Onafhankelijk Podium naar Uitgeefhuis Nieuw Amsterdam

Uitgeverij Voor kleine, onafhankelijke uitgeverijen wordt het steeds moeilijker om het hoofd boven water te houden. Na 22 jaar zelfstandigheid sluit nu ook uitgeverij Podium zich aan bij een groep.

Joost Nijsen, uitgever Podium.
Joost Nijsen, uitgever Podium. Foto Mats van Soolingen

Het zijn vooral de „sterke commerciële schouders” van Uitgeefhuis Nieuw Amsterdam waardoor Joost Nijsen, oprichter en eigenaar van uitgeverij Podium, besloot zich bij hen aan te sluiten. Vanaf 1 juli komt er na 22 jaar een einde aan de onafhankelijkheid van de uitgeverij Podium. Nijsens uitgeverij komt terecht bij een ‘uitgeefgroep’ waaronder naast Nieuw Amsterdam ook de Wereldbibliotheek, Bas Lubberhuizen en Fontaine vallen.

Uitgeefhuis Nieuw Amsterdam, dat onderdeel is van het moederbedrijf Novamedia en in 2005 werd opgericht door Boudewijn Poelman en Derk Sauer, zoekt al langer naar uitbreiding. Die hebben ze nu gevonden in een fonds dat onderdak biedt aan auteurs als Antjie Krog, Alex Boogers en Georgina Verbaan. Novamedia is tevens de eigenaar van onder meer de formats de Postcode Loterij en de Bankgiro Loterij, en heeft naast bovengenoemde uitgeverijen ook de Amsterdamse boekhandel Scheltema en Bookspot, de voormalige boekenclub ECI, onder haar hoede.

De reden voor Nijsen om deze stap te zetten is dat hij van het echte uitgeefwerk („talent scouten en begeleiden”) steeds meer afgeleid wordt door de opgave in deze markt „je firma overeind te houden”. Nijsen is door de eigenaren van Nieuw Amsterdam al jaren geleden benaderd. „Indertijd vond ik het niet nodig, maar de aantallen boeken die ik toen nog verkocht, verkoop je nu niet meer. Dat werkt door op je bezetting”, legt hij door de telefoon uit. Van de laatste vier jaar waren er voor Podium drie „licht verliesgevend”.

Podium BV is nu verkocht, maar de uitgeverij gaat als zelfstandig onderdeel binnen Nieuw Amsterdam en onder leiding van Nijsen verder. Zijn keuze is opvallend. De uitgeverijen die onder het Uitgeefhuis Nieuw Amsterdam vallen, hebben zich te houden aan een streng budget, waarbij commerciële keuzes zwaar wegen. Nijsen ziet daar geen bezwaar in en hoopt zijn voordeel te kunnen doen met „de spieren van een inmiddels geolied groot uitgeefhuis. De commerciële instelling herken ik en houdt me scherp.” Bovendien wordt er volgens Nijsen gewerkt vanuit een „ouderwetse liefde voor het boek”, die hij als „hardnekkig uitgangspunt niet bij veel concerns terugziet”.