaarheid gebracht. Sociale media zijn ook openbaar, maar vluchtiger dan een column. Hij chargeert, gebruikt stijlfiguren en de vrijheid van meningsuiting geeft het recht om de grenzen op te zoeken, maar bij publieke personen kom je er makkelijker mee weg.”

Tegelijkertijd hebben journalisten juist door hun vak ook de verantwoordelijkheid zorgvuldig met hun podium om te gaan. Breedveld vindt dat hij dat heeft gedaan: „Ik vind het zelf heel grappig geschreven, ik begin ingetogen maar werk toe naar een absurdistische climax. Ik trek alle registers open om mijn lezers te engageren.” Tijdens het verhoor door de politie, in oktober vorig jaar, werd hem verweten dat hij Konings voor pederast had uitgemaakt. Breedveld: „Dat doe ik natuurlijk niet, ik ben niet gek. Ik schrijf: ‘Hij ziet eruit als het archetype van’; dat is iets anders.”

Van Hoboken stelt dat de vrijheid van meningsuiting juist ook schokkende meningen beschermt en dat stijlfiguren als zodanig moeten worden erkend. „Wat mee zal spelen in de beoordeling door de rechter, is het publieke belang. Breedveld gebruikt zijn podium en status als journalist maar stelt hij ook iets aan de kaak? Ik denk van wel: hij vraagt aandacht voor jaren online treiteren en hoe daar niets tegen is gedaan.”

Nederlandse journalisten worden zelden strafrechtelijk vervolgd om hun werk. In 2015 overkwam het de Alkmaarse journalist André Hoogeboom, ook met als aanklacht belediging: vrijspraak. In 1995 columnist Theodor Holman, ook wegens belediging: ook vrijspraak. Cineast en columnist Theo van Gogh, verschillende keren in jaren tachtig en negentig, allemaal wegens belediging: één keer veroordeeld, zes keer vrijgesproken.