‘De hele winter dacht ik: dit is onmogelijk’

Spitsuur Eveline Melman (32) leerde Mark Adetiloye Adewole (38) kennen in Oeganda, waar hij opgroeide. „Ik voelde me echt zo’n Grenzeloos Verliefd-geval, maar hij had een interessante kijk op het leven.”

Foto David Galjaard

Mark: „Mijn Oegandese moeder werkte in Kenia, mijn Nigeriaanse vader stierf toen ik drie was. Samen woonden zij in Kenia, maar ik ging naar kostschool in Oeganda en reisde heen en weer. Dat was toen heel lastig, maar het verbreedde wel mijn horizon.”

Eveline: „Ik heb geneeskunde gestudeerd en de landelijke tropenopleiding gedaan. In 2016 begon ik met mijn eerste baan in Malawi. Ik ging werken op de verloskamers van het grote staatsziekenhuis in Kampala, de hoofdstad van Oeganda. Daar vinden dagelijks zestig tot tachtig bevallingen plaats. Ik wist niet waar ik moest beginnen met werken en wanneer de dag voorbij was. De andere helft van de week werkte ik op een mini-spoedeisende hulp bij een huisartsenkliniek. Dat betaalde de rekeningen, want in het ziekenhuis verdiende ik niets. In Kampala heb ik Mark ontmoet.”

Mark: „In 2017 werkte ik bij een techbedrijf en kon ik een opleiding tot yoga-instructeur doen. Dat was een van de grootste geschenken in mijn leven, net als deze dame hier. Yoga gaf mij focus.”

Eveline: „Daarvoor was hij altijd bezig de eindjes aan elkaar te knopen. Door yoga dacht je: dit is wat ik wil, de rest is bijzaak.”

Mark: „De organisatie bood me daarna een plek aan om les te gaan geven.”

Eveline: „Dat was op een basisschool in de bergen. De kinderen krijgen drie keer per dag les in yoga en meditatie, naast het gewone onderwijs. Heel bijzonder.”

Mark: „Ik was altijd bezig met rondkomen, maar kwam niet tot hogere dingen. Op die school zag ik in dat ik slim genoeg ben om alles te leren, maar dat ik niet vastberaden genoeg was om echt te kiezen.”

Kamperen

Eveline: „Ik kwam uit de sportschool, had nat haar en een rood hoofd. Een vriendin stelde voor nog wat te drinken. Ze had stiekem ook twee mannen uitgenodigd.”

Mark: „Het was geen blind date, maar ze wil dat niet geloven.”

Eveline: „De een was zo’n type strak-in-het-pak. Die praatte alleen maar over zijn dure auto. Deze yogi zat naast hem.”

Mark: „Toen die andere man haar probeerde aan te raken, moest ik ingrijpen.”

Eveline: „Hij was mijn redder in nood. Na een avond dacht ik: deze jongen is interessant. We hadden gepraat over Africa Burn, een festival in Zuid-Afrika, dus vroeg ik: waarom ga je niet mee?”

Mark: „Zo doen wij dat niet: elkaar ontmoeten en dan uitnodigen voor een trip naar een ander land. Maar goed.”

Eveline: „Twee dagen later vroeg hij me mee uit naar een open-mic-night. Hij liet me twee uur wachten.”

Mark: „Een uur. Het duurde een maand voordat ik begreep dat zes uur voor Nederlanders ook echt zes uur betekent.”

Eveline: „Ik was bang in een fuik te belanden, voelde me zo’n Grenzeloos Verliefd-geval. Maar ik vond dat hij een interessante kijk op het leven had. Binnen een week gingen we samen kamperen.”

Mark: „Ik dacht: wat is dit? Als wij willen ontspannen, gaan we naar een hotel.”

Eveline: „Ik houd van basic, zei ik. Een week later woonden we bij elkaar.”

Mark: „Sinds november wonen we in Amsterdam. De wekker gaat om kwart over zes. Eveline moet dan naar haar werk. De hele winter dacht ik: dit is onmogelijk.”

Eveline: „Dit huis is heel slecht geïsoleerd, we hebben alleen gaskachels. Dat was voor hem echt verschrikkelijk. Hij maakt altijd heel lief mijn ontbijt en lunch klaar. Om tien over zeven zit ik op de fiets richting het ziekenhuis.”

Mark: „Om half acht begin ik met yoga. Rond negen ontbijt ik met Weetabix – dat doe ik al sinds mijn achtste. Soms ga ik eerst even gitaar spelen, een kwartiertje. Daarna moet ik andere dingen doen. Ik haal de was binnen en zorg ervoor dat het huis netjes is. Ik probeer mijn taaloefeningen te doen en daarna zet ik het Nederlandse nieuws aan. Ik bezorg nu eten voor Thuisbezorgd, van vier tot negen. In de winter begon ik al om elf uur met werken, dan ging ik door tot acht uur ’s avonds. Vier dagen per week. Best zwaar.”

Eveline: „Met drie lagen thermokleding.”

Mark: „Toen het mooier weer werd, wilden meer mensen werken. Nu kan ik maar twintig uur per week werken, terwijl mijn cursussen juist voorbij zijn.”

Eveline: „Hij heeft al zijn examens met tienen gehaald.”

Mark: „Ik wil flexibel zijn om bijvoorbeeld naar sollicitatiegesprekken te gaan. Mijn droom is een baan als yogaleraar. Tussen elf en drie doe ik boodschappen of ik lees een boek. Ik geniet ervan dat ik hier ben, ik loop door het Vondelpark.”

Eveline: „Als ik in het ziekenhuis werk, ben ik rond zes uur thuis. Dan eet ik met vriendinnen of ik kook voor ons samen, hoewel hij dat veel beter kan.”

Mark: „Ik kom thuis om half negen.”

Eveline: „’s Avonds kijken we Netflix.”

Mark: „Als we samen zijn, zijn we gewoon samen.”

Rollercoaster

Mark: „In februari overleed mijn moeder. Ik kreeg het telefoontje toen ik net thuis kwam van Nederlandse les. Daarna zijn we in een soort rollercoaster beland.”

Eveline: „Ik heb meteen twee weken onbetaald verlof opgenomen en we zijn naar Kenia gegaan. We waren net ons leven hier aan het opzetten, maar dat verdween naar de achtergrond. Ik merk dat ik soms het gevoel heb dat ik moet bewijzen dat hij het echt is. Zodra ik mensen vertel dat hij bij Thuisbezorgd werkt, merk ik dat ik daarover oordelen heb. Terwijl ik er óók trots op ben dat hij dit zo snel heeft opgepakt. Mijn omgeving is superenthousiast. Maar de maatschappij hier vraagt wel veel van je. Dat projecteer ik soms op hem.”

Mark: „Soms zijn dingen best ingewikkeld. Mensen vergelijken zich met mij.”

Eveline: „De eerste vraag die ze stellen is altijd: wat doe je voor werk?”

Mark: „Ik ging laatst naar een feestje en daar vroeg iedereen me: wat vind je hiervan, wat vind je daarvan? Ik word gezien als bezoeker, ze vragen niet gewoon: hoe was je dag? Als dat de hele dag het gesprek is geweest, vraag ik me weleens af: wanneer gaan we naar het volgende level?”