Merlijn Doomernik

Europarlementariër Schaake (D66): ‘Ik had last van machtsmisbruik’

Interview De afgelopen tien jaar heeft Marietje Schaake (D66) geleerd dat het Europees Parlement een mannenwereld is. ‘Als ik als 29-jarige had geweten wat ik nu weet, was ik er nooit aan begonnen.’

Een paar uur na het eerste gesprek stuurt Europarlementariër Marietje Schaake (D66) een sms’je. Ze schrijft dat ze heeft nagedacht over het interview, dat ruim anderhalf uur had geduurd. Het was gegaan over haar tien jaar in het Europees Parlement, waar ze volgende maand afscheid neemt. Schaake, Europarlementariër sinds 2009, verloor eerder dit jaar de strijd om het lijsttrekkerschap van D66 van Sophie in ’t Veld. Daarop kondigde ze haar vertrek uit het Europees Parlement aan. Schaake verhuist naar de Verenigde Staten, waar ze verschillende aanbiedingen heeft, onder meer van universiteiten.

Het gesprek ging over Europese politiek, maar ook over haar worsteling: ze wilde haar werk „tastbaar en begrijpelijk” maken voor de buitenwereld, maar schrok terug voor de nadruk op het persoonlijke. „Van politiek is entertainment gemaakt. Zo vaak is me gevraagd: laat wat meer van jezelf zien, wees wat opener, treed eens op in een kookprogramma.”

Schaake wil dat niet. Ze praat nooit publiekelijk over haar privéleven. En dat valt op. „Mensen in de politiek vinden het vreemd dat ik dat niet doe.” Het interview had bij haar thuis plaatsgevonden, op een bovenwoning in het centrum van Amsterdam – dat was bij hoge uitzondering.

Het was ook – kort – gegaan over seksisme. Politiek, zei Marietje Schaake, is een plek die vaak vijandig is voor vrouwen. Zeker als ze jong zijn. En de nadruk op entertainment, op de buitenkant, heeft dat volgens haar verergerd. „Ik heb afstand gecreëerd. Dat was nodig. Ik heb er goed aan gedaan, zo kon ik me wapenen tegen seksisme en het klein maken van vrouwen, wat ik dagelijks om me heen zie. Politiek is een moeilijke plek voor vrouwen, zelfs nu nog.”

Na enige aarzeling wilde Schaake daarover doorpraten, schreef ze. On the record. Het aanroeren van seksisme of seksuele intimidatie in de politiek is riskant, zeker als je het in je eentje doet. „Als je iets zegt over incidenten met mensen met een publiek profiel, kleeft dat voor altijd aan je. Ik heb me er daarom bewust nooit openbaar over uitgelaten, hoewel het wel is gebeurd.”

In de film- en tv-wereld, de wetenschap en muziek wordt, zeker sinds de opkomst van de #MeToo-beweging in 2017, gediscussieerd over de grenzen van het toelaatbare, of over man-vrouwverhoudingen. In de politiek, waar mannen domineren, blijft het thema vrijwel onbesproken.

Enkele dagen later zit Marietje Schaake op een terras in Den Haag. Natuurlijk, zegt ze, zijn er initiatieven als Stem op een Vrouw, en stimuleren politieke partijen vrouwen zich te kandideren. „Daar ben ik blij mee. Maar seksisme en seksuele intimidatie zijn daarmee niet weg. We moeten onder ogen zien dat dat bestaat, anders slaan we een stap over. Als ik het al ga verbergen uit een gevoel van schaamte en ontkenning, dan breken we daar nooit doorheen.”

Invloedrijk

Marietje Schaake (40) groeide de afgelopen jaren uit tot een van de zichtbaarste Nederlanders in Brussel. Op de ranglijst van belangrijkste Europarlementariërs van de afgelopen vijf jaar plaatste website Politico haar op plek 17. Ze profileerde zich op internationale thema’s als vrijhandel en de relatie met de Verenigde Staten. Toen ze begon, geloofde Schaake nog in een groot en eensgezind Europa, dat tot een machtige geopolitieke speler zou uitgroeien. „Tien jaar geleden zag ik een gemeenschappelijk buitenlands beleid nog dichterbij komen. Europa zou steviger worden. Ik zag overal hoopvolle stappen.”

Gaandeweg zag Schaake dat het Europese verhaal niet alleen over vooruitgang gaat. „In Europa zijn we te naïef en te verdeeld”, zegt ze. „Europese landen laten zich uit elkaar spelen door Rusland, China en de Verenigde Staten.” Politiek, zegt Schaake, moet daarom niet alleen gaan om grote idealen, maar ook om concrete veranderingen. „Met alleen activisme heb ik niks”, zegt ze.

Zo speelde Schaake een belangrijke rol bij de afschaffing van roamingtarieven in Europa. Voor veel Europeanen is het gebruik van de mobiele telefoon in de hele EU zonder extra kosten intussen een verworvenheid, maar Schaake ziet het vooral als stapje op weg naar de inrichting van een Europese digitale markt. Ook streed ze met succes voor Europese regels tegen oneerlijke handelspraktijken. Voor Schaake past dat in een breder streven naar een sterker Europa tegenover landen als China.

