De klusjesmannen van Limburg

Geen provincie helpt zoveel ex-politici aan betaalde klussen als Limburg. Daarbij worden aanbestedingsregels overtreden en de gedragscode geschonden, blijkt uit onderzoek van NRC en De Limburger. „Als iemand in plaats van wachtgeld wil werken, mag dat niet?”

Ger Driessen, ex-gedeputeerde voor het CDA in Limburg. „Verwend worden is mooi, maar op eigen benen staan ook.”
Ger Driessen, ex-gedeputeerde voor het CDA in Limburg. „Verwend worden is mooi, maar op eigen benen staan ook.” Foto Stefan Koopmans

Voor het panorama-raam op de achtste verdieping staat een luie stoel onder een bananenboom. Ger Driessen houdt kantoor in een toren even ten noorden van Venlo. Het zicht reikt tot Eindhoven vandaag, over het vlakke land vol varkensstallen. In die stoel, zegt hij, mag hij graag liggen.

Driessen (66) zet koffie voor zijn gasten, al wil dat niet meteen lukken. „Ik heb andere tijden gekend”, zegt hij lachend, verwijzend naar de twaalf jaar dat hij voor het CDA gedeputeerde van de provincie Limburg was. Toen volstond één telefoontje naar de bode. „Verwend worden is mooi, maar op eigen benen staan ook.”

Na zijn afscheid begon hij Ger Driessen Advies BV. Op een dag hing zijn opvolger, gedeputeerde Ger Koopmans, ook CDA, aan de lijn. Of hij „een klus” wilde doen voor de provincie.

Koopmans zocht een nieuwe directeur voor het provinciale bedrijf dat varkensstallen vervangt door woningen. ‘Ruimte voor ruimte’ heet het project. Driessen had het in zijn tijd als gedeputeerde zelf opgezet. „We hadden een mestprobleem, boeren moesten saneren. Dus kochten we stallen, sloopten die en bouwden huizen.”

Destijds had Driessen als gedeputeerde een van zijn voorgangers de directeursbaan bij het bedrijf bezorgd. Een openbare vacature was er niet. Driessen, met twee kopjes koffie in de hand: „Hij was de beste man voor die opdracht.” Een paar jaar later bezorgde Driessen dezelfde baan aan een andere gedeputeerde wiens ambtstermijn erop zat. Driessen: „In mijn ogen weer de beste man voor de job.” En in 2017 gaf gedeputeerde Koopmans de baan dus op zijn beurt aan Ger Driessen Advies BV. Andere bedrijven mochten niet meedingen naar de opdracht. Driessen was de beste „gezien zijn kennis, ervaring en netwerk”, schrijven Gedeputeerde Staten – het dagelijks bestuur van de provincie – in hun besluit.

Luister ook naar onze podcast NRC Vandaag: De vriendenrepubliek Limburg: hoe de provincie zijn eigen regels overtrad

De Vriendenrepubliek

Limbabwe, Palermo aan de Maas, de Vriendenrepubliek. Een reeks affaires bezorgde Limburg midden jaren negentig een dubieus imago. Media en justitie ontmaskerden tientallen sjoemelende politici en ambtenaren. Negen burgemeesters, wethouders en ambtenaren kregen voorwaardelijke celstraffen, geldboetes of taakstraffen voor corruptie en valsheid in geschrifte.

De affaires legden een politieke cultuur bloot met een intensiever informeel circuit, regels die net iets buigzamer zijn dan in de rest van Nederland. Het heeft van doen met de geschiedenis van de provincie, het diepgewortelde groepsgevoel en de afstand tot Den Haag. Alleen al door de excentrische ligging – met veel omringend buitenland – zijn de kringetjes van mensen die het regelen in Limburg kleiner dan elders.

De politiek beloofde daarna orde op zaken te stellen. Geen achterkamertjes meer, maar gedragscodes, strengere aanbestedingsregels, integriteitscursussen en transparante besluiten. En inderdaad, zo donker als in de jaren negentig was het daarna niet meer.

