Merlijn Doomernik

Nick Clegg: ‘Facebook is geen Darth Vader’

Nick Clegg De voormalige Britse vicepremier Nick Clegg is nu lobbyist voor Facebook. Aan hem de taak na een lange reeks schandalen het vertrouwen in het techbedrijf terug te winnen. „Leg ons regels op.”

De stap van Westminster naar Silicon Valley maak je niet onopgemerkt. Zeker niet als je Nick Clegg heet, ex-vice-premier bent van het Verenigd Koninkrijk en nu wereldwijd verantwoordelijk voor Facebooks beleid over kwesties als dataprivacy en betrouwbaarheid. „Alsof je lippenstift op een varken smeert”, schreef een boze Facebook-criticus. Anderen verwijten de idealistische politicus te vallen voor het grote geld. Maar Nick Clegg zag een missie voor zichzelf: de wereld ervan overtuigen dat internet nieuwe regels vergt en dat Facebook – dat verguisde Facebook – die kar gaat trekken.

Sinds acht maanden werkt Nick Clegg bij het machtige techbedrijf. Facebook telt 2,4 miljard gebruikers en ligt onder vuur na een reeks privacyschandalen. Ook zijn er vraagtekens over de manier waarop extremisme en desinformatie via het sociale netwerk verspreid kunnen worden. De Amerikaanse overheid wil een onderzoek naar mogelijk machtsmisbruik van Facebook, in Europa zijn zorgen over de massale concentratie van persoonlijke data en de ambitie om van Facebook en dochters Instagram en WhatsApp één groot netwerk te maken. Daar komen de ambitieuze plannen voor een wereldwijde digitale munt, de Libra, nog eens bij.

Facebook belooft de controle op de Libra uit handen te geven, maar toezichthouders zijn voorzichtig. Facebook kwam zijn beloftes al vaker niet na. De gebruikers maakt het niet uit – zij blijven inloggen op het netwerk – maar Clegg moet beleidsmakers er wel van overtuigen dat Facebook verandert.

Iedereen wil toch advertenties zien die zo relevant mogelijk zijn? 

Met Clegg haalde Facebook-oprichter Mark Zuckerberg voor zijn wereldomvattende netwerk een kosmopoliet in huis. De 52-jarige Brit is het kind van een Nederlandse moeder en een half-Russische vader, en heeft een vleugje Duits bloed. Hij spreekt vijf talen vloeiend. Als hij wisselt tussen perfect Engels en perfect Nederlands is het alsof de nasynchronisatie wordt omgeschakeld.

Clegg is wat Zuckerberg niet is: eloquent – zeker geen techneut. Als kersverse speler in het veld kleven er geen Facebook-schandalen aan hem en hij hoefde zich nog niet te verdedigen in het Amerikaanse Congres.

Clegg groeide op in Buckinghamshire, op het platteland in de buurt van Oxford. Al toen hij tien jaar was crosste hij op de motor van zijn vader. Illegaal, zeker? „We reden door de bossen, niet op de openbare weg.”

Hij is in zijn hart altijd een plattelandsjongen gebleven, zegt Clegg terwijl hij over Het Plein in Den Haag beent. Hij komt van een gesprek met minister Kasja Ollongren van Binnenlandse Zaken. Ze is van D66, dat tot dezelfde bloedgroep behoort als de liberaal-democratische partij waaraan Clegg leiding gaf. Het gesprek ging over politieke advertenties en manieren om het internet te reguleren. Want dat is de nieuwe Facebook-boodschap: geef ons regels.

De Brexitmythe

Sir Nick geeuwt. Eerst koffie graag. Met melk, veel melk. Zijn Europese tour is intensief. Eerst was hij in Londen, om voor de BBC-radio de vermeende invloed van Facebook op het Brexit-referendum af te doen als een mythe. „Er is geen bewijs dat Rusland het referendum beïnvloedde of dat de gestolen data van Cambridge Analytica invloed hadden (schandaal waarbij de data van 87 miljoen mensen zonder hun toestemming werden gebruikt voor politieke campagnes, red.). We hebben het twee keer onderzocht.”

Opmerkelijk, want Clegg had als overtuigd remainer graag geloofd dat de uitslag van het referendum het werk was van een kwade genius. „In werkelijkheid is het Britse volk al jarenlang eurosceptisch en zijn mensen meer beïnvloed door traditionele media dan door de nieuwe media.”

Sinds Cambridge Analytica en beïnvloedingspogingen van Russische trollen, zijn politieke advertenties verdacht en loert nepnieuws overal. Bij de laatste Europese verkiezingen deden zich, zo lijkt het, geen noemenswaardige problemen voor. „Zie je wel dat we leren,” zegt Clegg.

In Berlijn hield hij een dag eerder een toespraak waarin hij Facebooks advertentiemodel verdedigde en het gebruik van de data die daarvoor nodig zijn. „Iedereen wil toch advertenties zien die zo relevant mogelijk zijn?” 

