Opinie

Goesting

Hugo Camps

Alejandro Valverde heeft voor twee jaar bijgetekend bij Movistar. Pas op zijn 41ste zal hij een punt zetten achter zijn imposante carrière. De gelukzaligheid van de pedaalslag is sterker dan de slijtage van het lichaam. Goesting om te koersen is zijn levenselixer. Valverde is een voorbeeld voor het peloton. Oudjes haken nu later af en jonkies werpen zich steeds vroeger in klassiekers en rondes. U moet niet verwonderd zijn als straks de 22-jarige Colombiaan Egan Bernal de Tour wint. De renner van Ineos deklasseerde de concurrentie in de Ronde van Zwitserland, zijn kopmanschap voor de Tour de France wordt door niemand betwist. Hij is op dit moment de beste klimmer van de meute. Tijdrijden kan hij ook.

Nederlandse renners die sterven van de goesting voor het fietsen zijn wat schaarser. Ik zie Tom Dumoulin niet tot zijn 41ste in het zadel zitten. Robert Gesink misschien, als hij blessurevrij blijft. Laurens ten Dam kan de eerste bejaarde worden van het Nederlandse cyclisme, maar dan moet hij zijn hang naar barbecues in Texas bedwingen. Terug naar een prutje, Laurens! Een juskuiltje maken lukt wel.

Hoe zou het nog zijn met de goesting van Tom Dumoulin? Zet hem naast sprinter Dylan Groenewegen en je hebt een halve dooie naast een draaiorgel. Tom heeft nooit echt goesting. Pas in de laatste week van een grote Ronde verzoent hij zich met zijn lot: stribbelen en sterven. Dan schiet hij als een pijl door het zwerk en ontstaat op de fiets een wonder van aerodynamica en design. In de nazit wordt hij grappig. Hij is een volleerde prof, maar kraaiend over de meet komen, zoals Groenewegen, is er niet bij. Koersen blijft werken.

Dumoulin is ook nog een halve intellectueel die weleens naar een museum gaat. Of een boek leest. Zijn comfortzone wordt eerder door André Rieu afgebakend dan door Michael Matthews. Het heilige moeten zit niet in zijn DNA.

Dumoulin haalt de veertig niet als coureur. En Wilco Kelderman ook niet. Op een dag zullen ze hun mooie boomgaard missen in het huiselijke landschap en knijpen ze de remmen dicht. Mede onder druk van de aanstormende jonkies die rijp zijn om de fakkel over te nemen. Wat Wout Van Aert de laatste tijd laat zien, is van een verpletterende superioriteit. Massasprint en tijdrit in de Dauphiné, Belgisch kampioen tijdrijden, wellicht straks vrijbuiter in de Tour. Alle sores om zijn contractbreuk bij zijn vorige sponsor zijn weggefietst met daverende successen. Na het veld staat ons nu ook op de weg een gigantische clash te wachten tussen Wout Van Aert en Mathieu van der Poel. Beiden zijn in leeftijd Ajacieden. Jongens die nog stuiteren van de goesting.

Zo’n oude knar als Alejandro Valverde die de klikpedalen aanbindt en dan met het uur steeds grauwer wordt van de onbedwingbare goesting naar een finalejump, is bijna een existentiële ervaring. Je ziet alleen nog liefde, geld is ver weg. Dat uitgesproken sprookje ontbreekt in het Nederlandse cyclisme. Joop Zoetemelk was de laatste die van geen ophouden wilde weten. De combinatie van ervaring en klasse zoals het bij Ajax is uitgetekend, heeft het wielrennen ook nodig. Een Lasse Schöne en Frenkie de Jong in een vluchtgroep. Weg met de scheidslijn tussen jong en oud. Ik had Valverde graag bij Jumbo-Visma of Sunweb gezien. Man van bewapening en motivatie tot de dood erop volgt. Pelgrim in goesting.

Hugo Camps is journalist, columnist en schrijver.