Natuurlijk, er waren nog affaires. Zoals toen gedeputeerde Herman Vrehen ontslag nam na het aannemen van een „vriendendienst” van een bedrijf. Of toen oud-burgemeester Ricardo Offermanns een taakstraf kreeg voor zijn aandeel in een affaire waarin de Roermondse wethouder Jos van Rey voor corruptie veroordeeld werd. Of toen dijkgraaf Toine Gresel vertrok nadat bleek dat hij als adviseur op de loonlijst stond van een bedrijf dat opdrachten kreeg van zijn waterschap.

Deining in het parlement

In juli 2016 ontstond deining in het Limburgs Parlement, zoals Provinciale Staten zichzelf noemen. Gedeputeerde Staten hadden zojuist de namen bekend gemaakt van de nieuwe voorzitters van de Limburgse landschapsparken: Herman Vrehen, Ricardo Offermanns en Toine Gresel, aangevuld met oud-gedeputeerde Bert Kersten.

Gedeputeerde Patrick van der Broeck (CDA) had het achter de schermen geregeld. Kersten herinnert zich hoe hij door hem werd gebeld: „Of ik voorzitter van een park wilde worden. Hij zei niks over Vrehen, Offermanns en Gresel. Daarna zag ik mijn naam in dat rijtje staan. Ik voelde mij gepiepeld.” Kersten liet zich toch benoemen.

Statenleden veroordeelden de „achterkamerbenoemingen”. PvdA-fractievoorzitter Jasper Kuntzelaers kwam met een motie – gesteund door het parlement – voor een „open en transparant selectie- en benoemingsproces”, waarbij vacatures openbaar zijn, en functie-eisen vooraf helder.

„Ik wilde de benoemingen uit het schimmige halen”, zegt Kuntzelaers terugblikkend in zijn fractiekamer in het provinciehuis. Hij kent de geschiedenis van deze provincie. „Het voelt als een netwerk dat bestuurders – zeker hen die in opspraak zijn geraakt en moeilijk te bemiddelen zijn – weer van een baantje voorziet. Daar heb ik moeite mee, zeker als het niet transparant gebeurt.”

Sindsdien is de rust terug in het Limburgs Parlement. De afspraken zijn helder: selectie en benoemingen moeten transparant zijn. Gedeputeerde Staten publiceren jaarlijks een lijst met namen van ex-bestuurders die opdrachten kregen of benoemd zijn. Maar als leden van het parlement de afgelopen jaren bijbehorende dossiers wilden inzien, gold strikte geheimhouding. Ze mochten geen kopieën, foto’s en aantekeningen maken.

Ik wil leuke dingen doen

De klus met de stallen kreeg Ger Driessen een jaar ná de motie-Kuntzelaers. Hoe belandde gedeputeerde Koopmans destijds bij Driessen? In zijn kantoor op de achtste verdieping trekt Ger Driessen een nadenkend gezicht. „Mmm, nou ja, ik zag dat andere ex-gedeputeerden baantjes kregen en ik niet. Dus zei ik tegen de gedeputeerden en de gouverneur: ‘De beste laten jullie zitten’ en ‘Ik wil leuke dingen doen’.”

Het leverde hem nóg een klus op. Driessen mocht iets doen aan de omgeving van de A76, een autoweg in Zuid-Limburg. „Ik heb er een visie voor de héle regio van gemaakt. Prachtig plan waar tot nu toe helaas niets mee is gedaan.”

Voor deze opdracht schoof de provincie het selectiebureau van voormalig CDA-bestuurder Jos Houben ertussen. Houben is niet alleen partijgenoot, maar ook een bekende van Ger Driessen. Houben bekeek à raison van 12.000 euro twee serieuze kandidaten, van wie zich er een spontaan terugtrok. Toen bleef Ger Driessen Advies BV over. Houben: „Ik kende Driessen, maar hier heb ik professioneel naar gekeken. Ons werd gevraagd of we dit snel konden doen.”

