Moet minder reclame en meer regio de omroep redden?

Minder reclame, meer online, meer nieuws van buiten de Randstad. De omroepplannen die minister Slob (Media, CU) ontvouwde lijken goed nieuws voor de kijker, maar verschraling dreigt.

Minister Arie Slob wil de publieke omroep licht hervormen: minder reclame, NPO 3 voor de regio.
Minister Arie Slob wil de publieke omroep licht hervormen: minder reclame, NPO 3 voor de regio. LEX VAN LIESHOUT/ANP

Van televisiemaker met een riante positie is de publieke omroep veranderd in een allround mediabedrijf dat moet concurreren met grootmachten als Google, Facebook en Netflix. Nederlandse concurrenten als de krantenuitgevers en RTL zeggen dat ze last hebben van oneerlijke concurrentie. En ook rechtse politici vinden dat het allemaal wel wat minder kan. Tegelijk is de omroep marktleider en blijft de waardering van de tv-kijkers hoog.

Dat alles wil minister Arie Slob (Media, ChristenUnie) graag oplossen met de hervormingsplannen die hij vrijdag in zijn mediabrief ontvouwde. Hij wil een krachtige omroep, op haar toekomst voorbereid, die anderen niet te zeer in de weg zit. Hoe is hij uit die puzzel gekomen?

1. Minder reclame

De Staatsloterijreclame met hond Frekkel won de Gouden Loeki 2018. Ster

Voor 20 uur geen reclame meer op de publieke omroep. Ook online reclame mag niet meer.

Voordeel

Een reclamevrije omroep is een oude droom die zo nu en dan weer bovenkomt. Zoals vorig jaar, toen bleek dat de reclame-inkomsten flink gedaald waren. Slob redeneert dat schommelende reclame-inkomsten de solide financiering bedreigen. Liefst zou hij reclame helemaal afschaffen, maar daarvoor was geen draagvlak in de coalitie. Vandaar dit vreemde compromis.

Minder reclame is aangenaam voor de kijkers, zeker online, als je een kort filmpje wil kijken. Het onderscheid tussen commerciële zenders en publieke zenders is zo helderder. Bovendien is de NPO zo minder een concurrent van mediabedrijven als RTL en Talpa, die volledig afhankelijk zijn van reclame.

Toen de NPO vorig jaar onder druk stond door de reclame-tegenvaller, wilde de omroep familiezender NPO 1 ontzien. Dat is de grootste zender van Nederland, waar het meeste reclamegeld wordt verdiend. De dreigende bezuiniging werd afgewend op de zenders die juist een meer publiek profiel hebben: journalistieke zender NPO 2 en jongerenzender NPO 3. Deze commerciële prikkel tracht Slob nu weg te nemen.

Slob noemde ook de nog de tere kinderziel, die geschaad kan worden door reclame – een christelijk argument dat doorslaggevend was eind jaren zeventig, toen deze maatregel ook voor korte tijd werd ingevoerd.

Nadeel

Het is niet gratis. Slob schat dat de winst uit reclame zal terugvallen met 60 miljoen euro. Hij wil dat deels compenseren, met 40 miljoen. Dat moet de kijker dus betalen. De rest moet de publieke omroep zelf oplossen met kostenbesparing. Nu is het omroepbudget nog 780 miljoen euro per jaar. Vanaf 2022, wanneer de maatregel moet ingaan, wordt dat zo’n 730 miljoen euro. Als we uitgaan van de meer pessimistische beraming van Ster (een verlies van 80 tot 90 miljoen euro) kan dat zelfs zakken naar 700 miljoen. De NPO zegt dat ze hiervoor in de programma’s moet snijden. De kijkers krijgen dan een minder goed aanbod.

Het reclamegeld gaat niet meer eerst naar het ministerie, maar gaat voortaan weer rechtstreeks naar de publieke omroep. Zo is Slob meteen een hoofdpijndossier kwijt. Bij komende tegenvallers kan hij makkelijker zeggen dat het zijn zaak niet is. Maar zo verstrekt hij wel weer de voornoemde commerciële prikkel. Als de omroep rechtstreeks profiteert van hogere reclamewinst, zal ze de neiging hebben die te willen opkrikken. Gevolg: toch weer een commerciële prikkel.

Verder: de meeste mensen kijken na acht uur ‘ s avonds, en die hebben dus nog steeds last van reclame. Zo gezien is dit dus een compromis waarvan weinig mensen wijzer worden.

2. NPO Regio

Omroep Brabant kreeg de NL Award voor een reportage over zelfmoordpoeder op Marktplaats. Omroep Brabant

De jongerenzender NPO 3 wordt omgebouwd tot zender voor programma’s van de dertien regionale omroepen. Slob reserveert hiervoor 15 miljoen euro uit het NPO-budget. Die regionale programma’s wil Slob een plaats geven in de terugkijkdienst NPO Start.

