Als Iran zich bedreigd voelt, sluiten zich de rijen

Iran Gematigde krachten in Iran scharen zich achter de conservatieve en radicale facties nu het land zich door de VS in het nauw gedreven voelt. Iedereen is het eens dat de islamitische republiek moet overleven.

Generaal-majoor Hossein Salami, sinds april hoofd van Irans Revolutionaire garde, bij een bijeenkomst in Teheran
Generaal-majoor Hossein Salami, sinds april hoofd van Irans Revolutionaire garde, bij een bijeenkomst in Teheran FOTO Sepahnews/AP )

Wie bepaalt het beleid in Iran in de huidige strijd tegen de Verenigde Staten nu die zich weer als Grote Satan hebben ontpopt?

De opperste leider natuurlijk, die opperbevelhebber van de Iraanse strijdkrachten is en hoe dan ook het laatste woord heeft in alles waarmee hij zich wil bemoeien. Dat wil zeggen zowel het neerhalen van de Amerikaanse drone als de aanvallen op de tankers buiten de Straat van Hormuz, even aangenomen dat die Irans werk zijn. Maar Iran is uiteindelijk geen theocratische dictatuur, en hoewel ayatollah Ali Khamenei er de doorslag geeft, is de huidige, assertieve koers in de crisis met de Verenigde Staten het product van het hele regime.

In rustiger tijden is Khamenei bepalend in de permanent woedende machtsstrijd tussen conservatieve of radicale facties aan de ene kant en pragmatischer of zelfs hervormingsgezinde groepen aan de andere. Meestal volgt hij de eerste groep, die ruwweg bestaat uit conservatieve hoge geestelijken en de Revolutionaire garde, de strijdmacht die in 1979 is opgericht om de Iraanse islamitische revolutie te bewaken, en die kort geleden door president Trump officieel is bestempeld als terroristische organisatie.

In hun hemd gezet

President Hassan Rohani, en zijn minister van Buitenlandse Zaken Javad Zarif proberen vaak een gematigder lijn aan te brengen. Zij waren degenen die de opperste leider ertoe brachten in 2015 in te stemmen met het nucleaire akkoord - en die feitelijk door Trumps vertrek uit dat akkoord in hun hemd werden gezet. Khamenei wordt niet moe erop te wijzen dat Amerika nooit kan worden vertrouwd.

De benoeming van generaal-majoor Hossein Salami was een aanwijzing dat Teheran de aanval koos

Maar als de islamitische republiek zich bedreigd voelt, sluiten zich de rijen. Het islamitische systeem moet koste wat het kost overleven. Dat gebeurde tijdens de Golfoorlog (1980-1988), toen Saddam Husseins Irak met de steun van bijna de hele Arabische wereld, in de aanval ging. En het gebeurt nu. Dat blijkt wel uit de felle verdediging door het complete ministerie van Buitenlandse Zaken van het neerhalen van de Amerikaanse drone. Het was ook president Rohani, en niet de opperste leider, die aankondigde dat Teheran zich niet meer zou houden aan de limieten van de voorraad (laag)verrijkt uranium die Iran onder het nucleaire akkoord mag aanhouden, nu daar niets meer tegenover staat.

In april was de benoeming van generaal-majoor Hossein Salami als nieuwe commandant van de Revolutionaire garde een aanwijzing dat Teheran tot op zekere hoogte de aanval koos bij wijze van verdediging. Salami, die in de hele oorlog tegen Irak aan het front vocht, geldt als een havik. Hij is een van de Iraanse leiders die Israël met vernietiging heeft bedreigd. Hij heeft ook bij verscheidene gelegenheden gezegd uit te kijken naar oorlog met de Verenigde Staten. „We staan aan de vooravond van een totale confrontatie met de vijand”, zei hij afgelopen week.

Lees ook: Als het om Iran gaat, vormt team-Trump geen gesloten front

Zwakste partij

Dergelijke uitspraken moeten niet letterlijk worden genomen, Iran weet dat het militair veruit de zwakste partij is. Maar het is ook niet weerloos. Met de Iraakse oorlog als leermoment heeft het Iraanse bewind er sindsdien alles aan gedaan zijn stellingen buiten zijn grenzen te versterken: het bondgenootschap met Assad in Syrië en met Hezbollah in Libanon, de banden met shi’itische milities in Irak en de relaties met de Houthi’s in Jemen. Teheran vertrouwt op deze bondgenoten om de vijanden - Amerika, maar ook Israël en Saoedi-Arabië - in toom te houden. In dit licht moeten de drone-aanvallen door de Houthi’s op Saoedische doelen worden gezien, en eerder deze week raketaanvallen op internationale oliebedrijven in Basra.

Herleidbare Iraanse aanvallen op Amerikaanse doelen met Amerikaanse doden zijn daarbij onwaarschijnlijk: het regime wil geen aanvallen binnen zijn grenzen uitlokken. Het kan daarom inderdaad best kloppen dat de Amerikaanse drone in Irans luchtruim opereerde toen Teheran de aanval opende.