Geen anti-draaideurclausule

Aanbestedingsexpert Hein van der Horst, die veel overheden adviseert, signaleert onregelmatigheden en afwijkingen in de procedures die Driessen de klussen van een kwart miljoen euro bezorgden. Zo bedroeg het totale budget voor het A76-advies vier ton – ruim boven de drempel waarop verplicht Europees moet worden aanbesteed. Van der Horst: „Dat is ten onrechte niet gebeurd. De provincie hakte de opdracht in stukjes en dat mag niet.”

Bij de opdracht voor het opkopen van de stallen blijkt een uitzonderingsclausule uit de eigen aanbestedingsregels te zijn gebruikt om geen offertes bij andere bedrijven te hoeven vragen. „Opmerkelijk is dat deze afwijking niet hoeft te worden gemotiveerd. In de regels van andere provincies staat die verplichting wel.”

Limburg heeft meer aparte regels. Neem de gedragscode bestuurlijke integriteit. Daarin ontbreekt een bepaling dat een oud-gedeputeerde het eerste jaar na de beëindiging van zijn ambtstermijn is uitgesloten van betaald werk voor de provincie. Deze ‘anti-draaideurclausule’ is gebruikelijk bij overheden, van hoog tot laag. Limburg is de enige provincie zonder zo’n verbod.

Aanbestedingsregels die niet zijn nageleefd, een gedragscode die ruimte laat voor draaideurconstructies. NRC en dagblad De Limburger deden onderzoek naar de klusjesmannen van Gedeputeerde Staten. Met een beroep op de Wet openbaarheid van bestuur (Wob) zijn bij de provincie Limburg de dossiers opgevraagd die te maken hadden met opdrachten aan en benoemingen van ex-politici tussen 2015 en 2018.

Uit de vrijgegeven informatie blijkt dat de provincie in deze vier jaar 46 opdrachten gaf aan 31 ex-politici. Daarmee was in die periode een bedrag gemoeid van bijna 2 miljoen euro inclusief btw. Dat is meer dan alle andere provincies bij elkaar. Volgens hun eigen opgave trokken die een bedrag van ruim 1,6 miljoen euro uit voor de inhuur van 67 ex-politici. Na Limburg gaf Zuid-Holland het meeste geld uit aan klussende politici (760.000 euro aan 17 personen).

Limburg schakelde voormalig ministers, staatssecretarissen, Kamerleden, een commissaris van de koning, gedeputeerden, burgemeesters en wethouders voor kleine en grote opdrachten in als ambassadeur, adviseur, kwartiermaker, directeur, programma-manager, lobbyist, ketenregisseur, commissaris of voorzitter. Van hen wil ex-senator Tof Thissen (GroenLinks) principieel géén vergoeding voor zijn adviezen op sociaaleconomisch gebied. „Ik word immers met publieke middelen al goed betaald als directeur van het UWV Werkbedrijf.” Thissen is de enige.

Onder degenen die zich wel laten betalen zijn dertien CDA’ers, acht PvdA’ers, vijf VVD’ers, twee PVV’ers, een D66’er en een SP’er. Het gaat om politici als Maxime Verhagen, René van der Linden en Frans Weekers. Het gros is Limburger, maar ook niet-Limburgers als Klaas de Vries, Joop Atsma en Wim Deetman ontvingen opdrachten. Onder de klussers zijn ook politici die hun baan waren kwijtgeraakt, al dan niet na een integriteitskwestie.

Zo iemand is PVV’er Antoine Janssen. De voormalig wijkagent verloor zijn baan als gedeputeerde nadat in 2012 de coalitie in Limburg sneuvelde. Tegen NRC zei hij vijf jaar later dat hij als zelfstandig projectmanager opdrachten misliep vanwege zijn politieke kleur. Naar eigen zeggen kreeg hij dan te horen: „We gaan het toch niet doen, omdat u een PVV-achtergrond heeft.”

