VVD-kroonprins Klaas Dijkhoff wil het volk verheffen

Profiel Klaas Dijkhoff Lang bestond op het Binnenhof twijfel of Klaas Dijkhoff de ambitie had om Rutte op te volgen. Die twijfel is weg. De VVD-fractievoorzitter is een belangrijke speler in de coalitie en stuurt aan op een nieuwe partijkoers. Inclusief rekeningrijden.

Klaas Dijkhoff tijdens het najaarscongres van de VVD.
Klaas Dijkhoff tijdens het najaarscongres van de VVD. Lex van Lieshout/ANP

Tot nu toe píekerde de VVD er niet over, maar Klaas Dijkhoff doorbrak deze maand het taboe: hij wil nadenken over een vorm van rekeningrijden. Glad ijs voor de liberaal – de VVD is dé partij van autorijdend Nederland. Zelf noemt de VVD-fractievoorzitter het logisch. Hoe meer mensen overstappen op elektrische auto’s, zegt hij, hoe minder ze tanken en hoe minder accijnzen er binnenkomen. „Je moet een manier vinden om ook elektrische rijders hun fair share te laten betalen.”

Is dit dezelfde man die bekendstaat om stoere taal waarmee hij graag en snel lijkt te willen scoren? De man die een tijdje Klaas ‘Proefballon’ Dijkhoff werd genoemd? Zo bepleitte hij een demonstratieverbod tijdens de Sinterklaasintocht. En hij stelde voor crimineel gedrag in probleemwijken twee keer zo zwaar te bestraffen. Kansloze voorstellen, was het verwijt, bedoeld om aandacht te trekken en de VVD een rechts profiel te geven. Hij dreef er – ook dat is Dijkhoff – zelf de spot mee: bij het VVD-congres in november liet hij vijfhonderd blauwe ballonnen op. Toch is het contrast tussen het rekeningrijden en de proefballonnen minder groot dan het lijkt: in beide gevallen gooit Dijkhoff een steen in de vijver en kijkt hij wat er gebeurt. De man die vrijwel zeker Mark Rutte opvolgt als VVD-partijleider is niet bang om te provoceren.

NRC volgde Klaas Dijkhoff (38) anderhalf jaar. Bij drie partijcongressen, drie uitslagenavonden na verkiezingen, grote Kamerdebatten en zijn ‘stand-up politics’-toer. NRC vergezelde hem tijdens bezoeken aan probleemwijken in Arnhem, Slotervaart en Mechelen. Ook spraken we mensen in zijn omgeving en diverse keren met Dijkhoff zelf.

Daaruit rijst een beeld dat verder gaat dan de stoere en onverschillige man voor wie hij vaak wordt aangezien. Dijkhoff is een van de kurken waar het kabinet-Rutte III op drijft. Hij denkt daarnaast serieus na over een nieuwe koers voor de VVD, waarbij hij ideeën opwerpt die zeker niet klassiek liberaal zijn.

Ook zijn methode is onorthodox. Avond aan avond gaat hij naar, in zijn woorden, „zaaltjes met lelijke plafonds met lauwe koffie” waar hij net zolang naar VVD-leden luistert tot hij zelf ongemakkelijk wordt van zijn eigen zwijgen. Hij staat daar maar, terwijl een moderator met een microfoon de zaal rondgaat en het publiek hem over alle denkbare onderwerpen ondervraagt. Hij houdt zich stil, fronst diep, en schrijft af en toe iets op in zijn zwarte blocnote.

Niet alleen bitterballen, s.v.p.

Al voordat hij in de herfst van 2017 aantrad als fractievoorzitter van de grootste regeringspartij, had Dijkhoff bedacht dat de VVD zichzelf opnieuw moest uitvinden. Na jaren regeren was het VVD-verhaal sleets geworden. Hij wilde wel een voorzet doen. „Alleen vertellen dat de premier het zo goed doet, vind ik een te beperkte taakomschrijving.” Dat was ook zijn boodschap toen hij, in het voorjaar van 2018, zijn eerste speech hield als fractievoorzitter op het voorjaarscongres in Papendal. Wat onwennig op het podium, zijn spiekbriefjes stijf vastgeklemd, zei Dijkhoff: „We kunnen zeggen: fantastisch, we zijn de grootste. Ga bier halen, bestel bitterballen! Maar dat is mij te makkelijk. Dat we de grootste zijn, brengt alleen maar meer verantwoordelijkheden met zich mee. En volgens mij hebben we als partij nog veel te doen.”