Niet alleen haar kijk op Europa kantelde, ook die op haar werkomgeving. Schaake benadrukt dat ze zelf „geen traumatische dingen” heeft meegemaakt. Maar vanaf de eerste dag dat ze ging werken in het Europees Parlement, in de zomer van 2009, werd ze geconfronteerd met seksisme. Een mannelijke collega die haar bestraffend toesprak omdat ze geen hoge hakken droeg. Een man die op een receptie haar drankje uit de handen pakte, omdat hij dacht dat ze in de bediening werkte. De keren dat ze uit ruimtes voor leden werd gezet, omdat ze werd aangezien voor een assistent. De mannelijke minister die tegenover een groep collega’s opmerkte dat ze was afgevallen.

Vaak kreeg ze de vraag van mannen hoe ze als jonge vrouw in het Europees Parlement was beland. Het echte verhaal – als ondernemer was ze meer in politiek geïnteresseerd geraakt en had ze zich aangemeld bij D66 – werd vaak niet geloofd. „Ik was dertig toen ik binnenkwam. Ik kreeg van mensen uit andere landen vragen als: is je vader politicus of geldschieter van je politieke partij? Eerst dacht ik dat ze me met een ander verwarden. Pas na een tijdje snapte ik dat hun idee was dat vrouwen alleen op die manier vooruitkomen. Ik kreeg ook suggestieve vragen als: hoe kan het dat je op die plek zit? Had je partij vrouwen nodig? Een andere makkelijke manier om een vrouw te beschadigen, is door roddels te verspreiden dat iemand een hoge positie heeft bereikt door losbandigheid.”

Merlijn Doomernik

Gaan mensen in het Europees Parlement anders met elkaar om dan op het Binnenhof?

„Ja. Aan de positieve kant: er zijn geen vaste coalitie-oppositieverhoudingen. De sfeer is open en professioneel, omdat politici van verschillende partijen elkaar altijd wel weer nodig kunnen hebben. Mensen zijn ook ver van huis, ze zijn meer op elkaar aangewezen. In Brussel heb je geen avondcafetaria, dus moet je naar buiten om te eten. In Straatsburg [waar het Europees Parlement elke maand vergadert] zit je in hotels. Niemand heeft een gezin bij zich, je kunt ’s avonds ook niet je administratie of het huishouden doen, dus veel mensen gaan uit. Er ontstaan collegiale vriendschappen. Je weet dat je de komende vijf jaar op elkaar bent aangewezen. Dat is anders dan Den Haag, waar kabinetten kunnen vallen en alles vluchtiger is.”

Is het dus ook een plek waar mensen met kwade bedoelingen sneller met hun gedrag wegkomen?

„Honderd procent. Ik ben daarvan geschrokken. Er is weinig sociale controle. In het Europees Parlement zitten mensen die schreeuwen tegen medewerkers, tegen parlementsstaf. Ministers en ambassadeurs lopen met een gevolg van medewerkers achter zich aan. Je hebt ook parlementariërs die elke avond in de kroeg staan met medewerkers. Die moeten soms het vermaak verzorgen of de tas vasthouden.”

Waar komt die nadruk op hiërarchie in het Europees Parlement vandaan?

„Brussel is een diverse, interculturele plek. Dat is leuk en ingewikkeld tegelijk. Je hebt te maken met bijvoorbeeld Spanjaarden, Bulgaren, Roemenen. Mensen die uit landen komen waar andere man-vrouwverhoudingen zijn, of waar de politieke cultuur hiërarchischer is. Er wordt bovendien veel verkend. Wie zijn de nieuwkomers? Er zitten in het Europees Parlement weinig jonge vrouwen. Medewerkers die lager in de pikorde staan, hebben daar meer last van dan ik. Ik kan makkelijker ‘laat me met rust’ zeggen dan meiden met een intimiderende baas. Maar ik begreep vanaf het begin ook dat ik onder een vergrootglas lag. Stel dat ik een drankje met iemand ga drinken, dan wist ik dat meteen het verhaal rond zou gaan dat ik iets wilde met diegene. Ik deed dat dus vrijwel nooit.”

Waar heeft u vooral last van gehad?

„Vooral seksuele toespelingen en machtsmisbruik. Mensen die menen dat ze een positie tegenover jou hebben en dat gebruiken. Bewindspersonen die op rare tijdstippen berichten sturen. Dat je om elf uur ’s avonds een berichtje krijgt dat hij tijd heeft voor een afspraak met een drankje, en dat je het beste even naar zijn hotel kan komen.”

Hoe ging u daarmee om?

„Ik probeerde het te ontwijken. In dit geval stuurde ik in de ochtend een antwoord terug in de trant van: ‘O, ik sliep al, ik zie nu pas dat je me een bericht had gestuurd.’ Het nare is: je moet vaak weer werken met deze mensen. Je kan dan moeilijk het contact helemaal verbreken.”