Uit documenten en gesprekken met oud-gedeputeerden blijkt dat Janssen kon rekenen op steun uit het provinciehuis. Zijn PVV-achtergrond was geen belemmering om hem tussen 2015 en 2018 voor 753.181 euro aan opdrachten te geven. Met bijna twee ton per jaar is hij de bestbetaalde klusser. Aanbestedingsexpert Hein van der Horst constateert ook hier onregelmatigheden. „Bij een deel van de opdrachten zijn ten onrechte niet meerdere offertes gevraagd.”

Hulp kreeg ook Karin Straus, een Roermondse VVD’er die in 2017 de Tweede Kamer verliet. Zij werd onderwijsambassadeur om het Duits en het Frans te promoten op scholen, via een tweejarig contract. Voor een ééndaagse werkweek betaalde de provincie haar per maand 4.065 euro. Ook háár dossier was geclassificeerd, ook dit was geen open selectieprocedure en ook nu laat het resultaat zich moeilijk peilen. Straus is nu voorzitter van de Liburgse VVD-Statenfractie. In die rol moet zij het provinciebestuur controleren dat haar eerder een gunst verleende. Straus: „Dat heb ik met de gouverneur besproken. We zien er geen bezwaar in.”

Leers als stofzuigerverkoper

Of neem Luc Winants. De CDA’er nam in 2018 ontslag als burgemeester van Brunssum. Voor hem kwam er een baan als coördinator van de integratie van vluchtelingen. Dat was onderhands geregeld, bevestigen oud-gedeputeerden Daan Prevoo en Marleen van Rijnsbergen (beiden SP). „Gouverneur Theo Bovens had al met Winants gesproken. De vacature had natuurlijk publiekelijk moeten worden opengesteld. Maar het was al in kannen en kruiken”, zegt Van Rijnsbergen.

Hoe dat werkt, weet Daan Prevoo uit eigen ervaring. Nadat hij als gedeputeerde vertrok, vroeg gouverneur Bovens ook aan hem of hij behoefte had aan opdrachten. Prevoo: „Als je op dat niveau een functie hebt, wordt er goed voor je gezorgd.” Hij maakte geen gebruik van het aanbod. Bovens zegt enkel „morele steun” te hebben aangeboden.

Prevoo herinnert zich ook hoe Gerd Leers, na diens korte loopbaan als minister in het kabinet-Rutte I rondliep in het provinciehuis. Leers maakte een afspraak met de toenmalig gedeputeerde. „Ik zie hem nog binnenkomen met een tas in de hand”, zegt Prevoo. „Daar bleken folders in te zitten van een verfspecialist en een bedrijf dat huizen van tempex maakt. Onvoorstelbaar, een oud-minister die als een stofzuigerverkoper langs de huizen gaat.” Kort na het voorval benoemde gouverneur Bovens Leers als waarnemend-burgemeester van Brunssum, als opvolger van Winants.

Uit de documenten die de provincie, na het Wob-verzoek, openbaar maakte blijkt dat er ook na de motie-Kuntzelaers nauwelijks een objectieve, open selectie van kandidaten was. Veel was geheim: het keuzetraject, de betalingen, soms zelfs het werk van de klusjesmannen. Tientallen documenten dragen het stempel ‘vertrouwelijk’.

Ger en Joop zijn vrienden

Een van de geheime dossiers is dat van voormalig staatssecretaris Joop Atsma (CDA). Hij kreeg 33.042 euro als sportambassadeur. Gedeputeerde Ger Koopmans regelde de opdracht. Een collega-gedeputeerde keek mee volgens het „vier-ogen-principe” omdat „de heer Atsma een persoonlijke bekende is van de portefeuillehouder”, staat in de besluitnota. Peter van Dijk, van 2012 tot 2015 gedeputeerde (PvdA) vertelt dat „Ger en Joop” bevriend zijn, samen in de Tweede Kamer zaten, elkaar vast ook zagen bij de Ronde van Surhuisterveen, bij Joop thuis. Atsma was goed ingevoerd in de wielerwereld. Van Dijk: „Maar is het zo dat je een advies nodig hebt en dan aan Joop denkt, of is het omgekeerd? Dat kan ik ook niet zien.”

