Opinie

Maak van goed onderwijs een academisch specialisme

Onderwijsblog Wetenschappers aan de universiteit zouden zich ook in toponderwijs moeten kunnen specialiseren in plaats van in toponderzoek, zeggen vier leden van het Comeniusnetwerk en de Jonge Akademie.

Koen Suyk/ANP

Vrijdagmiddag, een werkbespreking op de universiteit. Het vakgroephoofd vertelt enthousiast over het college van een collega dat hij gevolgd heeft om inspiratie voor zijn eigen onderwijs op te doen. Er wordt overlegd welke cursus dit jaar aan vernieuwing toe is en de hele groep draagt bij aan een levendige discussie over werkvormen. Dan is er taart, want promovenda Sara heeft gehoord dat zij na haar promotie aan de slag kan als universitair docent. Naast onderzoek wordt haar belangrijkste taak het verzorgen van excellent onderwijs: haar droombaan.

Onderwijs is een kerntaak van de universiteit, dus dit scenario zou voor academici herkenbaar moeten zijn. Maar zo is het niet en daar moet verandering in komen. Universiteiten moeten meer ruimte bieden aan wetenschappers die onderwijs tot hun hoofdtaak willen maken.

Waarom gebeurt dat niet? Omdat de basisfinanciering voor onderzoek beperkt is, moeten universitaire groepen hun broek ophouden door onderzoeksbeurzen binnen te halen. Dat lukt alleen met onderzoekers die een indrukwekkende lijst van toppublicaties hebben. In de praktijk weegt scoren met onderzoek dus veruit het zwaarst, terwijl de meeste academici onderwijs geven ook heel belangrijk vinden. Door de focus op onderzoek krijgt onderwijs echter niet de aandacht die het verdient.

Gelukkig begint hier verandering in te komen. Partijen als de Vereniging van Universiteiten VSNU en NWO werken aan een nieuw systeem van belonen en waarderen van wetenschappelijk personeel, en op verschillende universiteiten kunnen mensen al hoogleraar worden op basis van uitmuntend onderwijs. Helaas besteedt het rapport ‘De staat van het onderwijs 2019’ geen enkele aandacht aan deze ontwikkelingen. Dit terwijl de stand van het universitair onderwijs beter kan en moet. Ten eerste moet het systeem vanaf de start van een academische carrière ruimte bieden aan onderwijstalent, en ten tweede moet er een ambitieuze onderwijscultuur groeien.

Onderwijstalent behouden

Slechts een klein deel van de promovendi en postdocs houdt zich substantieel bezig met onderwijs. Hierdoor worden onderwijstalenten niet herkend of krijgen ze geen kans om zich te ontwikkelen. Vervolgens hebben universiteiten onderwijstalenten weinig te bieden na hun promotie. De baan met een focus op onderwijs die Sara ambieert, bestaat nauwelijks. En dat terwijl jonge gepassioneerde docenten rolmodellen kunnen zijn voor studenten. Bovendien kunnen promovendi en postdocs door het geven van onderwijs vaardigheden ontwikkelen die ook van pas komen bij een carrière buiten de academie. Waarom zouden universiteiten niet meer jonge academici aannemen vanwege hun onderwijstalent? Of promovendi langere contracten aanbieden, zodat zij diepgaand kennis kunnen maken met zowel onderzoek als onderwijs? Projecten waarin promovendi tijdelijk intensief onderwijs geven en hun onderwijskwalificatie behalen, zijn uiterst succesvol. Op die manier zou veel meer van ons onderwijstalent behouden blijven.

Een omslag naar een cultuur waarin onderwijs en onderzoek even hoog in aanzien staan is lastig, maar er is hoop. We zien kansen in de beweging naar ‘team science’: binnen een team is er ruimte voor differentiatie en specialisatie. Iedereen draagt bij aan onderwijs én onderzoek, maar ieder met eigen accenten. Toponderzoek versterkt immers toponderwijs en vice versa. Vakgroepleiders en bestuurders moeten onderwijsprestaties positief ter sprake brengen en belonen. Als een hoogleraar bij het college van een junior-collega aanschuift, spreekt daaruit dat je tijd mag nemen om je onderwijs te verbeteren en dat er meer telt dan alleen je volgende artikel of projectaanvraag. Regelmatig feedback geven op elkaars onderzoek is normaal; waarom zouden we dat ook niet doen met elkaars onderwijs?

Gepassioneerde docenten zoals Sara zijn hard nodig op de universiteit en er zijn er genoeg van. Maar duurzame verwevenheid tussen onderzoek en onderwijs ontstaat pas als het universitaire systeem ruim baan maakt voor onderwijstalenten als Sara.

Ilja Boor & Marc van Mil namens het ComeniusNetwerk voor het vernieuwen van hoger onderwijs.
Celia Berkers & Jeroen de Ridder namens De Jonge Akademie

Reageren

Reageren op dit artikel kan alleen met een abonnement. Heeft u al een abonnement, log dan hieronder in.