Verhalen over seksisme in de Europese politiek worden langzaam maar zeker meer verteld. Marietje Schaake roemt Politico-verslaggever Ryan Heath, die er veel over heeft geschreven. De site MeTooEP.com publiceert (anonieme) verhalen van medewerkers van het Europees Parlement, tientallen. Ze gaan over vervelende opmerkingen, geknakte carrières, aanranding en verkrachting.

De oprichter van #MeTooEP, de Franse parlementsmedewerker Jeanne Ponte, is een beweging begonnen om seksueel wangedrag in het Europees Parlement op de agenda te krijgen. Op haar initiatief hebben tijdens de Europese Verkiezingen ruim 300 kandidaat-parlementariërs een belofte getekend om seksueel wangedrag „actief te bestrijden”. Brussel, zei Ponte, loopt hierin nog ver achter. Trainingen worden aangeboden, maar zijn niet verplicht. „Culturele verschillen” maken dat het onderwerp nauwelijks bespreekbaar is. Een klachtencommissie, die onder verantwoordelijkheid van de voorzitter van het Europees Parlement valt, functioneert volgens haar gebrekkig. De voorzitter beslist of een klacht gegrond is. En nog nooit heeft dat geleid tot bijvoorbeeld het gedwongen opstappen van een parlementslid. Daarbij geldt er juridische immuniteit voor de 751 parlementsleden.

Waarom is het moeilijk seksisme of seksuele intimidatie aan de orde te stellen?

„Met vrouwen onderling had ik het er natuurlijk wel over. Maar het is lastig degene te zijn die het als enige aan de orde stelt, omdat dat ook aan je blijft kleven. Zo wordt degene die er last van heeft dubbel gestraft. Bovendien: het is niet altijd zwart-wit. Soms gaat het om gedrag dat net op of net over het randje is. Daarom pas je je vanzelf aan.”

Hoe deed u dat?

„Ik stelde me serieus op. Ik wilde me nooit als jonge vrouwelijke politicus profileren. Ik maakte op een lange treinrit mee dat ik met allemaal drinkende mannelijke collega’s om me heen zat, toen een van hen zei: ‘O, wacht, er is een vrouw bij. Ik ga even wat seksistische grappen maken.’ Ik zei terug: ‘Eat your heart out.’ Ik werd dan gezien als one of the guys. Daar heb ik wel een prijs voor moeten betalen.”

Welke prijs?

„Dat ik als kil werd ervaren. Ik vond het geen enorme belediging, ik neem mijn baan ook serieus. Maar ik voelde niet de ruimte een andere kant van mezelf te laten zien. Onder vrienden ben ik veel opener. Ik dacht na over wat ik aan had, zodat ik geen verkeerde signalen zou geven. Ik kleedde me conservatief.”

U praat daarom niet over uw privéleven?

„Inderdaad. Daar kijken collega-politici soms vreemd van op. Als ik eens een persoonlijke anekdote vertel, krijg ik vaak van woordvoerders of journalisten te horen dat ik zo’n verhaal als politicus slim kan gebruiken. En ik ga niet vaak uit, ook niet met mijn medewerkers. Ik zei tegen ze: ‘Ik weet dat het de norm is, maar ga maar zonder mij de kroeg in.’ Ik wilde niet de baas zijn die altijd meedrinkt.”

Heeft het u in uw werk als politicus gehinderd?

Ze denkt na, en zegt dan: „Nee, ik denk dat mijn vechtlust daarvoor te groot is. Maar als ik als 29-jarige had geweten wat ik nu weet, was ik er toen nooit aan begonnen.”

Ook de buitenwereld reageert anders op vrouwelijke politici, zegt Schaake. Een paar keer kwam ze in sociale-mediastormen terecht. Bijvoorbeeld toen ze in december twitterde dat zij en haar medewerkers veilig in het parlement waren na berichten over schoten in Straatsburg – naar later bleek met terroristisch motief. „Ik kreeg zowel doods- als verkrachtingsverwensingen. Een mannelijke collega zal dat laatste waarschijnlijk minder snel overkomen. Zulke opmerkingen zijn heel onprettig, maar het went. Om wat er online gebeurt, slaap ik niet minder. Ik denk wel vaak: ben ik mezelf nu aan het censureren om zulke reacties te voorkomen? Het erge is vooral dat het mensen afschrikt om in de politiek te gaan.”

Heeft u een verklaring gevonden?

„Ik zie het in de bredere discussie over de staat van de democratie. Van een zelfverzekerde toppositie is de Europese Unie naar een slechtere positie afgegleden. Die spanning maakt mensen behoudend. Als je meer te verliezen hebt, als mensen angstig zijn, vertaalt zich dat in een harder, gepolariseerd debat.”

U verruilt Brussel voor de VS. Heeft u dat land uitgekozen omdat daar misschien prudenter met machtsverhoudingen wordt omgegaan?

„Nee, maar ik heb me in de VS vaak wel vrijer gevoeld. Vragen als ‘hoe oud ben je?’ krijg je er niet. Er is hopelijk meer ruimte voor ideeën en ambitie.”