Ondanks de ‘vier ogen’ ging het provinciebestuur ook hier in de fout. Koopmans schond de eigen gedragscode door mee te besluiten over de opdracht aan zijn vriend. De code schrijft voor dat een bestuurder zich in zo’n geval „onthoudt van deelname aan de beraadslaging en de besluitvorming over de opdracht”. Volgens Van Dijk waren de klussen voor ex-politici meestal „al geregeld en afgesproken” voordat ze in de collegevergadering aan bod kwamen. Van Dijk: „Dat is een patroon. Er was weinig discussie of dit allemaal wel kon. Vooral het gebrek aan transparantie roept vragen op.”

Bourgondië van Nederland

Limburg huurde vier ex-politici in als ambassadeur. Andere provincies kennen deze functie niet. Een uitzondering is Friesland, die heeft er één: Joop Atsma. Bij het standbeeld van ‘Us Mem’ in Leeuwarden werd hij geïnstalleerd tot zuivelambassadeur.

PvdA’er Jasper Kuntzelaers begrijpt de Limburgse drang om ambassadeurs te benoemen: „Wij zijn het Bourgondië van Nederland. Daarin past een gouverneur, een gouvernement, een parlement, een buitenlands beleid, kantoren in Düsseldorf en Brussel, dialecten die we een taal noemen. Limburg creëert graag het beeld van een buitenland in het binnenland. Zo bekeken is een ambassadeur dus niet helemaal onbegrijpelijk.”

Limburg stelde Maxime Verhagen (CDA) begin 2013 aan als ambassadeur, meteen na zijn vertrek als vice-premier en minister van Economische Zaken. Verhagen (62) kreeg de klus op grond van zijn „bijzondere kennis en netwerk”. Als ambassadeur moet Verhagen vooral in China deuren openen voor Limburgse bedrijven. Hij is tevens voorzitter van brancheorganisatie Bouwend Nederland.

Maar hij is ook in het binnenland actief voor Limburg. Als uithangbord, lobbyist, commissaris en vast bezoeker van de „aspergediners” die het provinciebestuur in de Randstad organiseert.

Dat hij voor een dag als ambassadeur 1.134 euro factureert, was onbekend. In vier jaar maakte Limburg bijna 170.000 euro over aan Verhagens adviesbedrijf. Wat zijn inzet oplevert, is koffiedik kijken. Volgens het provinciebestuur is dat moeilijk meetbaar, omdat het lobbywerk lastig is te relateren aan concrete resultaten.

Gouverneur van Limburg Theo Bovens (CDA) ontvangt van oud-vicepremier Maxime Verhagen (CDA) de Gouden Asperge, voor ‘meest ondernemende en verbindende Limburger’, in mei dit jaar. Foto Reinder Weidijk

Dubbele petten van Verhagen

Wat niet verborgen blijft, is dat Verhagen dubbel incasseert. Zo brengt hij Limburg duizenden euro’s in rekening voor „gesprekken” die hij als ambassadeur heeft met VDL – eigenaar van autofabriek NedCar – terwijl hij ook bij VDL op de loonlijst staat als adviseur. Die adviesbaan kreeg hij nadat hij als minister van Economische Zaken VDL had geholpen bij de overname van de autofabriek van het Japanse Mitsubishi.

In een ander dossier, dat van de Joint Strike Fighter (F35), declareert Verhagen bij de provincie adviezen die Limburgse bedrijven aan opdrachten moeten helpen „voortvloeiend uit het contract Joint Strike Fighter”. Datzelfde doet hij bij het ministerie van Economische Zaken. Daar heeft de voorzitter van Bouwend Nederland een aanstelling van een dag per week (0,24 fte; 2.292 euro per maand) als ‘bijzonder vertegenwoordiger F35’. Zijn opdracht: bedrijven opdrachten bezorgen.