Er volgt een verhaal over het beschermen van „onze waarden” en het opkomen voor „de mensen van wie wij thuis vroeg zeiden: goed volk”. Hij wil de „wederkerigheid” terugbrengen in de samenleving. Een bijstandsuitkering nodig? Prima. Maar hij hekelt het „anonieme systeem”, waarbij je naar een loket gaat, een formulier invult en na een tijdje geld op je bankrekening krijgt. „Dat is wel geld van andere mensen.” En dus hoort daar een maatschappelijke tegenprestatie tegenover te staan. „Het is geven en nemen.”

Zo liberaal zijn Dijkhoffs standpunten niet altijd. Dit voorjaar presenteerde hij Liberalisme dat werkt voor mensen. In het ‘discussiestuk’ van veertien kantjes kiest hij nadrukkelijk voor de middenklasse en breekt hij met de liberale traditie om op te komen voor de rijken en het bedrijfsleven. Die rijken mogen wel even worden overgeslagen als het gaat om lastenverlichting, vindt Dijkhoff. En, ja, tot die rijkeren rekent hij ook zichzelf, zegt hij op het podium bij het VVD-festival, half juni in Aalsmeer. „Ik heb niet mezelf voor ogen in de zin van: goh, die heeft een steuntje in de rug nodig.” Over bedrijven is Dijkhoff kritisch. Zij zouden meer aan de samenleving moeten denken dan aan hun eigen gewin.

Lees het interview met Dijkhoff na zijn plan voor probleemwijken: ‘Ik wil niet aan de ketting van Rutte III’

Ook in het zwaar bekritiseerde plan voor probleemwijken nam hij al afstand van het klassieke liberalisme. Maar het plan paste in de nieuwe VVD die hij voor ogen had, zei hij in een interview in NRC. In het verleden richtte zijn partij zich volgens hem te veel op het liberalisme als heilige methode: bij het einddoel van integratie hoort bijvoorbeeld dat je als vluchteling zelf je taalcursus regelt en betaalt, anders krijg je een boete. Of het nu werkt of niet. Nu vindt hij: als het einddoel maar liberaal is. Voor hem betekent dat zo veel mogelijk vrijheid en gelijkwaardigheid in de samenleving nastreven. En voor dat doel mag je mensen best verplichten hun kinderen naar een voorschool te sturen, of Nederlands te leren.

Dijkhoff is dus moeilijk in een hokje te plaatsen. Aan de ene kant gaat zijn wijkenplan over dubbel straffen, over repressie – zeer rechts. Aan de andere kant heeft hij het over ‘verheffing’ – een sociaal-democratisch, links ideaal.

Dijkhoff zelf lijkt niet in dit soort termen te denken. In december 2018 is hij in het Belgische Mechelen om te leren over het diversiteitsbeleid daar. Aan het eind van de bijeenkomst zegt de directeur van het buurtcentrum dat hij niet de indruk wil wekken dat de aanpak „heel soft” is. Dijkhoff lacht. „De politiek is heel plat”, antwoordt hij. „Je moet altijd een kant kiezen. Als je links bent, mag je niet over repressie praten. Als je rechts bent, mag je niet spreken van verheffing. Natuurlijk moet je een harde met een zachte aanpak combineren. Maar dat mag ik niet zeggen. Ik hoor te praten over repressie en dan moet ik ruzie maken met linkse partijen.”

