Uitreizigers in Syrische kampen steunen IS nog altijd

Dreigingsbeeld De Nationaal Coördinator Terrorismebestrijding en Veiligheid signaleert een „blijvende dreiging” van zowel terugkeerders als de jihadistische scene in Nederland.

Een vlag in de Syrische plaats Baghouz, het laatste bolwerk van IS, dat in maart viel.
Een vlag in de Syrische plaats Baghouz, het laatste bolwerk van IS, dat in maart viel. Foto Giuseppe Cacace/AFP

Uitreizigers die meevochten met Islamitische Staat (IS), en nu in Syrische kampen zitten, „blijken merendeels nog altijd overtuigd van het IS-gedachtengoed”. Dat schrijft de Nationaal Coördinator Terrorismebestrijding en Veiligheid (NCTV) in zijn nieuwste Dreigingsbeeld, dat deze maandag verscheen. Van die uitreizigers, zowel mannen als vrouwen, „gaat een blijvende dreiging uit”, bijvoorbeeld als ze terugkeren naar Nederland.

De afgelopen maanden laaide de discussie op over de mogelijke terugkeer van de uitreizigers en hun kinderen naar Nederland. Diverse Syriëgangers benadrukten afstand te hebben genomen van het gedachtengoed van IS. De NCTV schetst een ander beeld en ziet bij hen nog relatief veel aanhang voor IS. Waar de terrorismebestrijder dit op baseert, wordt niet duidelijk. In de Syrische kampen zitten nu 55 volwassenen en 90 kinderen.

Ook in Nederland zelf ziet de NCTV „een blijvende jihadististische dreiging.” Recente arrestaties onderstrepen dat. Zo werd in februari 2019 in Overijssel een 48-jarige man aangehouden die wordt verdacht van het voorbereiden van een terroristisch misdrijf. Bij hem werd een wapen met munitie gevonden.

De jihadistische scene kent volgens de terrorismebestrijder „enkele honderden jihadistische echtparen en tientallen gezinnen waarvan een ouder het jihadistisch gedachtengoed aanhangt”. De kinderen vormen op latere leeftijd mogelijk een bedreiging, schrijft de coördinator.

Gökmen T.

Het nieuwste Dreigingsbeeld is het eerste sinds de schietpartij in Utrecht, de aanslag in Nieuw-Zeeland, en de ophef rond het Cornelius Haga Lyceum in Amsterdam, waarin de NCTV zelf ook een rol speelde.

Lees ook Gökmen T. is ‘rare man’ die ‘vreemd uit zijn ogen kijkt’

Bij de schietpartij in Utrecht schoot verdachte Gökmen T. op 18 maart vier mensen dood in een tram. Twee passagiers raakten zwaargewond. Ook dit incident bevestigt volgens de NCTV de blijvende jihadistische dreiging.

De NCTV spreekt van een „vermoedelijk terroristisch motief” van de verdachte, mede gebaseerd op het „religieus getint briefje” dat de verachten bij de vluchtauto achterliet, en het – volgens omstanders – roepen van ‘Allahoe akbar’ .Wel handelde hij voor zover nu bekend alleen. De schutter was bij de autoriteiten bekend, „maar vooral als – soms gewelddadige – criminele veelpleger, mogelijk als instabiele of ‘verwarde’ persoon en niet als extremist”, staat in het Dreigingsbeeld. Volgende week maandag is de eerste pro-formazitting tegen Gökmen T.

Rechts-extremisme

In Nieuw-Zeeland schoot de Australische rechts-extremist Brenton Tarrant vijftig moslims dood in twee moskeeën in Christchurch. De aanslag op 15 maart kreeg wereldwijde aandacht. De NCTV signaleert het gevaar van kopieergedrag door ‘lone actors’ die actief zijn op internet. In georganiseerde vorm is rechts-extremisme in Nederland vooralsnog niet sterk. Ook na aanslagen in Christchurch wordt dat gekenmerkt „door fragmentatie, zwak leiderschap, persoonlijke animositeit en het ontbreken van een consistente organisatievorm”, staat in het Dreigingsbeeld.

Polarisatie

De NCTV kwam in maart in het nieuws met de publicatie van volgens de AIVD verontrustende signalen over salafistische beïnvloeding van het Haga Lyceum in Amsterdam. De NCTV sloot zich hierbij aan. Ze publiceerde een brief over het Haga „met informatie over heimelijke intenties, dubieuze connecties en activiteiten van politiek-salafistische bestuurders en aanjager op en rond de school”.

Uit een recent uitgelekt rapport van de Inspectie van het Onderwijs blijkt echter dat van de salafistische invloeden geen sprake is. Ook klaagden islamitische organisaties over stigmatisering van moslims door de AIVD.

De NCTV verwerpt deze kritiek in zijn Dreigingsbeeld en spreekt van „framing” door salafisten. „De ophef rond het Cornelius Haga Lyceum werd door prominente salafistische aanjagers geframed als aanval van de overheid op de islam”, aldus de terrorismebestrijder. „De wijze waarop en de bewoordingen waarin zowel bestuurders als salafistische aanjagers het opnamen voor het CHL, toonden in wezen waar de overheid voor waarschuwt: dat het bestuur van deze school onder leiding staat van personen die geen verbinding zoeken met de samenleving maar zich hiertegen juist afkerig en onverdraagzaam blijven opstellen.”

De NCTV vergelijkt de manier waarop radicaal-salafistische predikers in de publiciteit optreden, met extreem-rechts. „Salafisten hanteren hetzelfde conceptueel repertoire als rechts-extremistische bewegingen, als het gaat om gemeenschapsvorming op basis van een culturele identiteit, uitsluiting van de ander, afwijzing van individuele rechten, vrijheden en democratie maar ook herstel van eigen historische glorie en dromen van nieuwe oorlogen en veroveringen.”

Klimaatactivisten

De NCTV staat ook stil bij de acties van burgerlijke ongehoorzaamheid door klimaatactivisten. Ze vormden aanleiding voor inlichtingendiensten van de politie om te proberen informanten te werven binnen de klimaatbeweging, zo schreef NRC recent. Volgens de NCTV gaat het vooralsnog om relatief onschuldige bewegingen. Over Extinction Rebellion, waar ook informanten werden geworven, schrijft de NCTV: „De activistische groepering roept op tot burgerlijke ongehoorzaamheid en leden zijn bereid om gearresteerd te worden bij hun acties, maar keert zich expliciet tegen geweld. [...] De modus operandi bij Extinction Rebellion is gericht op het genereren van zoveel mogelijk media-aandacht door aansprekende protestacties.”