Merlijn Doomernik

Hoe Ewoud Sanders op zijn vijftiende een liefdesrelatie kreeg met zijn handwerkjuf

Interview Op zijn vijftiende werd Ewoud Sanders (61) door zijn handwerkjuf verleid. Hij zocht haar weer op en schreef een novelle over de relatie. „Het is geen afrekening.”

Ewoud Sanders (61), de man van WoordHoek, wekelijks in NRC, heeft een novelle geschreven over een jongen van vijftien die op de Vrije School zit en een liefdesrelatie krijgt met zijn handwerkjuf. Zij is vierentwintig en geeft hem bijles Frans. Vandaar de titel: Franse les. Hij vertelt erover in een Amsterdams etablissement.

Is het autobiografisch?

„Volledig. Ik heb wat kleine dingen veranderd, de namen bijvoorbeeld, en ik laat in het midden in welke plaats het verhaal zich afspeelt, maar verder is het zo gegaan als ik het heb beschreven.”

Dus ook dat je juf begon?

„Het was op een woensdag in mei en Karin, zoals ik haar noem, vroeg of ik wilde nablijven. De andere leerlingen werden het lokaal uit gestuurd. Ze ging tegenover me zitten en zei dat ze had gezien hoe ik de afgelopen weken naar haar gekeken had. Haar was wel duidelijk dat ik verliefd op haar was.”

Was je verliefd?

„Terugkijkend zeg ik: nee, niet op dat moment. Ik vond haar mooi. Ze had prachtig lang haar en prachtige, lichtbruine ogen. Ik bewonderde haar. Ze gaf me aandacht. Als zo’n vrouw dan tegen je zegt dat je verliefd op haar bent, dan word je dat van de weeromstuit wel.”

Ze woonde samen.

„Met Tom, zoals ik hem noem. Ze had hem ook verteld dat ik verliefd op haar was en ze vroeg of ik bij hen thuis kwam eten. Hij wilde er met me over praten. Maar toen ik er was zei hij alleen maar dat verliefdheid vanzelf weer overging en dat ik er niet mee moest zitten.”

Je noteerde het allemaal in je dagboek.

„Dat dagboek en mijn brieven uit die tijd heb ik altijd bewaard, waardoor ik de stem van de jongen die ik toen was aan het verhaal kon toevoegen. Het verhaal van een man van zestig die terugkijkt en de vrouw van toen weer gaat opzoeken en zich afvraagt wat er nou eigenlijk precies gebeurd is.”

Waarom nu pas?

„Door mijn leeftijd, denk ik. Herinneringen worden belangrijker en je gaat ze in een ander perspectief zetten. Ik heb eerder wel geprobeerd om het verhaal op te schrijven, de eerste keer rond mijn vijfentwintigste en nog een keer rond mijn veertigste, toen ik zelf kinderen had. Maar het lukte nooit. Nu was de afstand kennelijk groot genoeg.”

En #MeToo, speelde dat ook mee?

„Die hele discussie over ongelijkwaardige relaties en misbruik van macht is voor mij wel een trigger geweest. Maar ik hoefde niet iets van vroeger recht te zetten of schoon te poetsen. Het boek is geen afrekening. Het was een echte liefdesrelatie en zo heb ik het ook willen opschrijven. Een teder en eenvoudig liefdesverhaal, zij het over een ongelijkwaardige relatie.”

En met echte seks.

„Het duurde een maand voordat we elkaar voor het eerst zoenden en nog een maand voordat we met elkaar naar bed gingen. Puberaal gehannes, maar toch, we gingen met elkaar naar bed. Ik bleef twee tot drie keer per week bij haar slapen.”

Haar vriend Tom ging bij haar weg.

„Hij kreeg een andere vriendin. Eerst trok die bij hem en Karin in. Toen sliepen Tom en zij beneden en Karin en ik boven op zolder. Maar op een gegeven moment zijn ze naar een etage in de buurt verhuisd.”

Je ouders, schrijf je, wisten al die tijd van niets.

„Wat achteraf verbazingwekkend is. Het waren warme, oplettende mensen, maar ze zullen niet eens aan de mogelijkheid hebben gedacht. Ze vertrouwden me gewoon. Ik zal ook wel eens gelogen hebben over waar ik was.”

Tot je vader doorkrijgt wat er tussen jullie gaande is.

