Alsnog je plofkraak opbiechten helpt niet

Wie: Amin en Mohamed

Kwestie: plofkraak

Waar: rechtbank Den Haag

De Zitting

Amin en Mohamed zijn dus gepakt dankzij de politiehelikopter. Die zag in het holst van de nacht, vlakbij de bank één geparkeerd voertuig waarvan de motor nog warm was. En dat bleek het busje te zijn waar Amin en ‘Mo’ nét de sporttas met geld en hun gestolen scooter in verborgen. Het busje had Mo een dag eerder van een vriend geleend, die er pakjes mee bezorgde.

Het tweetal had zojuist een geldafstortkluis van de Rabobank opgeblazen – en daaruit vijftien sealbags met zo’n 37.565 euro meegenomen. Amin had het explosief erin laten zakken. Mo kroop daarna in het gat en viste de geldzakjes eruit. De explosie was harder dan ze verwachtten. Het zou maar een ‘vuurwerkbom’ zijn, was ze verteld.

Behalve de afstortkluis en een deel van de pui waren er nog twee geldautomaten total loss. Een brokstuk sloeg aan de overkant door het balkonhek van een woning en vloog de kamer in. De officier legt daarom ook poging tot zwaar lichamelijk letsel ten laste. De bewoonster had getroffen kunnen zijn, als ze niet had liggen te slapen.

Sinds november zitten ze vast. Al die tijd zwegen ze. Maar een week voor de zitting hebben ze alsnog bekend. Voor Nederlands-Marokkaanse verdachten is dat ongebruikelijk, zeggen hun advocaten. Dat proberen ze dan ook in hun voordeel uit te leggen. De officier is kritisch, ten minste één rechter sceptisch. Willen ze vooral een lagere straf? Of is er oprechte inkeer? Er is in Nederland een „tsunami van plofkraken”, zegt Amins advocaat – alleen hij heeft al zeventig dossiers te behartigen. Maar praten deed tot nu toe niemand. Dat déze jongens zich nu wél hardop schamen, moet de rechtbank echt geloven.

De jongens zeggen naïef te zijn geweest, stom. Ze hebben enorme spijt, vooral ook tegenover „de oude mevrouw” wier woonkamer de explosie vernielde. En jegens hun ouders bij wie beiden inwonen. Achteraf „zitten we er heel erg mee”. Het stel meende makkelijk geld te kunnen verdienen, verder dachten ze niet na. De plofkraak, in Nieuwkoop, zou een opdracht van een kennis van Mo zijn geweest. Die had alles voorbereid: explosief, scooter, zwarte kleding, sporttas, encryptietelefoon. Mo moest alleen het busje regelen. Hun aandeel zou ieder 10 procent zijn. Een naam noemen is te gevaarlijk. Nu zeggen ze zich gebruikt te voelen. Ze waren geldezels, loopjongens, zegt de advocaat.

De Rabobank berekent de schade op 60.247 euro. Mo (19) had nog een taakstraf staan, een voorwaardelijke celstraf en een jeugdmaatregel van zes maanden. En hij liep nog in een proeftijd na 55 dagen jeugddetentie. De reclassering ziet bij hem een riskant ‘negatief sociaal netwerk’. Inkomen of dagbesteding ontbreekt. Dus is er een recidiverisico. Hij heeft in zijn woonplaats 147 politieregistraties.

Van Amin (23) zijn alleen wat verkeersdelicten bekend. Maar genoeg om hem een Verklaring Omtrent het Gedrag te weigeren, waarmee zijn ambitie om taxichauffeur te worden in het water viel. De familie van Amin, inclusief vriendin, zit in de zaal, plus de wijkagent. „De tranen van mijn moeder zijn na mijn arrestatie niet meer opgedroogd”, zegt Amin. Voor Mo is niemand gekomen.

De officier vindt hun spijt niet oprecht, het bestaan van een opdrachtgever niet aannemelijk. Dat ze zelf schrokken van de klap is niet geloofwaardig. Voor plofkraken in bankfilialen zonder appartementen is een eis van twee jaar gebruikelijk. Wie een geldautomaat in een woongebouw opblaast, hoort meestal vier jaar eisen. Voor Amin en Mo eist ze ieder vier jaar, waarvan één voorwaardelijk met twee jaar proeftijd. Dat Mo nog zo jong is en het strafblad van Amin „meevalt”, weegt in hun voordeel.

De rechtbank geeft twee weken later juist een iets hogere straf. Vier jaar waarvan vier maanden voorwaardelijk. De bekentenissen vindt de rechtbank eerder „berekenend” dan schuldbewust. Het tweetal bekende dat wat de politie al wist en legde de schuld bij een onbekende. Een plofkraak is een „brutaal en zeer ernstig feit”. De vernieling in het appartement vindt de rechtbank strafverzwarend. Beiden worden hoofdelijk aansprakelijk voor de schade.