Hij pareert de kritiek van Apple-baas Tim Cook, die Facebook ervan beschuldigt misbruik te maken van persoonlijke gegevens. Betaalde diensten als die van Apple zijn volgens Clegg „duur” en „exclusief” in tegenstelling tot Facebook. „Je zult mij niet horen beweren dat Facebook een charitatieve instelling is. We maken veel winst. Maar ons model heeft het effect dat arme mensen in ontwikkelingslanden onze diensten gratis kunnen gebruiken. En dat is een belangrijk effect.” 

Clegg opereert vanuit Menlo Park, het plaatsje in Silicon Valley waar het hoofdkantoor van Facebook staat. Hij fietst er in een kwartiertje heen. Clegg werkt nauw samen met Mark Zuckerberg en operationeel directeur Sheryl Sandberg.

Zijn voorganger, Elliot Schrage, vertrok nadat er onder zijn toezicht pr-bedrijven waren ingehuurd die probeerden een Facebook-criticus zwart te maken. Zulke praktijken zijn verleden tijd, zegt Clegg. „Facebook heeft een bladzijde omgeslagen, Het bedrijf is heel anders dan twee jaar geleden, en al helemaal dan vijf jaar geleden.”

Mist u de politiek?

„Er zijn verrassende overeenkomsten met de politiek. Mijn werk is heel gevarieerd – ik ga over beleid, van databescherming tot anti-terrorisme, van haatdragende berichten tot nepvideo’s. En er is dezelfde hoeveelheid kritiek en scepsis. Logisch, want Facebook is aanwezig op alle gevoelige plaatsen van onze levens, die van onze kinderen en van de samenleving. Controverse is onvermijdelijk.”

Is de macht van Facebook te vergelijken met die van een overheid?

„Mensen denken dat ik machtiger ben bij Facebook dan als vicepremier van het Verenigd Koninkrijk. Onzin. Bij Facebook nemen we geen beslissingen over oorlog en vrede, en bepalen we niet wie er belastingvoordeel krijgt. Dit soort jonge bedrijven heeft enorm snel aan invloed gewonnen, maar verlies je niet in de retoriek. Ze besturen geen landen, ze nemen geen beslissingen…”

Zo makkelijk als hij wisselt van taal, zo handig wisselt Clegg van perspectief. De ene keer is hij de buitenstaander die werkt bij een techbedrijf, de andere keer spreekt hij namens de hele internetsector, of verdedigt hij specifiek het belang van Facebook. Vorig jaar maakte Clegg nog een reeks podcasts met als titel Anger management, waarin hij sprak met Margrethe Vestager, de eurocommissaris voor mededingingszaken die Facebook een boete gaf van 110 miljoen euro omdat het de EU onvolledig informeerde over de overname van WhatsApp.

Wist u, toen u Vestager sprak, al dat u naar Facebook ging?

„We waren al wel in gesprek maar ik had nog niet definitief toegezegd. Aanvankelijk dacht ik helemaal niet dat ik bij Facebook zou gaan werken. Totdat ik me begon af te vragen hoe we de spanningen kunnen wegnemen tussen sociale media als Facebook en de maatschappij.”

Luisteren Zuckerberg en Sandberg naar uw ideeën of moet u hun strategie uitvoeren?

„Ben je gek. Ik ben 52. Ik was vice-premier van Verenigd Koninkrijk. Ik ga niet voor de lol 8.000 mijl naar Californië reizen. Er zijn genoeg andere dingen die ik zou kunnen doen. Natuurlijk was het Marks en Sheryls beslissing om mij de baan te geven maar het was een discussie van twee kanten. Anders zou ik het nooit gedaan hebben.”

Vergde het moeite hen te overtuigen?

„Nee, Mark en Sheryl begrijpen de ethische, politieke en sociale gevolgen van hun werk. Facebook moet de leider zijn in Silicon Valley die vráágt om regels voor internetbedrijven, in plaats van regels te weerstaan. Dat vinden onze concurrenten niet leuk. Die zeggen: Clegg en Facebook zijn wanhopig.”

Laten we wat mogelijke regels doornemen die aan Facebook kunnen worden opgelegd. Moet het bedrijf zijn algoritmes openen voor toezicht?

„Het idee dat er één algoritme ergens in een gesloten kluis in Menlo Park ligt, klopt niet. Een algoritme an sich betekent niets, het is de interactie tussen jouw online gedrag en dat van je vrienden die de rangorde bepalen van berichten in je nieuwsoverzicht. We werken met wetenschappers samen om vooroordelen in algoritmes tegen te gaan. En we willen zo open mogelijk zijn, daarom hebben we recent de functie ‘waarom zie ik dit?’ toegevoegd aan je nieuwsoverzicht.”