In gilet, een handelsmerk net als zijn baard , treedt Klaas Dijkhoff op tijdens het najaarscongres van de VVD, eind november. Lex van Lieshout/ANP

Klimaatdrammer

Ook in de coalitie merken ze: Dijkhoff kan onbehouwen zijn, maar ook uiterst constructief. Begin dit jaar veroorzaakt Dijkhoff veel heisa door in een interview in De Telegraaf D66-fractievoorzitter Rob Jetten een „drammer” te noemen en, erger nog, zijn handen af te trekken van het klimaatakkoord. De VVD wil mensen niet op „achterlijke kosten” jagen. „Je kunt mensen toch niet een Tesla in pesten?!” De coalitiepartners zijn woedend, maar bij de VVD is de tevredenheid groot. „Het beeld was dat we met onze ogen dicht achter duur klimaatbeleid aanliepen, en VVD’ers trokken dat slecht”, legt een VVD-bewindspersoon uit. „Het was nodig dat Klaas aan de noodrem ging hangen.”

Binnen de coalitie voedde vooral de suggestie van Dijkhoff dat hij het kabinet kon laten vallen op klimaatbeleid het wantrouwen. Waar was die man op uit? Er vielen harde woorden. Dijkhoff moest beloven zich niet meer zo uit te laten, maar hij had zijn punt inmiddels gemaakt.

Op andere momenten is de VVD’er van grote waarde voor de coalitie. Hij is slim, zegt iedereen in Den Haag, en lost graag ingewikkelde puzzels op. Die zijn er genoeg in een coalitie met vier partijen.

Neem het kinderpardon, begin dit jaar. Plotseling maakte het CDA, tot dan toe de bondgenoot van de VVD, een enorme draai. Tot ontsteltenis van Dijkhoff stelde het CDA voor veel meer vluchtelingenkinderen in Nederland te laten blijven. Dagen van crisisberaad volgden. In plaats van boos te blijven, besloot Dijkhoff er voor de VVD het maximale uit te halen. Op zulke momenten is Dijkhoff op zijn scherpst, zeggen mensen in zijn omgeving. Als een schaker denkt hij een paar zetten vooruit en anticipeert hij op wat anderen gaan doen. Als dít voor het CDA belangrijk is en dát voor D66, hoe pakt dat dan uit? Uiteindelijk kon een kabinetscrisis worden afgewend. Dijkhoff moest een kinderpardon slikken. Maar hij kreeg voor elkaar dat de discretionaire bevoegdheid, waarmee een bewindspersoon een afgewezen asielzoeker toch een verblijfsvergunning kan geven, werd afgeschaft. Dat had de VVD al eerder voorgesteld, maar dat was toen als proefballon afgeserveerd.

Het vertrek van D66-leider Alexander Pechtold en CDA-leider Sybrand Buma heeft Dijkhoffs positie binnen de coalitie verstevigd. De VVD’er is niet langer het jonkie, zijn nieuwe collega’s zijn net als hij dertigers. Maar hij heeft meer ervaring. Het was dan ook Dijkhoff die onlangs het initiatief nam om het regeerakkoord te verversen. Na zijn discussiestuk voor de VVD presenteerde hij er één voor Rutte III: Vertrouwen in de toekomst 2.0. Hierin kwam hij met ideeën over immigratie, overheidsfinanciën en onderwijs.

Lees de column van Tom-Jan Meeus: Het interne stuk waarmee Rutte III toewerkt naar een ververste agenda

In de VVD wordt intussen volop gediscussieerd – een debat dat de basis moet vormen voor een verkiezingsprogramma voor 2021. Binnen zijn partij oogst Dijkhoff lof voor zijn aanpak. Voor welke zaal hij ook staat, en of de vragen nu over belastingen, duurzaamheid of migratie gaan, hij heeft een antwoord. Hij staat open voor kritiek en andere ideeën. Dan zegt hij iets als: „Ik omarm het niet meteen, maar ik heb ook geen argumenten tegen. Ik zal erover nadenken.”

Dijkhoff is niet de eerste politicus die belooft naar zijn achterban te luisteren, wel de eerste die daadwerkelijk een half uur zwijgend op een podium gaat staan. Om daarna zíjn verhaal te vertellen. Voor de leden wordt op zo’n bijeenkomst duidelijk: de man van de proefballonnen blijkt inhoud te hebben. Of op zijn minst over de inhoud na te denken.