Minister Schouten: landbouw moet duurzamer, voedsel wordt duurder

Het kabinet maakt geld beschikbaar voor de omslag naar ‘kringlooplandbouw’, een circulair systeem waarbij zo min mogelijk grondstoffen verloren gaan.

Minister Carola Schouten (Landbouw, Natuur en Voedselkwaliteit) in de Tweede Kamer.
Minister Carola Schouten (Landbouw, Natuur en Voedselkwaliteit) in de Tweede Kamer. Foto Remko de Waal/ANP

De Nederlandse landbouwsector moet verduurzamen en dat betekent dat voedsel duurder gaat worden. Dierlijke mest moet kunstmest gaan vervangen en veevoer moet duurzamer, om zo de omslag te maken naar ‘kringlooplandbouw’, een circulair systeem waarbij zo min mogelijk grondstoffen verloren gaan. Het kabinet wil een groot deel van de landbouwbegroting (135 miljoen euro) hiervoor beschikbaar stellen. Dat schrijft minister Carola Schouten (Landbouw, Natuur en Voedselkwaliteit, ChristenUnie) maandag in een brief aan de Tweede Kamer.

Natuurorganisaties vinden het plan te mager en niet concreet genoeg. Doel is onder meer een CO₂-reductie van 6 megaton in plaats van de 3,5 megaton, zoals was afgesproken in het ontwerp-klimaatakkoord. Volgens de minister ligt de verantwoordelijkheid voor de omslag niet alleen bij de overheid, maar ook bij banken, de retail, maatschappelijke organisaties, consumenten en bij de boeren zelf, zo staat in de nieuwe landbouwvisie Op weg met nieuw perspectief. „Niet langer zo veel mogelijk zo goedkoop mogelijk produceren”, aldus Schouten, „maar produceren met zo min mogelijk verlies aan grondstoffen en een zorgvuldig beheer van bodem, water en natuur.”

Te veel verspilling

Volgens Schouten is de huidige prijs van eten momenteel te laag en wordt het milieu te zwaar belast. Ook wordt er te veel voedsel verspild en verdienen boeren te weinig. Daarom moeten er afspraken gemaakt worden over een eerlijkere prijs voor producten. Zo wil Schouten dat het makkelijker wordt voor boeren om gezamenlijk te onderhandelen met supermarkten. Ook moet er een geschillencommissie komen waar boeren terecht kunnen met klachten over afnemers. Daarover gaat binnenkort een wetsvoorstel naar de Tweede Kamer.

„In de jaren 70 waren we circa 20 procent van ons inkomen kwijt aan voedsel. Nu is dat 10 tot 12 procent”, zegt minister Schouten tegen het AD. „Voedsel is ongelooflijk goedkoop geworden.” Haar uitspraken sluiten aan bij nieuwe cijfers van het Centraal Bureau voor de Statistiek (CBS) die maandag naar buiten zijn gebracht. Daaruit blijkt dat Nederlandse huishoudens gemiddeld een tiende van hun geld uitgeven aan voedsel. Wel stegen de prijzen van voedsel met gemiddeld 3,8 procent zelden zo hard als afgelopen jaar.

Uit de nieuwe landbouwvisie blijkt dat Staatsbosbeheer grond beschikbaar gaat stellen aan boeren die hun bedrijf duurzaam willen maken maar onvoldoende grond hebben. Ook moet een nieuw pachtbeleid bijdragen aan de verduurzaming van de landbouw. Zo wil het kabinet langdurige relaties tussen verpachters en pachters (boeren) stimuleren en kortlopende pachtcontracten ontmoedigen. Dit moet duurzaam landgebruik aantrekkelijker maken.

Lees ook: OM: de veestapel moet kleiner

Precisielandbouw

Een totaalverbod op kunstmest komt er niet, omdat dat op dit moment nog niet haalbaar is. Wel zal kunstmestgebruik de komende periode worden ontmoedigd. In het najaar wordt de gehele herziening van het mestbeleid duidelijk. Tien boeren zijn dit jaar al begonnen met precisielandbouw, waarbij met behulp van technologie de landbouwgrond beter kan worden bemest. Volgend jaar moeten daar tien andere bedrijven bij komen.

Ook wil Schouten Brussel vragen om versoepeling van de veevoerregels. Het meeste diervoer bestaat nu uit restproducten uit de voedingsindustrie en direct als veevoer geproduceerde grondstoffen zoals granen, maïs en ruwvoer, die vaak worden geïmporteerd. De minister wil het aandeel restproducten als grondstof voor diervoer vergroten en dus minder veevoer importeren. Insecten, schimmels en bacteriën kunnen dienen als eiwitbron voor veevoer. Volgens de minister heeft zeewier de potentie de duurzame eiwitbron van de toekomst te worden: het gehalte aan hoogwaardige eiwitten is hoog en concurreert niet met schaarse landbouwgrond.

Experimenteergebieden

De minister wijst vijf experimenteergebieden aan, waar boeren tijdelijk mogen afwijken van de geldende landbouwegels. Zo komen er experimenten in de Achterhoek (sluiten van kringlopen), De Peel (mest, nieuwe teelten), Twente (zelfvoorzienend landgoed Twickel, bodem- en waterkwaliteit), Flevoland (precisielandbouw, bodemkwaliteit) en Noord-Nederland (natuurinclusieve landbouw, vitaal platteland).

Naast het geld uit de landbouwbegroting, is er voor de omslag naar kringlooplandbouw ook geld beschikbaar uit ‘speciale enveloppen’ van het regeerakkoord. Voor innovaties die aansluiten op de kringlooplandbouw en klimaatbestendige landbouw is in 2020 zo’n 25 miljoen euro beschikbaar. In Europees verband wordt gewerkt aan het nieuwe Gemeenschappelijke Landbouwbeleid (GLB) voor de periode 2021-2027. Het kabinet hoopt de gelden die hieruit naar Nederlandse boeren en tuinders vloeien zo veel mogelijk in te zetten voor de transitie naar kringlooplandbouw.

Te mager

Natuur- en milieuorganisaties zijn blij met het plan van minister Schouten, maar vinden de inhoud te vrijblijvend en te weinig concreet. Wereld Natuur Fonds zegt in een verklaring, mede namens Greenpeace, LandschappenNL, Milieudefensie, de Natuur- en Milieufederaties, Natuur & Milieu, SoortenNL en Vogelbescherming: „Wij staan achter kringlooplandbouw, maar het langverwachte Realisatieplan is te mager. Duidelijke doelen, een verdienmodel voor de ondernemers, inzicht in de prestaties en het eerlijke gesprek over het verminderen van het aantal dieren in Nederland ontbreken.”

Marjolein Demmers, directeur Natuur & Milieu, noemt de landbouwvisie „een gemiste kans”. „Door kunstmest te vervangen door dierlijke mest los je het probleem niet op. Je moet er ook voor zorgen dat er minder mest wordt geproduceerd. Dat betekent een kleinere veestapel, minder dieren. Goed voor het milieu en het verlaagt ook de kostenpost voor het afzetten van mest. De prikkel om te frauderen wordt zo ook minder. Verder schrijft de minister dat negatieve milieu-effecten een prijs moet krijgen. Maar dat kan niet zonder overheidsbeleid, nu wordt de verantwoordelijkheid ervoor bij het bedrijfsleven gelegd.”