Voordeel

De publieke omroep is zo minder gericht op de Randstad. Het nieuws uit de eigen buurt wordt makkelijker vindbaar voor de kijkers. Gerard Schuiteman van de Regionale Publieke Omroep (RPO) is enthousiast over de nieuwe zender: „Ik denk dat Nederland hier op zit te wachten. De impact van het regionale nieuws wordt zo veel groter.” Uit Slobs plan blijkt ook dat de landelijke omroepen meer moeten samenwerken met de regionale: „Dat zal de kwaliteit van de journalistiek zeer ten goede komen.”

Lees ook: ‘Het mooist zou zijn: helemaal geen reclame’

Voor Schuiteman is het wel van belang dat de landelijke zender deels verkaveld wordt, in regionale vensters. Daarvoor loopt nu al een proef op NPO 2. Dat de Fries van Buorkje foar begjinners geniet, terwijl de Limburger tegelijkertijd naar Óngewaeg kijkt. Schuiteman: „Het heeft geen zin om de Fries te vermoeien met het nieuws over een Zeeuwse wethouder.” Documentaires, of andere programma’s die voor iedereen interessant zijn, kunnen wel landelijk worden uitgezonden.

Nadeel

De omroep moet de jongerenprogramma’s op NPO 3 opgeven. Hierdoor zal het tv-publiek, nu gemiddeld 58 jaar, nog sterker verouderen. Maar jongeren-tv kan ook op andere zenders, vindt Slob. Of online, waar de jongeren zitten. Hij geeft de omroep meer vrijheid om in online video te investeren (zie hieronder). Maar de publieke omroep stelt dat een grotere online aanwezigheid niet opweegt tegen de grotere aandacht die programma’s nog steeds krijgen als ze op de reguliere tv zijn geprogrammeerd.

3. Meer vrijheid online

Webserie Skam is genomineerd voor het Gouden Kalf voor ‘Beste Interactive’. NTR

Voordeel

Dit is eigenlijk de belangrijkste beleidswijziging. Het geeft de publieke omroep de mogelijkheid om meer online doen, waar het tv-publiek langzaam naartoe verhuist. Slob wil graag dat de publieke omroep meer met andere Nederlandse mediabedrijven samenwerkt, in plaats van elkaar te beconcurreren. Zo kunnen ze samen beter op tegen de grote Amerikaanse bedrijven als Google (YouTube), Facebook en Netflix.

Slob wil dat de NOS een dienst begint om nieuwsfilmpjes te delen met bijvoorbeeld de nieuwssites van kranten. En dat de commerciële en publieke omroepen meer doen aan gezamenlijke streamingdienst NLziet. Dreigement erbij: „Als de partijen er daar niet uitkomen, zal het kabinet zelf een knoop doorhakken.” Onduidelijk is hoe. Een ander voornemen waar je ‘Hoe dan?’ bij kunt zetten: Slob wil Apple en andere makers van smartphones verplichten om de apps van de publieke omroep prominent te gaan aanbieden. Dit lijkt op de verplichting die kabelbedrijven als KPN en Ziggo hebben om publieke zenders door te geven.

De losse omroepen krijgen de vrijheid om zelf hun merknamen en titels te verspreiden, zelfs via andere platforms dan de publieke zenders. Dus zou bijvoorbeeld de AVROTROS de seizoenen van De Luizenmoeder aan Netflix kunnen verkopen. Of kan Eva Jinek haar talkshows vrijelijk in plakjes knippen en op YouTube zetten. Hier, en elders in Slobs plannen, verstevigt de minister de positie van de losse omroepen ten koste van het centraal bestuur NPO. Dit gaat rechtstreeks in tegen het beleid van Slobs voorganger Sander Dekker, die juist het centraal gezag verstevigde.

Nadeel

Slob is niet consistent: hij legt wel de abonneedienst NPO Start Plus aan banden. Daar mag je straks geen programma’s meer vooruitkijken.

Meer digitale vrijheid kan leiden tot wildgroei en verwatering: het aanbod van de publieke programma’s is niet meer als zodanig herkenbaar. Het NPO-bestuur heeft altijd benadrukt dat het publieke karakter van de omroep ook zit in de omgeving: als je op een publieke zender of op NPO Start zit, weet je wat je kunt verwachten. Dat kan verloren gaan. Bovendien versterk je met ruimere verspreiding op andere platform de positie van concurrenten als YouTube en Netflix. Die gaan profiteren van publieke programma’s en publiek geld.