NS keert tientallen miljoenen uit aan slachtoffers en nabestaanden Holocaust

In totaal kunnen 5.000 tot 6.000 mensen aanspraak maken op een tegemoetkoming voor de rol die de NS speelde bij het transport naar concentratie- en vernietigingskampen.

Kamp Westerbork. De NS gaat tientallen miljoenen uitkeren aan slachtoffers van de Holocaust.
Kamp Westerbork. De NS gaat tientallen miljoenen uitkeren aan slachtoffers van de Holocaust. Foto iStock

De Nederlandse Spoorwegen gaan “tientallen miljoenen” uitkeren aan slachtoffers en nabestaanden van de Holocaust. Dat heeft NS-baas Roger van Boxtel woensdag bekendgemaakt. In totaal zullen 5.000 tot 6.000 mensen 75 jaar na de oorlog aanspraak kunnen maken op de regeling, die op 1 augustus 2019 in werking treedt.

Het spoorbedrijf geeft daarmee gehoor aan een advies van een commissie die onderzoek deed naar een gepaste tegemoetkoming voor Holocaustslachtoffers wegens de rol die de NS heeft gespeeld bij het transport van mensen naar concentratie- en vernietigingskampen. De commissie presenteerde eveneens woensdag de uitkomsten van dat onderzoek.

Lees ook: Gebaar NS aan Holocaustslachtoffers past in deze tijd

De NS volgt een-op-een het advies van de commissie. Direct betrokkenen, zo’n vijfhonderd nog levende Joden, Roma en Sinti, krijgen een tegemoetkoming van 15.000 euro. Als het slachtoffer tijdens of na de oorlog is overleden, gaat een bedrag van 7.500 of 5.000 euro naar de weduwe, weduwnaar of kinderen. Het advies werd opgesteld door de Commissie Individuele Tegemoetkoming Slachtoffers WOII Transporten NS en staat onder leiding van voormalig burgemeester van Amsterdam en oud-staatssecretaris namens de PvdA, Job Cohen.

‘Geen compensatie, maar tegemoetkoming’

Het vinden van een gepaste regeling was volgens de commissie een lastige opgave. “Een redelijk of passend geldbedrag dat ook maar iets kan compenseren van het leed dat betrokkenen is aangedaan, valt niet te noemen”, stelt Cohen. “Er kan ook geen sprake zijn van ‘compensatie’. Het gaat om een tegemoetkoming die moet worden gezien als een moreel gebaar.”

De commissie adviseert de NS verder om een “diepgaand historisch onderzoek” in te stellen naar de precieze rol van het spoorwegbedrijf tijdens de Holocaust, om “recht te doen” aan slachtoffers die geen tegemoetkoming meer kunnen ontvangen.

In opdracht van de Duitse bezetter vervoerde de NS de slachtoffers per spoor naar Westerbork, Vught, Amersfoort of andere locaties in Nederland, waarna zij vervolgens op transport gezet konden worden naar concentratie- of vernietigingskampen in Duitsland en Polen. Onderzoek naar een gepaste tegemoetkoming werd in november aangekondigd en was een eis van Holocaustoverlevende Salo Muller, die zijn ouders verloor tijdens de Tweede Wereldoorlog.