In de rapportage over zijn werk in 2013 brengt de ambassadeur voorts 6,5 dagen in rekening voor „optredens”. Een daarvan is tijdens een symposium bij het 120 jaar oude familiebedrijf Geelen in het Limburgse Neer. Verhagen was daar echter niet als ambassadeur maar als voorzitter van Bouwend Nederland, blijkt uit krantenberichten. Directeur John Geelen: „Klopt, ik heb hem via het secretariaat van Bouwend Nederland uitgenodigd.”

Over zijn ambassadeurswerk in latere jaren is weinig tot niets bekend, over concrete resultaten al helemaal niet. In de vrijgegeven Wob-documenten is veel weggelakt – volgens de provincie vanwege de vertrouwelijkheid van het lobbywerk. Sinds 2016 hoeft Verhagen helemaal niet meer schriftelijk te rapporteren over zijn prestaties. Dat gebeurt volgens de provincie nu op een „meer bij zijn functie passende wijze”, namelijk mondeling tijdens restaurantbezoek. Het contract met Verhagen is afgelopen jaren twee keer verlengd. De provincie zegt „zeer tevreden” te zijn.

Verhagen wil niet met NRC en De Limburger praten en reageert niet op toegezonden vragen. Zijn woordvoerder: „De heer Verhagen ziet niet in waarom hij hierover verantwoording moet afleggen aan iemand die niets van doen heeft met de afspraken.”

Lobbyist voor Azerbajdzjan

Grote tevredenheid maar weinig concrete resultaten. Dat geldt ook voor de inzet van ambassadeur René van der Linden (75). De oud-staatssecretaris, oud-voorzitter van de assemblee van de Raad van Europa en CDA-senator blijkt voor 116.160 euro vooral de banden te hebben aangehaald met Azerbajdzjan, naast China speerpunt van het buitenlandse economische beleid van Limburg.

Dat beleid is het product van een openlijke lobby die Van der Linden al jaren voert voor het regime van het olierijke voormalige Sovjetland waar president Ilham Aliyev met harde hand regeert. Uit onder meer ambtsberichten van het ministerie van Buitenlandse Zaken blijkt hoe de Azerbajdzjaanse elite zich verrijkt, de oppositie en vrije pers wordt onderdrukt en de mensenrechten worden geschonden.

Maar elke keer als president Aliyev door zijn bevolking weer met overweldigende meerderheid wordt herkozen, komt er een felicitatietelegram uit Limburg. De afzender: René van der Linden. De laatste keer, in 2018, schreef de ambassadeur dat hij „met veel plezier en goedkeuring” de herverkiezing had waargenomen. Aliyev mag rekenen op zijn „voortdurende steun”. De telegrammen zijn door het bureau van de president op internet gepubliceerd. Daar staat ook dat Aliyev Van der Linden de ‘Orde van Vriendschap’ toekende.

Van der Linden leidde zes Limburgse handelsmissies naar Azerbajdzjan. Vier extra vrachtvluchten per week op vliegveld Beek is ogenschijnlijk het enige tastbare resultaat. Plannen zijn er wel genoeg. Die komen onder meer van een werkgroep waarin de provincie en de European Azerbaijan Society (TEAS) zitten. De samenwerking is opmerkelijk omdat TEAS in Europa op grote schaal politici fêteert, zo bleek in 2011 uit onderzoek van Britse media. De lobbygroep is opgericht door een zoon van de Azerbajdzjaanse minister van Noodsituaties Kamaladdin Heydarov.

Van der Linden heeft geen zin om over zijn nevenfuncties te praten, zegt hij aan de telefoon. En over het regime wil hij geen kwaad woord horen. Hoe zit het met mensenrechten, corruptie en opgesloten journalisten? „Ik laat het allemaal voor uw rekening.”

Per mail voegt hij toe dat hij als ambassadeur wel meer heeft gedaan dan Azerbajdzjan. Tegelijk wijst hij erop dat Azerbajdzjan nog geen land is naar Europese standaarden, maar dat „grote vooruitgang” is geboekt. „Het is een van de meest stabiele landen in de regio.”