„Na tien maanden, op mijn verjaardag, waar Karin ook is. Hij ziet ons naar elkaar kijken en weet: hier deugt iets niet. En dan grijpt hij onmiddellijk in. We moeten meteen uit elkaar. Voor mijn eigen veiligheid, zegt hij. Ik word ondergebracht bij vrienden van mijn leraar Nederlands in Drenthe. Voor mijn vader was dat zeer beladen, want hij was Joods en moest op zijn vijftiende onderduiken. Hij heeft zijn ouders en zijn broer nooit meer teruggezien.”

Je vader ging ook naar de directeur van je school.

„Naar het bestuur. En het bestuur koppelde het terug naar de directeur. Ik heb altijd gedacht dat Karin toen ontslagen is, maar ze heeft zelf ontslag genomen. Dat vertelde ze me toen ik haar een klein jaar geleden voor het eerst weer sprak. De directeur zei tegen haar dat het verboden was om een verhouding met een leerling te hebben, maar hij begreep het wel, want hij had zelf ook wel eens iets met een leerling gehad, een meisje. Hij zei: als ik je ontsla, krijg je moeilijk weer een nieuwe baan, dus ga gewoon zelf weg. Binnen een maand kon ze aan het werk op een andere Vrije School. De directeur daar was op de hoogte van wat er was gebeurd en van hem was bekend dat hij op jonge meisjes viel. Hij hield haar ook de hand boven het hoofd.”

Je vader deed geen aangifte?

„Nee.”

Ewoud Sanders op 15-jarige leeftijd. Privécollectie Ewoud Sanders

Het was misbruik. Acht jaar cel.

„Formeel kon het ook toen niet door de beugel, maar de maatschappelijke opvattingen over seksuele relaties tussen volwassenen en kinderen waren in de jaren zeventig duidelijk anders. Dat hoorde ik ook van de mensen die ik heb geïnterviewd. Hoe dan ook heb ik het zelf niet als misbruik ervaren. Al valt me wel op dat ik altijd verdacht heftig reageer op verhalen over kindermisbruik. Dan krijg ik echt ballen voor mijn ogen. Ik heb wel eens tegen de televisie zitten schreeuwen bij berichten over priesters die zich aan kinderen hebben vergrepen.”

Wat zou je gedaan hebben als een van je kinderen op die leeftijd een relatie met een leraar of lerares zou hebben gehad?

„Ik ben bij hen altijd erg bedacht geweest op signalen van seksuele verlangens van volwassenen. Bij zwemles of clubjes lette ik erg goed op. In dat opzicht vertrouw ik volwassenen helemaal niet. En ik vrees dat door de verhalen die de laatste jaren naar buiten zijn gekomen mijn gelijk wel bewezen is. Als ik bij mijn kinderen ook maar een vermoeden van misbruik zou hebben gehad, zou ik aangifte hebben gedaan.”

Vorige week werd in de VS een zaak heropend tegen een 28-jarige lerares die seks heeft gehad met een leerling van 13. Ze zit al een jaar vast.

„Dat misbruik speelt nu, niet in een tijd dat veel mensen dachten dat zoiets moest kunnen. Nu zou voor iedereen duidelijk moeten zijn, zeker voor docenten, dat een dergelijke ongelijke seksuele relatie in onze cultuur volledig onacceptabel is.”

Maakt het voor jou uit of het om een man of om een vrouw gaat?

„Daar heb ik lang over nagedacht, maar nee. Iedere volwassene die een kind manipuleert met een seksueel doel maakt zich schuldig aan misbruik.”

Jij hebt het niet als misbruik ervaren omdat je het zelf wilde?

„Nou ja, ik hield van haar en zij hield van mij. Ze heeft haar zoon later naar mij vernoemd. Maar het is niet goed als je als vijftienjarige in een gezagsverhouding zit met een volwassene en er is seks in het spel. Psychologisch was het niet goed voor me. In mijn dagboek zie ik hoe ik ervan in de war raak en hoe ik mezelf isoleer van mijn leeftijdgenoten omdat ik opeens met heel volwassen dingen bezig ben.”

Je schrijft ook dat ze je manipuleerde.

„Dat zag ik toen niet, maar nu wel. Zij bepaalde wie van ‘ons’ mocht weten: bijna niemand. Zij besloot tot periodieke onthouding als voorbehoedsmiddel: een hoop gedoe en heel frustrerend. Ze bemoederde me. Als ik er iets aan heb overgehouden, dan is het wel dat ik geen relaties verdraag waarin ik bemoederd word.”