Nog een regel: Zuckerbergs macht moet worden ingeperkt. Hij gaat over de communicatiemiddelen van eenderde van de wereldbevolking.

„Dit bedrijf wordt door de oprichter geleid en diens persoonlijkheid en voorkeuren hebben een grote invloed. Maar dat is niet verboden. Mark weet dat hij, gezien de omvang en de complexiteit van Facebook, een hoop beslissingen moet overlaten aan mensen om hem heen. Ik werk bijna elke dag met hem samen en zie dat hij meer tijd besteedt aan dataprivacy en andere gevoelige sociale onderwerpen dan aan andere zaken.”

Een andere regel: vertraag live video’s om te voorkomen dat het systeem wordt misbruikt, zoals gebeurde bij de aanslag in Christchurch.

„Mensen die dat voorstellen, denken dat je een miljoen mensen in dienst kunt nemen om naar alle video’s te kijken en zo dat probleem te stoppen. Je kunt met live-streams niet omgaan als met een gewone tv-uitzending.”

Je zou Facebook toch als een mediabedrijf kunnen reguleren?

„We zijn geen mediabedrijf maar een socialemediabedrijf. De inhoud op het platform moet aan de wet voldoen, en aan onze eigen eisen. Maar het is duidelijk geen mediabedrijf, dat zijn eigen inhoud autoriseert. Mark Zuckerberg, godzijdank, autoriseert niets.”

Kortom: Facebook zegt regels te willen, maar die moeten ook weer niet te streng zijn. Liever tuigt het bedrijf een eigen commissie op die moeilijke beslissingen neemt. Neem een recente nepvideo waarin de Amerikaanse politica Nancy Pelosi dronken lijkt. Mark Zuckerberg liet deze week weten dat hij ander beleid voor zulke filmpjes overweegt, maar bij voorkeur besteedt Facebook dat soort besluiten in te toekomst uit aan een te ontwikkelen ‘oversight board’, een raad die als een ombudsman beslissingen van Facebook over controversiële inhoud kan terugdraaien of juist bevestigen. Eind dit jaar moet de oversight board in werking treden.

Facebook stak volgens Clegg de afgelopen twee jaar 3,5 miljard dollar in zaken als databeveiliging en bestrijding van nepnieuws, en nam 30.000 mensen aan om het netwerk op te schonen. Dat levert weer klachten op van moderatoren die getraumatiseerd raken door de dagelijkse dosis misbruik en geweld.

Er is een plan B: een geheel versleuteld chatnetwerk van Facebook Messenger, WhatsApp en Instagram waarbij het bedrijf geen zicht heeft op de inhoud, en dus ook niet kan ingrijpen. De verspreidingssnelheid van chatnetwerken is kleiner dan een semi-publiek netwerk als Facebook. Daardoor blijft de schade die berichten met een giftige inhoud veroorzaken ook beperkt, is het idee.

U schildert Facebook af als een 15-jarige die jeugdzondes heeft begaan en nu opgroeit. Vraagt Facebook ook om vergiffenis?

„Ik laat religieuze termen liever over aan de priesters en kerkgangers. Maar het vertrouwen in Facebook is ernstig beschadigd en het duurt jaren om het vertrouwen terug te winnen. We willen open zijn over onze manier van werken, van algoritmes tot verdienmodellen. Dat gaat verder dan wat de rest van de techwereld wil. We vinden het volledig terecht dat de maatschappij, overheden, journalisten en commentatoren in de toekomst nieuwe beperkingen… (hij schakelt plots vanuit Engels over naar Nederlands, en zegt met klem) …nieuwe grenzen opleggen aan de ruimte waarin bedrijven als Facebook opereren. Iedereen wil dat technologie de maatschappij dient, en niet andersom.”

Dus u bent niet overgestapt naar de ‘dark side’?

„Dit is geen Star Wars-aflevering. Facebook is geen Darth Vader. In de toekomst zal blijken dat Facebook bevrijdende technologie biedt die miljoenen mensen in staat stelt zich uit te drukken zonder dat hen wordt verteld wat ze moeten zeggen door machthebbers, religieuze leiders of kranten.

„Als je technologie bouwt op een schaal als de onze, komt het kwaad ook aan de oppervlakte. Maar het idee dat technologie al onze problemen veroorzaakt, is net zo dom als het idee dat technologie het antwoord is op al onze problemen. En nog even over die dark side: mensen die hier werken hebben er geen enkel belang bij om van sociale media een woedende, gepolariseerde, vervuilde plek te maken. Onze gebruikers houden er niet van.”

Toch blijft die ‘dumb fucks’-opmerking van Zuckerberg steken. Op zijn negentiende verbaasde hij zich erover dat mensen zo idioot konden zijn om hun data aan hem toe te vertrouwen.

„Ik denk dat jij en ik vroeger ook een hoop domme dingen hebben gezegd.”