De pijnlijke kracht van beelden

Zap Karin Bloemen vertelde over de onmogelijkheid om aan het misbruik te ontsnappen. In Pauw, waarin ook een MH17-nabestaande zat, bracht zij twee rouwprocessen samen in de eenvoudige vaststelling dat misdaden niet vergeten moeten worden.

Karin Bloemen in Pauw.
Karin Bloemen in Pauw.

Op een MH17-dag als woensdag maakt de televisie deel uit van een nationaal rouwproces. Rouwverwerking gedijt bij rituelen en dat miste zijn uitwerking op de programma’s niet. Gewetensvol en plichtsgetrouw gingen de programmamakers te werk en daarbij maakten zij dezelfde keuzes.

Het resultaat kreeg zo onvermijdelijk iets voorspelbaars in M, het NOS Journaal, Nieuwsuur en Pauw. Het eindigde pas in dat laatste programma, waar het verdriet en de woede over de vliegramp plotseling werden verbonden met verwondingen van een heel andere orde: het verhaal van Karin Bloemen, die werd misbruikt door haar stiefvader.

Respect en journalistieke eensgezindheid over de deels uitgelekte bevindingen van het JIT domineerden de uitzendingen. Presentatoren waren stemmig gekleed, gesprekken werden gevoerd tegen de achtergrond van de portretten van de vier verdachten. Nabestaanden kregen het woord, waarna leiders van het onderzoeksteam over hun ervaringen vertelden.

Invalshoeken keerden terug: over de kans om de mannen in maart daadwerkelijk voor de rechter te krijgen, een overzichtje van de, eh, eigenzinnige wijze waarop Russische media berichtten. Herhaaldelijk werd opgemerkt dat daar inmiddels niet meer wordt ontkend dat het vliegtuig door een Boek-raket is neergehaald.

Tegen het einde van een voor Jeroen Pauws doen zeer sereen halfuur, deed nabestaande Piet Ploeg een opmerkelijke oproep. Hij vertelde dat veel nabestaanden na vijf jaar nog steeds lijden onder het in de media herhalen van beelden van de ramp. Dat was wrang, na een dag die weer helemaal vol had gezeten met foto’s en filmpjes van de rampplek. Ik moest ook denken aan hoe het JIT het toestel vier jaar geleden reconstrueerde en zo een nieuw, zeer krachtig beeld aan de verzameling toevoegde.

Over beelden en onuitwisbaarheid daarvan ging het daarna ook in het mooie gesprek met Karin Bloemen. Pauw voerde het omzichtig, alsof hij bevreesd was dat Bloemen zijn vragen impertinent zou vinden. Zij schreef het boek Mijn ware verhaal over hoe zij jarenlang door haar stiefvader werd verkracht. Ze had er naar eigen zeggen „nooit over gelogen”, maar de details had ze voor zich gehouden. „Ik ben bang dat ik het mooier of vrolijker laat klinken dan het is”, zei de artieste. Dat is wat ze immers haar leven lang had gedaan. „Als je leven vreselijk is, dan hang je zelf de slingers op.”

Dat deed ze nu niet. Bloemen schetste een aangrijpend beeld van de ‘gevangenis’ waarin ze als kind verbleef. Het ging over de onmogelijkheid om aan het misbruik te ontsnappen, de vrees dat als ze uit de school zou klappen, ze naar een kindertehuis zou moeten – een oudere zus was al eerder uit huis geplaatst. Nadrukkelijk richtte ze zich tot „meisjes, vrouwen en jongens” die zich nu in vergelijkbare situaties bevinden.

Het misbruik eindigde pas op haar veertiende. „Toen heb ik me laten betrappen”, zei Bloemen. Ze voegde er meteen aan toe dat dat „veel te stoer” klonk. Daarop legde ze een verband met het verhaal van Piet Ploeg, die naast haar zat, over de pijnlijke kracht van beelden. „Mijn moeder kreeg het niet meer van haar netvlies gewist.”

Bloemen voegde toe: „Het bewijzen is het belangrijkst. Het aantonen dat het ís. Dat verschaft uiteindelijk rust, vrijheid en inzicht.” Bloemens empathie bracht twee verschillende rouwprocessen samen in de eenvoudige vaststelling dat misdaden niet vergeten moeten worden. En dat sommige wonden maar heel langzaam helen – of niet.

Reageren

Reageren op dit artikel kan alleen met een abonnement. Heeft u al een abonnement, log dan hieronder in.