Blok irriteert Kamer met stille diplomatie Eindhovens raadslid

Debat De Tweede Kamer wil dat Stef Blok meer doet om het Eindhovense raadslid Murat Memis uit Turkije te krijgen. De minister gelooft meer in stille diplomatie.

Minister Stef Blok (Buitenlandse Zaken, VVD) en Kamerlid Sven Koopmans (VVD) bij het debat over Murat Memis.
Minister Stef Blok (Buitenlandse Zaken, VVD) en Kamerlid Sven Koopmans (VVD) bij het debat over Murat Memis. Foto Robin Utrecht/ANP

‘Murat Memis moet vrij.’ Die zin kreeg minister Stef Blok (Buitenlandse Zaken, VVD) woensdag niet over zijn lippen. Tijdens een Kamerdebat over het Eindhovense SP-gemeenteraadslid dat sinds april Turkije niet uit mag op beschuldiging van terroristische sympathieën, verklaarde Blok dat hij zich met zo’n publieke uitspraak te veel zou bemoeien met de Turkse rechtsgang. Dat zou volgens hem alleen maar olie op het vuur gooien. De stille diplomatie, verzekerde hij echter, draait volop.

De Tweede Kamer reageerde diep gefrustreerd. Dat Nederlanders, vooral met Koerdische wortels, steeds vaker doelwit zijn van de Turkse autoriteiten wekt al langer de toorn van Kamerleden. Maar dat het ditmaal ook nog eens gaat om „onze collega-volksvertegenwoordiger”, zoals Martijn van Helvert (CDA) Memis consequent noemde, heeft de woede naar een kookpunt gebracht. Bloks collega-VVD’er Sven Koopmans sprak voor het debat tot zijn eigen verbazing op een SP-manifestatie, en riep in een rode microfoon met SP-tomaat op tot „vrijheid voor politieke gevangenen in Turkije”.

Niet vaak is de Kamer ergens zo eensgezind over. Blok was daar dankbaar voor. Hij noemde alleen al het feit dat het debat plaatsvond „een bouwsteen” bij het opvoeren van de druk op de Turkse regering. Memis werd op 30 april opgepakt vanwege kritische tweets over Turkije, zat een aantal dagen in de cel en kreeg daarna een uitreisverbod in afwachting van zijn proces. Maar Blok zag geen reden om het huidige beleid in deze kwestie – dat vooral neerkomt op veel praten achter de schermen – aan te scherpen, door bijvoorbeeld hardop de opheffing van het uitreisverbod te eisen.

Lees ook Hechtenis SP’er bedreigt periode van dooi in relatie met Turkije

Symboolpolitiek

Doet de minister te weinig? Of doet de Kamer juist te veel? Sjoerd Sjoerdsma (D66) vindt ook dat al het nodige gedaan moet worden om Memis vrij te krijgen, maar hij was ook kritisch over de opstelling van de Kamer in deze kwestie. Die gaf Blok recent, middels een SP-motie en eentje van VVD en CDA, de opdracht mee om in EU-verband het formeel stilzetten van toetredingsgesprekken met Turkije te eisen. „Symboolpolitiek”, noemde Sjoerdsma dat, omdat dit op dat moment niet op de EU-agenda stond en de onderhandelingen de facto al zijn gestopt. Bloks boodschap zou dus doodslaan.

Volgens Sjoerdsma is dat niet alleen ineffectief, maar mogelijk ook schadelijk voor de pogingen om Memis vrij te krijgen. De moties waren kortom „gratuit”, maar intussen wel gehoord door het Turkse ministerie van Buitenlandse Zaken, dat „woedend” reageerde. „De wereld luistert, en woorden leveren reacties op.”

Koopmans, een van de motie-indieners en een coalitiegenoot van Sjoerdsma, reageerde verbeten. „Ik ben geschokt”, zei de VVD’er. „De heer Sjoerdsma zegt dat we hier als Tweede Kamer onze mening niet mogen geven.” Sjoerdsma: „Ik proef bij veel collega’s dat het geduld met stille diplomatie op is en dan groeit de roep om lawaai. Dat begrijp ik. Maar maak dan wel lawaai op de juiste plek op het juiste moment.”

Lees ook ‘Nederland stelt handelsbelang boven mensenrechten’

Erdogan aanspreken

Dat moment is nog niet aangebroken, zei minister Blok. Suggesties vanuit de Kamer om de Turkse ambassadeur te ontbieden of om de Turkse president Erdogan eind deze week op de G20 in Japan specifiek over de kwestie aan te spreken – premier Rutte is daar ook – wees hij van de hand. Duitsland stelt zich volgens de Kamer veel feller op in soortgelijke dossiers, en krijgt mensen vrij. Maar volgens Blok was deze „publieke” aanpak juist niet succesvol gebleken, omdat de betrokken Duitsers uiteindelijk heel lang vast hadden gezeten. „Ik weet dus niet of het wel helpt om naar deze zaken te verwijzen”, zei de minister.

Voor Sadet Karabulut (SP) was Bloks opstelling onbegrijpelijk. „Als je constateert dat er een verdubbeling is van Nederlanders die daar vastzitten, dan is voor mij echt de grens bereikt.” Op dit moment, zo schreef het kabinet dinsdag in een brief aan de Kamer, is op „ongeveer 20 Nederlanders” een uitreisverbod van toepassing. „In afwachting van hun rechtszaak of gerechtelijk onderzoek.” Een verdubbeling ten opzichte van 2017. In veel gevallen draait de aanklacht om terrorisme.

Het is niet zo, zei Blok, dat hij geen uitspraken durft te doen „over de kwaliteit van de Turkse rechtstaat”. De minister zei dat ook hij daar „grote zorgen” over heeft. „Maar zeggen dat een rechtszaak niet mag plaatsvinden, is echt een stap verder” en kan de Turkse regering nodeloos provoceren. „Als je te zwaar geschut inzet, belemmer je een snelle thuiskomst.”

Blok vindt wel dat Memis zijn proces in Nederland zelf moet kunnen afwachten, en heeft dat ook overgebracht aan de Turkse autoriteiten. Hij beloofde ook de Kamer op achtergrondbasis tekst en uitleg te geven over zijn stille diplomatie, in de hoop dat dit de indruk wegneemt dat Nederland niets doet.