Toch blijf je zeggen dat je het niet als misbruik hebt ervaren?

„Nee, we gaan dit gesprek niet beëindigen met: bij nader inzien voel ik me wel misbruikt. We deden samen dingen die ze niet deed met haar vriend. Met mij wilde ze in zee vrijen, dat soort dingen. Ze wilde experimenteren en ik vond het spannend. Ik vond het machtig interessant.”

Merlijn Doomernik

Je bent haar voor je boek weer gaan opzoeken.

„Ik wist waar ze woonde en ik zei dat ik overwoog om er een verhaal van te maken. Ze zei: ga je gang, voel je vrij. Maar toen haar ter ore was gekomen dat ik mensen uit die tijd over onze relatie interviewde, stuurde ze me een berichtje waarin ze me verbood om erover te schrijven. Het was niet goed voor mijn karma, zei ze. En ook niet voor haar karma, al zou ik dat natuurlijk niet begrijpen. Ik heb me er niets van aangetrokken. Beetje wereldvreemd van haar dat ze dacht dat ze in de positie was om een volwassen man vijfenveertig jaar na dato iets te kunnen verbieden.”

Uit wat je over haar schrijft blijkt dat je behoorlijk op haar afknapte.

„Het was vervreemdend. Ze leeft in een spirituele wereld die de mijne niet is. Bij mij ging er wel een luik dicht, ja.”

Heb je gevraagd wat haar bezield had om je te verleiden?

„Niet aan haar, wel aan mensen die haar van vroeger kenden. Een van hen, een buitengewoon aardige en zachte vrouw, zei: je was een open jongen, leuk, vrij, en zij kwam uit een kleinburgerlijk milieu, ze wou je gewoon. En haar vriend van toen, Tom, zei tegen me: misschien deed ze het omdat ik te weinig aandacht voor haar had en ze mij bij de les wilde houden. Geen idee. Allemaal speculatie. Ze hield van me, dat weet ik wel. Al eindigde het er wel mee dat ik als arme puber maandenlang zwijmelend van liefdesverdriet het ene na het andere liefdesliedje componeerde en zij tegen mij zei: ik had het erger gevonden als mijn kat was doodgegaan. Toen ik dat teruglas in mijn dagboek moest ik bij wijze van spreken wel even een blokje om. Dat was wel heel hard.”

Heeft ze je boek gelezen?

„Ik heb het haar toegestuurd met een briefje erbij: ik weet dat je het in tweede instantie niet leuk vond dat ik hiermee bezig was, maar ik hoop dat je kunt zien dat het met veel liefde geschreven is. Ze heeft het per kerende post teruggestuurd. Het is volledig haar recht om er niets meer van te willen weten en tegelijkertijd verbaast het me. Het doet weinig recht aan de liefde die we indertijd voor elkaar hebben gevoeld. Heel kenmerkend vond ik dat ze bij onze ontmoeting tegen me zei dat zij mij niet heeft misbruikt en ik haar ook niet. Hallo, ik was een leerling van je, een jongen van vijftien. Hoe zou het mij ooit gelukt kunnen zijn om jou te misbruiken?”

Hoe dacht je op je vijfentwintigste over de relatie?

„O, toen vond ik het nog heel stoer. Ik had het met mijn juf gedaan, hè. Op mijn veertigste dacht ik: hè? Wat een vreemde relatie was dat eigenlijk. Wat zou er gebeurd zijn als ik een meisje was geweest en zij geen juf maar een meester? Nu denk ik: vierentwintig is nog zo jong. Ik kan het wel vergoelijken. Natuurlijk heeft het mijn leven beïnvloed, maar alles beïnvloedt je leven. Ik was een zoekende puber met veel vragen, ook over de oorlog. Kun je nog in God geloven als hij met een knip van zijn vingers alle Joden had kunnen redden? Van mijn vader kreeg ik daar geen antwoord op. Jongen, zei hij, daar heb ik allemaal nooit over nagedacht, dat is me allemaal te moeilijk, daar heb ik geen tijd voor. Karin gaf wel antwoorden. Ze nam me serieus.”

Ewoud Sanders: Franse les. Een jongen over zijn eerste liefde. Uitgeverij Schaep 14, 128 blz. €15,-