Opinie

    • Auke Kok

De slavernij als businessmodel

Auke Kok

Met een zelden vertoonde gretigheid maakte de gemeenteraad bekend dat de stad excuses gaat aanbieden voor haar slavernijverleden. Wat de precieze rol van de stadsbestuurders is geweest in de slavernij weet nog niemand, maar dat doet er niet toe. Het gemeentelijk pardon zal er komen. Fascinerend toch? Eerst uitzoeken en dan pas kijken of excuses op zijn plaats zijn, zou je zeggen, maar nee, de raad heeft met ruime meerderheid besloten: Amsterdam wil per se als eerste Nederlandse gemeente sorry zeggen. Voor de onderbouwing ervan zullen wetenschappers gaan zorgen.

Nu heb ik laatst de show ‘Het Amsterdam Verhaal’ gezien en als ik van verteller Lebbis iets heb begrepen is het dit: de rode draad in de geschiedenis van onze stad is geld verdienen. Zou die vlieger ook nu weer opgaan? Wie weet. De slavernij bracht geld in het laatje dus de herinnering eraan misschien ook wel. En, als je er goed over nadenkt, zou de donkere zijde van VOC en WIC wel eens de zo gewenste betere toeristen naar Amsterdam kunnen lokken.

Het aantal geëngageerde, hooggeschoolde buitenlanders dat zich nu al langs door slavernij besmette plekken laat vervoeren zal kunnen verveelvoudigen. Kwestie van de city marketing een beetje bijstellen. En als onze ‘weggemoffelde’ slavernij eenmaal vakkundig is blootgelegd, zal de kassa gaan rinkelen. Inderdaad, zeg ik in een oprisping van cynisme: opnieuw.

Met ons kneiterlinks college wordt verantwoord toerisme de norm, let maar op

Met ons kneiterlinks college wordt verantwoord toerisme de norm, let maar op. Zet de keurige wachtenden voor het Anne Frank Huis af tegen het lallend budgetvolk op de Wallen en de conclusie is helder. Schuld brengt goed volk binnen de poorten. Kijk maar naar Berlijn. Wat daar aan historische schandvlekken wordt verdiend, dat kunnen wij ook. Berlijn leeft zo ongeveer van de Vergangenheitsbewältigung. Je kunt er geen hoek omslaan of ergens wordt een slaatje geslagen uit het feit dat Hitler of Goebbels er een sigaretje heeft staan roken. Het Holocaustmonument en het Joods Museum zijn trekkers van jewelste.

Die markt zal ook hier kunnen groeien, want er staat veel op stapel. Nu slavernij hot is, zijn overal slimme jongelui doende met promotieonderzoeken naar het belang ervan voor Hollands welvaren. De uitkomst laat zich raden, zo bleek ook deze week weer: de slavernij had, modern gezegd, superveel impact op onze economie. Dat is slecht nieuws voor ons zelfbeeld maar goed nieuws voor de gidsen, city tours en hotelhouders. Tel alle studies en exposities die ophanden zijn bij het Rijksmuseum, VU, Tropenmuseum, ISSG en aanverwante instanties bij elkaar op en je begrijpt dat de hoeveelheid zondeplekken in Amsterdam de komende jaren explosief zal toenemen. Grachtenpanden van slavendrijvers, vergaderruimten van koloniale bestuurders, voormalige handelshuizen vol slavensuiker: allemaal locaties waar bovenmodale Amerikanen en Japanners naartoe zullen willen, met alle prettige gevolgen voor de verkoop van toegangskaarten, ritjes per elektro-taxi en vegetarische snacks van dien.

De toekomst is aan het slavernijverleden. Vraag dat maar aan onze gemeenteraad.

Auke Kok is schrijver en journalist.
Lees ook: Gemeente Amsterdam wil excuses aanbieden voor slavernijverleden