Hof tegen censusplan Trump

Hooggerechtshof Trump wilde, zo zei hij, met een censusvraag fraude bij het stemmen voorkomen. Het Hooggerechtshof ging daar niet in mee.

Betogers donderdag voor het Supreme Court, wachtend op de uitspraak.
Betogers donderdag voor het Supreme Court, wachtend op de uitspraak. Foto JIM LO SCALZO/EPA

Met twee uitspraken op één dag heeft het Supreme Court belangrijke regels vastgesteld voor de Amerikaanse verkiezingen. Donderdag oordeelde het hooggerechtshof eerst dat gerrymandering, kiesdistricten hertekenen om er politiek voordeel te halen, een politieke en geen juridische kwestie is. Een uur later zette het hof een voorlopige streep door het voornemen van president Trump om aan de vragenlijst voor de volkstelling van volgend jaar, basis voor de verkiezingen van het komend decennium, een vraag toe te voegen over burgerschap.

Politiek gezien werden zo winst en verlies over beide partijen verdeeld. Republikeinen zijn voor het opnemen van de burgerschapsvraag in de volkstelling. Democraten uit North Carolina en Republikeinen uit Maryland hadden bezwaar aangetekend tegen praktijken van gerrymandering.

De grenzen van kiesdistricten hertekenen gebeurt door de partij die in een staat in de meerderheid is, in een poging de kansen van de tegenstander te minimaliseren. Een meerderheid van vijf conservatieve tegenover vier progressieve rechters van het hof wil aan deze praktijken geen wettelijke beperkingen stellen. Opperrechter John Roberts stelt dat „overmatige partijdigheid bij het tekenen van de districten leidt tot uitkomsten die redelijkerwijs als onrechtvaardig kunnen worden aangemerkt”. Maar, schreef hij, de oplossing ligt niet bij landelijke jurisprudentie.

De progressieve rechter Elena Kagan ziet het anders. „De aan ons voorgelegde praktijken brengen het democratisch systeem in gevaar”, schreef zij. Zonder een leidende uitspraak van het Supreme Court blijven de lagere rechtbanken van geval tot geval beoordelen of gerrymandering leidt tot onrechtmatige bevoordeling van een partij of een groep.

Lees ook: Stemmen win je in de VS ook op de tekentafel

Stembusfraude

President Trump wilde heel graag een vraag over burgerschap in de volkstelling. Hij zegt hiermee de kans op stembusfraude te willen verkleinen. Democraten denken dat er iets anders achter zit. Volgens hen is de vraag of de inwoner in kwestie ook staatsburger is, bedoeld om het aantal getelde inwoners omlaag te brengen, met name in migrantengemeenschappen.

Democraten vrezen dat wie geen staatsburger is of verwant is aan mensen zonder geldige verblijfspapieren, minder geneigd is deel te nemen aan de volkstelling als zij moeten aangeven of ze staatsburger zijn. Zodoende zou de volkstelling op minder mensen uitkomen dan daadwerkelijk in een staat wonen. En dat heeft weer consequenties voor het kiesstelsel.

Staten krijgen kiesmannen toebedeeld naar gelang het aantal inwoners, en niet: kiezers. Dit systeem beschermt en bevoordeelt dunbevolkte staten. Als een volkstelling resulteert in een fikse verandering ten gunste van dichter bevolkte gebieden – de oost- en westkust en grote metropolen – helpt dat de Democratische Partij; die heeft daar de grootste aanhang. Omgekeerd zouden de Republikeinen profiteren van een volkstelling waar de dunbevolkte gebieden relatief sterk uitkomen.

Een meerderheid van het Supreme Court deelt de achterdocht over de burgerschapsvraag. Opperrechter Roberts schrijft dat de argumenten van de regering hiervoor het hof voorkomen als „bedacht”.