Gezondheidsraad: vaccinatiegraad tegen HPV-virus moet omhoog

Ook jongens moeten gevaccineerd worden, de vaccinatieleeftijd moet omlaag van dertien naar negen jaar en de opkomst moet omhoog, schrijft de raad.

Een jongere wordt ingeënt tegen meningokokken.
Een jongere wordt ingeënt tegen meningokokken. Foto Lex van Lieshout/ANP

De vaccinatiegraad tegen het humaan papillomavirus (HPV) moet omhoog. Dat staat in een advies dat de Gezondheidsraad woensdag naar buiten heeft gebracht. Niet alleen meisjes moeten gevaccineerd worden tegen HPV, ook jongens moeten een vaccinatie krijgen tegen het virus waarvan bepaalde types baarmoederhalskanker kunnen veroorzaken.

Daarnaast moet de leeftijd waarop kinderen de vaccinatie krijgen omlaag van dertien jaar naar negen. „Zodat kinderen in een zo vroeg mogelijk stadium beschermd worden en de effectiviteit het grootst is”, aldus de Raad. Voor de huidige leeftijd van dertien was gekozen omdat er onzekerheid bestond over de duur van de bescherming. Nu is duidelijk dat die lang genoeg is.

Ook adviseert de Gezondheidsraad een extra vaccinatieprogramma op te zetten voor mensen tot en met 26 jaar die nog niet gevaccineerd zijn tegen het virus. Dit aanvullende programma zou na vijf jaar geëvalueerd moeten worden. Verder schrijft de raad dat het Rijk maatregelen moet nemen om iets te doen aan de lage opkomst bij de HPV-vaccinatie.

Lees ook: Genen bepalen succes vaccinatie

Virus komt veel voor

Het omhoog brengen van de vaccinatiegraad zorgt voor groepsbescherming: niet alleen degene die gevaccineerd is krijgt bescherming, ook niet-gevaccineerden profiteren ervan. Daarnaast is het tegenwoordig duidelijk dat HPV niet alleen schadelijk kan zijn voor vrouwen, maar ook voor mannen.

Bovendien kan het virus ook andere aandoeningen naast baarmoederhalskanker veroorzaken. Zo is er bij anus- en vaginakanker in een groot deel van de gevallen sprake van een HPV-infectie. Ook is er een verband tussen HPV en kanker in de vulva, penis en in de mond- en keelholte. Verder kun je van HPV ook genitale wratten krijgen. Die komen regelmatig voor, maar zijn niet ernstig.

HPV-infecties komen erg vaak voor. Ongeveer 80 procent van de bevolking loopt ooit een HPV-infectie op. Meestal gaat de infectie vanzelf over - het lichaam ruimt het virus binnen twee jaar op - en verloopt de ziekte zonder symptomen. Er zijn drie vaccins beschikbaar tegen HPV, die alle drie voldoende werkzaam en effectief zijn. De raad benadrukt dat HPV-vaccinatie veilig is.

Lage opkomst

De HPV-vaccinatie werd in 2010 in het Rijksvaccinatieprogramma opgenomen. Vanaf dat moment is de opkomst altijd laag geweest. Het eerste jaar kwam zo’n 56,5 procent van de opgeroepen meisjes opdagen, daarna steeg de opkomst licht naar 61 procent in 2013 en 2014. Daarna is de opkomst sterk gedaald naar 45,5 procent in 2016. Dat is het laatste jaar waar gegevens over bekend zijn.

Bij de invoering van de HPV-vaccinatie maakte Nederland voor het eerst kennis met felle tegenstanders van vaccinaties, die geloven dat de vaccinatie allerlei bijwerkingen heeft. Vandaag de dag heeft die antivaxbeweging aan kracht gewonnen. Uit wetenschappelijk onderzoek blijkt dat er geen verband bestaat tussen vaccinatie tegen HPV en aandoeningen als chronische vermoeidheid, migraine en auto-immuunziekten, zoals vaak wordt beweerd.