Belangrijke dag MH17: JIT komt met onderzoeksresultaten

Woensdag is opnieuw een belangrijke dag in het MH17-dossier. Volgens Oekraïne worden namen van vier verdachten bekendgemaakt.

Een stil protest voor de ambassade van Rusland in Den Haag vorig jaar.
Een stil protest voor de ambassade van Rusland in Den Haag vorig jaar. Foto Bart Maat/ANP

Woensdag is opnieuw een belangrijke dag in het MH17-dossier. Het internationale justitieteam (JIT) brengt, bijna vijf jaar na het neerhalen van vlucht MH17, meer informatie naar buiten in het strafrechtelijk onderzoek naar de rampvlucht. Mogelijk worden enkele namen van verdachten vrijgegeven.

Volgens de Oekraïense minister van Buitenlandse Zaken Olena Zerkal gaat het voorlopig om vier namen en zal er verteld worden waarvan zij worden verdacht. Wel benadrukte zij dat dit slechts het begin is: „Het aantal mensen dat hierbij betrokken is, zal veel groter zijn dan de vier die worden genoemd.” Justitie in Nederland bepaalt of er tot vervolging zal worden overgegaan. Of daar woensdag al meer informatie over komt, is nog onduidelijk.

Tijdens een besloten bijeenkomst in Nieuwegein worden woensdagochtend eerst nabestaanden van de 298 omgekomen inzittenden op de hoogte gebracht. Aan het begin van de middag volgt een openbare presentatie voor de pers.

Voorafgaand aan de presentatie van het JIT voor de pers brengt onderzoekscollectief Bellingcat de resultaten van eigen onderzoek naar buiten. Het rapport van Bellingcat telt bijna honderd pagina’s en is grotendeels gebaseerd op tapgesprekken van de Oekraïense geheime dienst die openbaar zijn gemaakt. Al eerder publiceerde Bellingcat namen van verdachten in het onderzoek onder wie Oleg Ivannikov (bijgenaamd ‘Orion’), een hoge officier van de militaire inlichtingendienst (GROe).

Wie is er betrokken bij de crash?

Bij het neerhalen van de Boeing boven het oosten van Oekraïne kwamen op 17 juli 2014 alle 298 inzittenden om het leven, onder wie 196 Nederlanders. Na de ramp was al vrij snel duidelijk dat de Boeing 777, op weg van Schiphol naar Kuala Lumpur, was neergeschoten, vermoedelijk door een Boekraket, een luchtafweerwapen, om 15.20 uur Nederlandse tijd. Enkele maanden na de crash constateerde de Onderzoeksraad voor Veiligheid in een eerste onderzoek dat het toestel in stukken was gebroken „door een groot aantal objecten dat met hoge snelheid het toestel heeft doorboord”.

Lees ook: Steeds meer puzzelstukjes in MH17-onderzoek

Ruim twee jaar na de ramp kwam het internationale justitieteam, onder coördinatie van de Nederlandse hoofdofficier van justitie Fred Westerbeke, met „onomstotelijk bewijs” dat de Boeing was neergeschoten met een uit Rusland afkomstige Boekraket. De Russen ontkenden betrokkenheid en presenteerden alternatieve scenario’s, zoals dat Oekraïne het toestel zou hebben neergehaald.

Weer een jaar later, eind 2017, stelde Westerbeke in een interview met NRC dat het verkeersvliegtuig vermoedelijk per ongeluk was neergeschoten, en dat daar meerdere mensen betrokken bij moeten zijn geweest. „De kans is nihil dat dit een persoonlijke fout van één persoon is geweest”, zei Westerbeke.

Ruim een jaar geleden kwam het JIT met nadere details; er was „wettig en overtuigend bewijs” gevonden dat Rusland betrokken is geweest bij het neerhalen van MH17. De Boekinstallatie was afkomstig van de 53ste Luchtafweerbrigade, een eenheid van de Russische krijgsmacht uit Koersk, en kwam in handen van de Moskou-gezinde separatisten in oostelijk Oekraïne. In het JIT werken Australië, België, Maleisië, Nederland en Oekraïne samen.

De onderzoeksresultaten waren voor de Nederlandse regering aanleiding om, samen met Australië, Rusland aansprakelijk te stellen „voor zijn aandeel in het neerhalen van vlucht MH17”.

Waar worden de verdachten berecht?

Een eventuele rechtszaak zal worden behandeld door de rechtbank in Den Haag; maar als locatie heeft minister Grapperhaus (Justitie en Veiligheid, CDA) een jaar geleden het Justitieel Complex Schiphol in Badhoevedorp aangewezen als de locatie voor het eventuele MH17-proces. Dit omdat het Haagse Paleis van Justitie een proces van zo’n omvang niet kan huisvesten.

Het besluit werd genomen toen er nog geen duidelijkheid was of justitie vervolging zou instellen, maar werd genomen om, indien dat zou gebeuren, het proces zo snel mogelijk te kunnen beginnen. Op de locatie op Schiphol zijn nu verbouwingen gaande om de zalen geschikt te maken om digitaal te kunnen procederen.