‘Tata aan de Noord’ is gewend aan onzekerheid

Alblasserdam Al weken verkeren de 300 werknemers van FN Steel in onzekerheid: wat gebeurt er met de fabriek nu de Britse eigenaar in de problemen zit?

De fabriek van FN Steel in Alblasserdam. Door de surseance bij British Steel zijn de 300 arbeidsplaatsen onzeker geworden.
De fabriek van FN Steel in Alblasserdam. Door de surseance bij British Steel zijn de 300 arbeidsplaatsen onzeker geworden. Foto Peter Hilz/HH

Als de ongeveer driehonderd werknemers van FN Steel in Alblasserdam één ding zeker weten, dan is het wel dat je in de staalwereld nooit zekerheid hebt. Buurman Nedstaal ging in 2016 na een doorstart alsnog failliet, en ook FN Steel kent een geschiedenis van ontslagaankondigingen: goede jaren wisselen verlieslatende jaren voortdurend af.

Maar dat eigenaar British Steel in surseance zou raken, dat kwam erg onverwachts. De laatste tijd ging het in Alblasserdam juist goed. Onder Britse vlag werden na lastige jaren in 2017 weer zwarte cijfers geschreven (precieze cijfers zijn niet bekend). Ook British Steel als geheel maakte dat jaar na een moeilijke periode weer winst. Maar het succes bleek eind mei opeens fragiel: het bedrijf moest uitstel van betaling aanvragen vanwege Brexit-onzekerheden en lastige marktomstandigheden zoals overcapaciteit.

Dat deed voornamelijk pijn bij de meer dan vierduizend werknemers in het Verenigd Koninkrijk, maar ook bij twee fabrieken in Noord-Frankrijk en dus ook in Alblasserdam. British Steel, eigendom van investeringsmaatschappij Greybull, kocht die laatste locatie in 2017 van een andere investeringsmaatschappij: een groot gevaarte aan de rivier de Noord, niet te missen voor wie over de enige brug Alblasserdam vanuit het westen nadert. Als een soort mini-Tata Steel van donkere schoorstenen en bakstenen bedrijfshallen domineert het samen met de enorme luxejachtwerven de skyline van het stadje. Uit de fabriek rolt dagelijks het draadstaal waar de Duitse auto-industrie – onder andere – veren van maakt.

Lees ook over de fabrieken in Frankrijk: Ascoval likt zijn wonden na weer een tegenvaller

Voorlopig nog wel. Een maand na de surseance hebben de werknemers nog geen idee over de toekomst van hun ‘vergeten’ fabriek: waar er in Frankrijk nationale aandacht is voor de vestiging aldaar, is die voor FN Steel zeer gering. „De Engelse curator heeft in een schrijven op 24 mei bevestigd dat er voorlopig niks verandert in de arbeidsrelatie”, zegt FNV-vertegenwoordiger Marry van der Stel. „Er zou een verkoopproces worden gestart met ‘continuïteit als leidraad’. Die raadselachtige boodschap is het laatste dat wij gehoord hebben.”

Zonnige verhalen

Toen Greybull de fabriek overnam – er was net een verlies gedraaid van 10 miloen – ging het volgens haar allemaal nog heel anders. „In eerste instantie waren de verhalen na de overname uitermate zonnig”, zegt Van der Stel. „Er zou geïnvesteerd gaan worden, en ruw staal kon nu geleverd worden vanuit de Engelse fabrieken in plaats vanuit Duitsland. Het was allemaal in kannen en kruiken.”

De werknemers zijn na de eerste schrik inmiddels wat gelaten over de situatie. „Ik hoor nu vooral: we hebben dit vaker meegemaakt, we zijn aan de onzekerheid gewend.”

Volgens de Financial Times zijn er verschillende overnamekandidaten voor (delen van) British Steel. Opvallend: ook Greybull zou een bod hebben gedaan op de ‘continentale’ delen van British Steel. Staalfabriek Ascoval in het Noord-Franse Valenciennes zou dan het ruwe product kunnen leveren waar FN Steel draden van maakt, in plaats van de Engelse fabrieken. Ascoval werd vlak voor de problemen losbarstten bij British Steel door Greybull met hulp van de Franse staat aangekocht, maar valt buiten de surseance. Of deze constructie – die de woede van de Britse vakbonden heeft opgeroepen – het redt, is nog niet duidelijk. Gevraagd naar een reactie verwijst FN Steel naar British Steel. Dat wil niet reageren en verwijst weer naar de faillissementsdienst van de Britse overheid, die alleen laat weten dat er een verkoopproces loopt. Een woordvoerder van Greybull zegt ook niet te kunnen reageren op het verkoopproces.

In het ergste geval verliest Alblasserdam voor de tweede keer een grote staalfabriek. Drie jaar geleden ging Nedstaal al failliet, een ongeveer even grote leverancier van staal, direct naast FN Steel gelegen. Beide ondernemingen waren tot 1999 één geheel, maar werden vervolgens door de toenmalige eigenaar opgesplitst. Het einde van Nedstaal kostte uiteindelijk ruim tweehonderd mensen hun baan.