Waarom schiet de goudprijs door het dak?

Deze rubriek belicht recente ontwikkelingen op de beurs. Deze keer: goud.

Een man bekijkt goudstaven in de Zuid-Koreaanse hoofdstad Seoul.
Een man bekijkt goudstaven in de Zuid-Koreaanse hoofdstad Seoul. Foto EPA / Yonhap South Korea

De London Metal Exchange (LME) is de laatste beursvloer in Europa waar nog op traditionele wijze wordt gehandeld. Op borden verschijnen de bied- en laatprijzen, dealers zitten in een cirkel van rode leren bankjes en schreeuwen orders naar collega’s. Ook een lange traditie: het drankgebruik rondom The Ring; de metaalhandelaren staan bekend om hun stevige inname tijdens de lunch.

Maar zelfs in beschonken toestand zullen ze in Londen hebben opgekeken van de ontwikkeling van de goudprijs. Een troy ounce (31,1 gram, het gewicht van een bruine boterham) puur goud tikte deze week het hoogste niveau aan in bijna zes jaar tijd: 1.388 dollar.

Vroeger werd goud als belegging voor het worst case scenario beschouwd – wie geloofde dat het hele monetaire systeem spoedig ineen zou storten, kocht goud en sloeg dat op in een kluis. Veel beleggers zien goud nog altijd als verzekering tegen koersdalingen op de aandelenmarkt. Waar een aandeel kan reageren op slechte kwartaalcijfers, staat de waarde van goud op zichzelf.

„Je speculeert op de prijs van een stukje metaal”, zegt Ivan Moen, hoofd beleggingen bij vermogensbeheerder Optimix. „Wij zien het als verzekering. Als er onrust dreigt in de markt, ‘vluchten’ wij naar een veilige haven – naast valuta is dat onder meer in goud.” Moen ziet de goudprijs als een soort thermometer van de markt. „Hoe meer onrust, hoe groter de aantrekkingskracht van goud.”

Lees de column van Maarten Schinkel: Goud lonkt, nu de wereld versplintert

Van vluchtroute naar belegging

Sinds 2004 is het karakter van goud echter veranderd. In dat jaar werd het voor particuliere beleggers mogelijk mee te doen op de goudmarkt. Goud werd meer een beleggingsobject dan een veilige haven voor als alles foutgaat.

Volgens Georgette Boele, edelmetaalspecialist bij ABN Amro, heeft goud sindsdien een negatieve relatie met de dollar ontwikkeld. „Als de dollar stijgt, daalt de goudprijs, en andersom. Goud is ook veel gevoeliger geworden ten aanzien van de Amerikaanse rente. Een goudstaaf kent immers geen rente, maar de dollar wel. Dus als de rente daalt, zie je dat cash minder interessant wordt ten opzichte van goud.”

Het was dan ook de rente-update van de Amerikaanse centrale bank die volgens Boele de goudprijs vorige week tot recordhoogte opstuwde. „Toen de Fed liet doorschemeren dat de rente in juli misschien nog wel harder daalt dan verwacht, schoot de goudprijs naar bijna 1.400 dollar. En dat terwijl de aandelenmarkten ook een sprong maakten – en er dus geen sprake kon zijn van paniek of een veiligehaveneffect.”

Overigens leert de geschiedenis dat als écht alles fout gaat, beleggers hun toevlucht zoeken in dollars en Japanse yens – valuta die bekendstaan als veilige haven. Dit drukt volgens Boele de stijging van de goudprijs. „Maar zolang het beleggerssentiment relatief positief is en beleggers verwachten dat de rente in de VS zou kunnen dalen, zijn de vooruitzichten voor de goudprijs goed.”

Begin deze maand voorspelde ABN Amro in een rapport dat de goudprijs aan het einde van dit jaar naar de 1.400 dollar per troy ounce zou gaan. Boele lacht: „Dat niveau hebben we nu dus al bereikt. Wij gaan uit van een minder sterke rentedaling dan de markt. Daardoor verwachten we voor dit jaar nog weinig stijging in de goudprijs vanaf het huidige niveau. Als onze voorspelling niet uitkomt, kunnen we opnieuw beginnen met rekenen.”

Kortom: er liggen kansen voor de Londense metaalhandelaren, die op hun rode bankjes naar de borden turen. Al zullen ze de scherpe randjes van het vak niet langer met een borrel kunnen wegnemen. De LME maakte half juni bekend dat er voortaan geen druppel alcohol meer is toegestaan in en rond het beursgebouw.