Opinie

Crisisangst? Leve de DNB-spaarrekening

Menno Tamminga

Het is een oude klacht, maar daarom niet minder zorgelijk. Kleine en middelgrote bedrijven, de banenmotor van de economie, zijn voor hun financiering in hoge mate afhankelijk van een paar banken. Dat is niet gezond. Die afhankelijkheid is structureel. „Voor zover in onze economie sprake is van knelpunten in de financiële sfeer die de investeringsmogelijkheden van bedrijven beperken, zullen deze vooral gelden voor kleine en middelgrote bedrijven alsmede startende ondernemingen.”

Nee, dat was geen citaat uit het rapport waarin het Centraal Planbureau vorige week de macht van de banken vlijmscherp ontleedde. Het Nederlandse mkb betaalt een hogere rente en wordt bij een kredietaanvraag vaker afgewezen dan in andere Europese landen, concludeert het CPB.

Dat citaat over de knelpunten staat in een eerdere studie voor de denktank WRR, de Wetenschappelijke Raad voor het Regeringsbeleid. Jaar van publicatie: 1987.

Lees ook deze column van Marike Stellinga over de macht van de banken

Hoe komen de banken aan die machtspositie? Zij zijn de schakels tussen spaarders en beleggers die kapitaal beschikbaar hebben en de bedrijven die financiering nodig hebben voor investeringen. De banken hebben de informatie en de mensen om te analyseren of een ondernemer het krediet kan betalen en aflossen. Die analyse kan de individuele spaarder meestal niet maken. Daarom vervullen banken een nuttige functie in de economie.

Het knelpunt is: te weinig banken doen op grote schaal zaken met het mkb. Die banken kunnen het spaargeld ook elders ‘wegzetten’. Woninghypotheken zijn soms lucratiever. De kleine ondernemer heeft het nakijken.

De bankencrisis van 2008 heeft de situatie voor het mkb verder verslechterd. De grote banken lijken steeds meer op elkaar en gedragen zich gelijk. De toch al beperkte verscheidenheid is nog meer uniformiteit geworden.

Nederland bulkt van het geld, maar het komt niet steeds op het goede moment, tegen een acceptabele prijs bij degene die het nodig heeft voor investeringen en groei. Wat te doen?

Simpele vernieuwing is nodig, wetende dat in elk land gaten en hobbels in de financiële infrastructuur bestaan. Maar in Nederland zijn die wel hardnekkig.

Mooi voorbeeld is Qredits in Almelo. Dat geeft kleine kredieten (tot 250.000 euro) – geld, maar ook coaching en kennis. Een beetje zoals de Nederlandsche Middenstandsbank (nu ING Bank) dat in de vorige eeuw deed.

Ander voorbeeld: de behoefte aan een bank waar je risicoloos kunt sparen en betalen. Deze vernieuwingswens komt van buiten de geldwereld, namelijk van de theatermakers De Verleiders. De WRR heeft eerder dit jaar ook een goed woordje gedaan voor dit idee. Minister van Financiën Wopke Hoekstra (CDA) ziet echter geen rol voor de overheid. Wie dan? Particulier initiatief is geen oplossing. Met de ultralage rente heeft een bank geen inkomsten op dat veilige spaargeld.

Gelukkig deed Hoekstra wel een andere tiptop toezegging: een onderzoek of De Nederlandsche Bank, onze centrale bank, particuliere rekeninghouders kan accepteren. Dat is risicoloos sparen, al zal het betaalgemak misschien niet helemaal gratis zijn.

Doen! De Rijksoverheid verplicht lagere overheden, zoals gemeentes, al jaren om overtollig kasgeld bij het Rijk aan te houden. Geen risico met publiek geld. Gun ook de burger die veiligheid. Dat oogt modern, maar past tevens in een traditie. Veilig sparen voor de gewone man was twee eeuwen geleden hét argument voor de oprichting van spaarbanken.

Leve risicoloos bankieren bij DNB. De nationale volksbank.

Menno Tamminga schrijft op deze plaats elke dinsdag over ondernemingsbeleid en economie.

Reageren

Reageren op dit artikel kan alleen met een abonnement. Heeft u al een abonnement, log dan hieronder in.