Radna Fabias wint Grote Poëzieprijs

Poëzieprijs Habitus is de beste bundel van het jaar, en met vier prijzen de meest bekroonde dichtbundel in de recente poëziegeschiedenis.

Radna Fabias.
Radna Fabias. Foto Frank Ruiter

Dichter Radna Fabias heeft met Habitus de Grote Poëzieprijs 2019 gewonnen. De grootste Nederlandse onderscheiding voor de beste dichtbundel van het jaar is de vierde prijs voor Habitus. Het is daarmee de meest bekroonde dichtbundel in de Nederlandse poëziegeschiedenis, waarbij nog eens extra bijzonder is dat het hier om Fabias’ debuut gaat. Ze wint een geldbedrag van 25.000 euro.

De Nederlands-Antilliaanse Radna Fabias (1983) dicht volgens de jury „vitaal, ritmisch en klankrijk” over een Antilliaanse afkomst en de status van zwarte migrant in Nederland. Dat levert „sterk aardse en lichamelijke poëzie” en tegelijk „politieke poëzie” op.

Voormalige VSB Poeziëprijs

De Grote Poëzieprijs, de voortzetting van wat voorheen de VSB Poëzieprijs heette, werd zondagavond uitgereikt in Rotterdam. Het is voor het derde jaar op rij dat de prijs naar een debuutbundel gaat, na Hannah van Binsbergen (Kwaad gesternte) en Joost Baars (Binnenplaats) in de voorgaande jaren.

„Je hoort aan niets dat Habitus een debuut is”, oordeelt de jury over het werk van Fabias, „of het moet zijn in de volslagen oorspronkelijkheid van de cadans van haar taal, die een brug weet te slaan tussen de geest en het eenzame, vleselijke lichaam”.

Lees ook een interview met Radna Fabias: ‘Ik ben ongeschikt als rolmodel’

Beste debuut

Zondagavond werd ook de winnaar bekendgemaakt van de C. Buddingh’-prijs, de poëzieprijs speciaal voor het beste debuut. Die jaarlijkse prijs, die vanwege verschillende beoordelingstermijnen vorig jaar al naar Fabias ging, was voor Vruchtwatervuurlinie van Roberta Petzoldt, waarin de jury „weergaloze gedichten en tijdloze regels” las.

„Debutant Fabias dicht aangrijpend over verlangen, vrouwelijkheid, religie en sociale conventies”, schreef NRC vorig jaar over Habitus. „Met simpele maar effectieve middelen maakt ze haar poëzie ambigu en toont ze de verraderlijke slagkracht van taal.”

Andere genomineerden voor de Grote Poëzieprijs waren Maria Barnas (Nachtboot), Joost Decorte (Stalker), Roelof ten Napel (Het woedeboek), Willem Jan Otten (Genadeklap) en Xavier Roelens (Onze kinderjaren).