Koopmans schenkt koffie in

Wie wel praten, zijn gouverneur Theo Bovens en gedeputeerde Ger Koopmans. Ze ontvangen in het Gouvernement, op een eiland in de Maas in Maastricht. Een rondvaartboot drijft net voorbij. In de verte daagt de 171 meter hoge Sint-Pietersberg. Veel zuidelijker kan het niet in Nederland.

Van binnen is het Gouvernement een paleis. Overal witmarmeren vloeren en trappen. Kristal aan het plafond. Een deftige, twee verdiepingen hoge galerij biedt toegang tot de kantoren van de gedeputeerden. Tegenover de werkkamer van Koopmans hangt een galerij staatsieportretten van Limburgse gouverneurs.

Vandaag draagt Koopmans (56) een zomers colbert met kleurrijk pochet. Hij is een voormalig melkveehouder annex antiekhandelaar uit het Noord-Limburgse Velden die de politiek inging. Naast hem zit de Maastrichtenaar Bovens (59) – martiale snor, donker kostuum.

Het gesprek begint luchtig. Ze schenken zelf hun koffie in. Bovens buigt zich naar de microfoon van de recorder en zegt: „For the record: de heer Koopmans schenkt zelf zijn koffie in!”

Het gesprek zal daarna duidelijk maken dat dit eiland in de Maas zijn eigen werkelijkheid heeft. Centrale boodschap van het bevoegd gezag: het beeld van een elkaar opdrachten toeschuivende vriendenclub is volstrekt uit de lucht gegrepen.

Waarom deelt Limburg dan zoveel meer opdrachten uit aan ex-politici dan andere provincies? Dat is heel simpel, zegt Koopmans. „De sociale, economische en culturele activiteiten van dit provinciebestuur zijn veelomvattender dan die van andere provincies samen. Er is hier werk te verzetten, er zijn klussen te doen.”

Hij kijkt er serieus bij. Bovens knikt instemmend.

Het anti-draaideurartikel voor bestuurders is overigens „doelbewust geschrapt”, zegt Koopmans. Hij vertelt hoe hij in 2014 gedeputeerde werd en bijna van zijn stoel viel toen hij dat verbodsartikel las. „Zijn we nu helemaal gek! Als iemand in plaats van wachtgeld wil werken mag dat niet?”

Dan de opdracht aan oud-collega Ger Driessen, voor het afbreken van de varkensstallen. Dat was een „volstrekt heldere politiek-bestuurlijke redenering”. Koopmans zegt er nog altijd van overtuigd te zijn dat Driessen „de beste” was voor de baan.

Als het gaat over de opdrachten aan zijn vriend Joop Atsma is de stelligheid bij Koopmans even weg als hij hoort dat hij zijn eigen gedragscode heeft overtreden. Hij aarzelt, en zegt: „Het was beter geweest als ik mij in die vergadering had onthouden van stemming.” Is het vaker voorgekomen? Koopmans: „Dat sluit ik niet uit.”

Waren er bij de vacature voor de onderwijsambassadeur goede argumenten om géén advertentie te plaatsen? Bovens wijst op de kosten die bespaard zijn: „Dat begint al met een paar duizend euro voor een advertentie.” En dan heeft hij nóg een argument: „Waarom zou je de hele wereld laten solliciteren terwijl er voldoende namen op tafel liggen om te kunnen kiezen.”

Maar de motie-Kuntzelaers vroeg toch om een open selectie en om transparantie? Dat zien beide bestuurders anders. De motie vroeg enkel transparantie, geen open selectie, zeggen ze in koor. Koopmans: „We hebben nooit gezegd dat we altijd een advertentie zouden plaatsen.” Bovens: „En je maakt mij niet wijs dat het werven via een advertentie betekent dat het een open sollicitatie is – vaak is de baan dan toch al vergeven. Zoiets doen wij dus niet.”

Luister ook naar deze aflevering van onze podcastserie NRC Vandaag: De vriendenrepubliek Limburg: hoe de provincie zijn eigen regels overtrad
U kunt zich ook abonneren via Apple Podcasts, Stitcher, Spotify, Castbox of RSS.
Reageren? onderzoek@nrc.nl