Omroepen over plan Slob: ‘Niemand gelooft in NPO Regio’

Omroephervormingen Het omroepplan van Slob is een slecht compromis, vinden de directeuren van de omroepen. „Het gaat ten koste van de kwaliteit.”

Bijna 15.000 mensen kwamen naar de EO Jongerendag, eind mei in Ahoy’, Rotterdam. Een omroep als de EO heeft een meer uitgesproken profiel en trouwere leden dan bredere fusieomroepen.
Bijna 15.000 mensen kwamen naar de EO Jongerendag, eind mei in Ahoy’, Rotterdam. Een omroep als de EO heeft een meer uitgesproken profiel en trouwere leden dan bredere fusieomroepen. Foto Dirk Hol/Novum

De publieke omroepen reageren gematigd negatief op de plannen van minister Slob (Media, CU), zoals hij die uiteenzette in zijn mediabrief van 14 juni. Sommige directeuren noemen het een „vaag samenraapsel”, zonder duidelijke visie. Andere zien wel een visie, maar ook dat Slob nieuwe problemen creëert.

Over het belangrijkste punt – geen reclame meer voor 20.00 uur – zijn de omroepdirecteuren negatief. Ze vinden het een ‘halfwassen’ compromis: geen volledig verbod, maar ook geen volledige compensatie van de verwachte 60 miljoen inkomstenverlies. EO-directeur Arjan Lock, hier als voorzitter van het College van Omroepen (CvO): „Slecht idee. De politiek heeft niet de moed gehad om echt een stap te zetten.” De directeuren vrezen de nieuwe bezuiniging van minstens 20 miljoen euro. De omroep zegt in de programmering te moeten snijden. Lock: „Dit politieke compromis gaat ten koste van de kwaliteit.”

Regioplan is ouderwets

En het plan jongerenzender NPO 3 om te bouwen tot NPO Regio? Lock: „Niemand gelooft in een zender met louter regionale programmering.” De omroepen willen graag meer aandacht aan de regio besteden, ook in samenwerking met de regiozenders, maar dan wel verdeeld over de drie zenders. Lock vindt Slobs regioplan ouderwets: „Dit is denken vanuit de zender, terwijl je vanuit de programma’s moet denken. Eerst bepalen welke programma’s je nodig hebt. En dan pas waar je ze neerzet. Daarom moet er meer ruimte komen om met budgetten tussen tv en online te schuiven. Meer naar online is noodzakelijk”. De omroepen betreuren het wegvallen van NPO 3 als „kraamkamer” en als platform om jongeren te bereiken. Verder vinden ze dat de politiek zich niet met de inhoud moet bemoeien.

Lees ook het interview: Minister Slob: ‘Het mooist zou zijn, helemaal geen tv-reclame’

Bij veel van Slobs plannen is onduidelijk welk doel ze dienen. Zo daalt het minimum aan omroepleden, maar moet tegelijk het lidmaatschap duurder worden (nu 5,72 euro). Ook wordt het garantiebudget – wat de omroepen ten minste krijgen – anders verdeeld onder de omroepen, ten koste van de grote fusie-omroepen.

Lock kan veel van die schijnbare losse flodders echter in samenhang plaatsen. De minister wil, volgens Lock, dat de omroepen zich meer onderscheiden als vertegenwoordigers van een bepaald geluid uit de samenleving. Door de nivellering van het garantiebudget wil Slob omroepen stimuleren zich beter te profileren. Hierbij hoort dat zij ook aantonen dat ze een duidelijke band hebben met hun achterban, via maatschappelijke organisaties en leden. Dat moeten dan wel échte leden worden, die er niet bijzitten omdat het weinig kost of omdat je een gids krijgt. Vandaar de verhoging van de contributie. Tegelijk ziet de minister dat het hebben van veel leden niet meer zo van deze tijd is. Daarom verlaagt hij de ondergrens en zoekt hij naar andere manier om maatschappelijke relevantie te meten.

Leden moeten meer betalen

Dit alles kan niet voor alle omroepen even gunstig uitpakken. Een grote, brede omroep als KRO-NCRV heeft een minder duidelijk profiel dan bijvoorbeeld de EO. Als profilering meetelt, is de laatste in het voordeel. En over het duurdere lidmaatschap: omroepen als EO en VPRO hebben trouwe leden die nu al graag wat meer betalen. Jan Slagter (Omroep MAX) vreest dat zijn achterban, die deels van AOW leeft, de verhoging niet kan betalen. „Een oudere vrouw zei tegen mij: als ik mijn lidmaatschap betaal, moet ik de kapper een keer overslaan.”

Over één ding zijn de omroepen te spreken: met zijn plan geeft Slob hen meer vrijheid. Ze zijn straks niet meer gebonden aan tv- en radiozenders, en mogen meer webvideo gaan maken. De losse omroepen zijn straks vrijer om hun programma’s en merken uit te venten. Ze mogen hun programma’s bijvoorbeeld op YouTube tonen of aan Netflix verkopen.

Lock: „Het plan van Slob gaat echt de goede richting op, bijvoorbeeld dat er meer ruimte komt voor online. Daarom baal ik ervan dat er politieke compromissen in zitten die het geheel niet helpen, en dat hij er geen volwaardig budget tegenover stelt.”