Recensie

Recensie Muziek

The Fatal Flowers schitteren voor het allerlaatst in Paradiso

Rock Na een hiaat van 29 jaar pakte de legendarische Amsterdamse gitaarband de draad op met een spraakmakende tournee en explosieve optredens. Aan het eind namen hun tienjarige troonpretendenten het heft in handen.

Richard Janssen tijdens het slotconcert van The Fatal Flowers in Paradiso, 28 juni 2019.
Richard Janssen tijdens het slotconcert van The Fatal Flowers in Paradiso, 28 juni 2019. Foto Tammy van Nerum
    • Jan Vollaard

Weten wanneer het tijd is om de handdoek in de ring te gooien is voor veel rockbands een onmogelijke opgave. The Rolling Stones en Golden Earring staan na vijftig jaar nog steeds op het podium; ze zullen pas ophouden te bestaan als bandleden er dood bij neervallen. Voor het Amsterdamse rockfenomeen The Fatal Flowers was het nooit een vraag wanneer hun tijd was gekomen. In 1990 stopten ze ermee, na zes vruchtbare jaren die een prachtig afgerond oeuvre van vier albums hadden opgeleverd. De rek was eruit en de grote doorbraak was er nooit gekomen, ondanks goede kritieken in Amerika en een bescheiden hitsingle in de vorm van de Nederpopklassieker ‘Younger Days’ („have sailed with the tide”).

Richard Janssen en Geert de Groot tijdens het slotconcert van The Fatal Flowers in Paradiso. Foto Tammy van Nerum

Al die jaren knaagde het aan zanger/gitarist Richard Janssen, drummer Henk Jonkers, gitarist Robin Berlijn en bassist Geert de Groot dat er een te abrupt einde aan was gekomen. In 2002 was er een halfslachtige reünie bij verschijning van een verzamelalbum, maar hun kracht lag op het podium en er zat nog één mooie tournee in een band die steeds vaker als „legendarisch” of „beste Nederlandse rockband ooit” werd omschreven. In de afgelopen maand speelde het viertal, aangevuld met toetsenman J.B. Meijers als vervanger voor de in 2009 overleden Cor Willemse, veertien festival- en cluboptredens waarbij de onderlinge chemie tot grote hoogte werd opgeklopt.

Na een hiaat van 29 jaar klonken The Fatal Flowers beter dan ooit, luidden de berichten uit Hellendoorn, Weert en Groningen waar het publiek werd betoverd met gitaarrock van het hoogste niveau. Twee shows in Paradiso maakten het af en vrijdag was daar het brok-in-je-keelmoment van de allerlaatste gelegenheid om de herboren Flowers in actie te zien. In een sterke setlist lag de nadruk op het laatste, door Bowie-gitarist Mick Ronson geproduceerde album Pleasure Ground (1990) waarop deze bezetting met de toen nog piepjonge Robin Berlijn zijn artistieke climax bereikte. Vanaf het priemende intro van ‘How Many Years’ maakten de in elkaar gehaakte snerpgitaren van Janssen en Berlijn duidelijk dat het de Fatal Flowers menens was. ‘Some Day’ en de Roxy Music-cover ‘Both Ends Burning’ brachten Paradiso in extase: hier stond een band van wereldklasse.

Robin Berlijn (links) en Richard Janssen. Foto Tammy van Nerum

Bijzonder boeiend was de manier waarop het materiaal van het album Johnny D. Is Back opnieuw tot leven werd gebracht. Dit conceptalbum over de opkomst en ondergang van een charismatische rocker leek toepasselijker dan ooit, in explosieve songs als ‘The Dance’ en ‘Rock and Roll Star’. Na het beste Nederlandse rockintro ooit van ‘Younger Days’ liet de zinderende opbouw van ‘Nowhere To Lay My Head’ horen hoe Fatal Flowers de dynamiek introduceerden van muziek die in een parallel universum door Pixies en Nirvana groot werd gemaakt.

Na een sympathiek gastoptreden van bassist en mede-oprichter Marco Braam voerden The Fatal Flowers een ijzersterke symbolische daad uit. Op het podium verschenen Sue, Nina, Wiel en Jan, muzikantenkinderen van tien jaar jong die de instrumenten overnamen om het nummer ‘Dear Friends’ tot een goed en jeugdig einde te brengen. De nieuwe generatie nam het heft in handen en The Fatal Flowers verlieten het toneel met de koppen omhoog, missie volbracht.

Sue, Nina, Wiel en Jan sloten het laatste concert van The Fatal Flowers af met het nummer ‘Dear Friends’. Kijk hier. Foto Tammy van Nerum