Brieven

Brieven

Illustratie
Illustratie Cyprian Koscielniak

Heel lang geloofde ik dat eenvoudige rationaliteit genoeg zou zijn om een universiteit diverser te maken. Maar de realiteit is, ook op de Universiteit van Amsterdam, waar ik werk, weerbarstiger. De UvA heeft een progressieve naam, maar is nog altijd een van de witste universiteiten van Nederland, zowel qua studenten als staf. Wanneer een nieuwe hoogleraar benoemd wordt kunt u ervan uitgaan dat de kandidaten die het niet zijn geworden in principe gelijkwaardig waren. Ja, de aanstellingcommissies werken zorgvuldig, maar de praktijk laat zien dat benoemingen van hoogleraren met een andere etnische achtergrond maar mondjesmaat plaatsvinden. Het is niet altijd kwade wil. Er wordt wel hier en daar met een duwtje geprobeerd wat aan diversiteit te doen. Maar als je kijkt naar de commotie die de redelijke voorstellen van de UvA-diversiteitscommissie, onder leiding van professor Wekker, teweeg hebben gebracht, weet je dat de weg nog erg lang is. Het zou goed zijn als de UvA keek naar het voorbeeld van TU Eindhoven, die vrouwen een periode het eerste recht van benoeming geeft. De UvA kan een vergelijkbare maatregel treffen, maar dan voor kandidaten met een andere etnische herkomst. Dat hoeft in principe niet lang te duren en zal snel geëvalueerd moeten worden. Maar als we moeten wachten op een ‘natuurlijke’ doorstroming van hoogleraren die de universiteit diverser maken, wordt het een gebed zonder end. Zoals de Surinamers zeggen: dat brengt moesje niet naar Parijs.


bijzonder hoogleraar West-Indische Letteren (UvA)