Hervorming is test voor Macron na ‘gele hesjes’

Aanpak werkloosheid De Franse regering wil de explosie van korte arbeidscontracten aan banden leggen. De vakbonden vrezen vooral minder rechten voor werklozen.

Foto Alessandra Tarantino

Het was een nogal ongelukkige verspreking waarmee de Franse minister van Arbeid dinsdag haar langverwachte presentatie van de hervorming van de werkloosheidswetgeving afsloot. „Dit is een hervorming die resoluut gericht is op werk, op werkgelegenheid, tegen werkloosheid en vóór de precariteit”, zei Muriel Pénicaud voordat ze verschrikt nog eens naar haar spreektekst keek. „En tégen de precariteit, pardon.”

Want dat was nu precies een van de beloftes van Emmanuel Macron bij zijn aantreden als president. Ja, hij zou flexibiliseren en liberaliseren om de arbeidsmarkt in beweging te krijgen, maar de aanpassingen moesten ook leiden tot meer bescherming van de meest kwetsbare mensen. Nadat hij na zijn aantreden al de arbeidswetgeving had versoepeld en vorig jaar 32 miljard euro in betere scholing van werkzoekenden stak, is de nieuwe reeks hervormingen na een half jaar sociale onrust rond ‘gele hesjes’ een test voor zijn hervormingscapaciteit.

Van de arbeidsovereenkomsten die op dit moment in Frankrijk ondertekend worden, is 70 procent een tijdelijk contract van minder dan een maand – uitzendwerk niet eens meegerekend. Een op de drie korte contracten is zelfs maar voor één enkele dag. „Je kunt dus niet zeggen dat de Franse arbeidsmarkt niet flexibel is”, zegt econoom Éric Heyer van onderzoekscentrum OFCE. „Maar de flexibiliteit is slecht verdeeld. Het gaat om een relatief kleine groep die heel vaak van baan wisselt.”
De nieuwe wet voorziet in speciale heffingen voor bedrijven die bovenmatig veel gebruik maken van dit soort contracten en in kortingen voor bedrijven die mensen in vaste dienst nemen. Vooral in de horeca, in de zorg en in de theaterwereld zijn ultrakorte contracten schering en inslag.

Eigen huis

De mannen en vrouwen die donderdagochtend in de Parijse voorstad Pantin in de rij staan bij Pôle Emploi, het Franse arbeidsbureau, knikken instemmend. Ze vertellen dat ze zelden langer dan een paar maanden dezelfde werkgever hebben – met alle onzekerheid van dien.
„Er zijn vast jonge mensen die zich niet willen binden, maar ik wil ooit een eigen huis kopen”, lacht de 32-jarige Mamoud (die zijn achternaam niet in de krant wil). „Maar om een lening te krijgen, moet je een vaste aanstelling hebben.”

Lees ook: Macron verandert zijn methode, niet zijn beleid

Minder ‘precariteit’ is dus gewenst. Maar de vakbonden kopten de onhandige voorzet van de minister direct in. De hervorming zal „extreem zwaar” uitpakken voor „jongeren en mensen in een precaire situatie”, reageerde voorzitter Laurent Berger van vakcentrale CFDT. Door de regels iets aan te passen, komen namelijk ook minder mensen in aanmerking voor een werkloosheidsuitkering. Dat scheelt, op drie jaar, zo’n 3 miljard. Dat geld heeft Macron hard nodig om zijn begroting na alle extra koopkrachtuitgaven voor gele hesjes weer binnen de EU-regels te krijgen.

De nog altijd erg hoge Franse werkloosheid (8,8 procent, 3,4 miljoen werkzoekenden) zou volgens de regering door de scherpere regels in anderhalf jaar met 150.000 à 250.000 mensen kunnen dalen. Maar dat is, dus, een kunstmatige correctie, aldus vakbondsman Berger. Terwijl nu de helft van de werklozen een uitkering heeft, wordt dat volgens vakbond CGT in de toekomst een op de drie.

De bonden hebben weinig recht van spreken, vindt de regering. Werkgevers en werknemers hebben een jaar de tijd gehad om als medebestuurders van uitkeringsinstantie Unedic samen een akkoord te bereiken om het tot 30 miljard euro opgelopen tekort daar aan te pakken. Dat mislukte, onder andere doordat werkgevers weigerden in te stemmen met de vakbondseis die korte contracten in te perken. Dat regelt de regering nu alsnog, maar voor de bonden gaat het niet ver genoeg.

Voor het eerst zullen ook zzp’ers in aanmerking komen voor werkloosheidsuitkeringen. En wie na vijf jaar dienstverband ontslag neemt om een bedrijf op te zetten, kan ook een uitkering aanvragen.
Maar ook economen hebben twijfels bij de regeringsprognoses over de werkloosheid. Heyer: „De massawerkloosheid in Frankrijk komt niet door de werkloosheidsverzekering.”

Dat Macron voor 2025 volledige werkgelegenheid beloofd heeft, noemt hij „ietwat al te optimistisch” bij een vertragende wereldeconomie. In het eerste trimester van 2019 zijn volgens de laatste cijfers 94.000 banen gecreëerd, maar Frankrijk heeft, door de natuurlijke bevolkingsaanwas altijd net iets meer banengroei nodig dan vergrijzende landen, zegt Heyer. „En daarvoor moet de economie harder groeien.” Deeltijdwerk is, anders dan in Nederland of Duitsland, ook niet erg gangbaar.

Werk moet lonen

Wel zou de hervorming „calculerend gedrag” van werklozen kunnen tegengaan, zegt Heyer. Want om recht te hebben op een uitkering moeten Fransen nu nog minimaal 4 op 28 maanden gewerkt hebben. Dat wordt vanaf 1 november 6 op 24 maanden. En om te voorkomen dat mensen meer overhouden aan een uitkering dan aan (onregelmatig) werk – wat volgens Pôle Emploi in 20 procent van de gevallen zo is – zal vanaf april de berekening van de uitkering zodanig veranderen dat die niet meer boven de 96 procent van het nettosalaris kan komen. „Werk moet altijd beter betalen dan werkloosheid”, heeft Macron al vaak gezegd.
Toch houdt Frankrijk „een van de meest genereuze” werkloosheidsuitkeringen van Europa, aldus minister van Financiën Bruno Le Maire. Maar de uitkeringen gaan niet omlaag, zoals de rechtse oppositie bepleit. Behalve na zes maanden voor werkzoekenden die meer verdienden dan 4.500 euro bruto per maand. Het maximummaandloon op grond waarvan een uitkering berekend kan worden, blijft met 13.500 euro fors hoger dan in Nederland.