Macrons ‘bazooka’ komt er nog niet

Eurozone-begroting De Franse president wilde een speciale begroting voor landen in nood. Nederland vreesde een pot met gemakkelijk geld voor ‘begrotingszondaars’ zoals Italië.

De Franse Eurocommissiaris Pierre Moscovici (links) en de voorzitter van de Eurogroep, de Portugees Mario Centeno, na afloop van een marathonvergadering donderdagavond waarin besloten werd dat er vooralsnog geen speciale begroting voor de eurozone komt. Foto Julien Warnand/EPA
De Franse Eurocommissiaris Pierre Moscovici (links) en de voorzitter van de Eurogroep, de Portugees Mario Centeno, na afloop van een marathonvergadering donderdagavond waarin besloten werd dat er vooralsnog geen speciale begroting voor de eurozone komt. Foto Julien Warnand/EPA

Een speciale begroting én een minister voor de eurozone, dat waren de grote ambities van Emmanuel Macron. Maar die liepen in de nacht van donderdag op vrijdag in Luxemburg stuk op verzet van de Nederlandse minister van Financiën Wopke Hoekstra.

De Franse president wilde met een speciale begroting voor de eurozone (de groep van negentien landen die de euro voeren) van honderden miljarden een ‘bazooka’ optuigen om landen in nood bij te staan. Dat is, vindt Macron, noodzakelijk om de eurozone crisisbestendig te maken.

Maar na een marathonvergadering van de Eurogroep hebben Hoekstra en zijn Europese collega’s besloten het voorlopig te beperken tot een ‘instrument’ dat landen economisch en budgettair naar elkaar moet laten toegroeien. Het instrument, BICC geheten, wordt onderdeel van de nieuwe meerjarenbegroting van de EU (2021-2027). En er is veel minder geld mee gemoeid: naar verwachting jaarlijks enkele miljarden euro’s. Hoeveel precies wordt pas later duidelijk.

Ook zijn er strenge voorwaarden aan verbonden. Landen kunnen alleen aanspraak maken op BICC-geld als het wordt gebruikt voor hervormingen en investeringen die de concurrentiekracht vergroten.

Samen met zijn collega’s uit Ierland, Oostenrijk en Scandinavische en Baltische landen (de ‘Hanzeliga’), voerde Hoekstra de afgelopen maanden het verzet aan tegen een eurozonebegroting. Hij vreest dat daarmee een nieuwe pot met geld zou worden gecreëerd die de druk wegneemt op ‘begrotingszondaars’ als Italië om thuis orde op zaken te stellen. Een zogeheten stabiliserende functie – geld tijdelijk overhevelen naar landen die kampen met een economische schok – krijgt het instrument dan ook niet.

Strijd nog niet gestreden

Toch is de strijd nog niet gestreden. Sommigen in Brussel zien wel degelijk het begin van een eurobegroting. De Portugese Eurogroepvoorzitter Mário Centeno zei donderdag: „We hebben nu het best haalbare compromis bereikt. Maar we hebben stappen gezet op weg naar een begroting.”

Volgens de Franse Eurocommissaris Pierre Moscovici (Economie) is het bovendien uiteindelijk aan de regeringsleiders om „te beslissen” of het instrument een stabiliserende functie krijgt. De Fransman hoopt dat een nieuwe Europese Commissie de komende jaren van het instrument een echte eurozonebegroting maakt.

Nederland en Frankrijk botsten het afgelopen jaar hevig in het dossier. Het leidde eind vorig jaar tot een incident toen de Franse minister van financiën Bruno Le Maire tijdens een diner met Hoekstra in felle bewoordingen zei zich „ongemakkelijk” te voelen bij het idee van „gesloten clubs” zoals de Hanzeliga. Die zijn „gevaarlijk voor Europa”, zei hij.

Lees ook de column van Luuk van Middelaar: Niet alles kan op onze voorwaarden, Wopke

Frankrijk en Spanje voeren een groep landen aan die het instrument willen aanvullen met extra geld buiten de EU-meerjarenbegroting om. Dat strookt met wat hoge EU-functionarissen verwachten: het begint met iets kleins dat op termijn groot kan worden. Om dat scenario te voorkomen accepteert Nederland die extra financiering alleen op vrijwillige basis. Nederland is geen vrijwilliger.

Glas halfleeg, of halfvol

Onenigheid bestaat nog over de voorwaarden waarop landen BICC-geld voor projecten kunnen krijgen. Cofinanciering is daarbij de sleutel: deels draagt het land zelf bij, deels financiert BICC. De ‘groep-Frankrijk’ wil voor landen in nood de mogelijkheid om de eigen bijdrage te verlagen. Maar voor Nederland wordt daarmee via een omweg BICC toch een stabiliserend instrument dat een begrotingszondaar beloont met ‘makkelijk geld’. Ik kan ze niet ontzeggen die wens te uiten”, reageerde Hoekstra. Maar: „Het is evident dat we dat niet gaan doen.”

Wat er nu ligt is net voldoende voor alle regeringsleiders om op de komende EU-top op 20 en 21 juni te kunnen presenteren als stap in de goede richting. „Voor de één is het glas halfvol, voor de ander halfleeg”, zei Moscovici. De Nederlandse premier Mark Rutte kan er voorlopig mee naar huis, naar een kritische Tweede Kamer: het bleef een ‘instrument’. Voor de Franse president Macron is het glas halfvol: hij zal het thuis uitleggen als werk-in-uitvoering.