OM opent strafzaak om Nieuwsuur-bronnen bij Justitie te achterhalen

Justitie wil weten wie aan Nieuwsuur heeft gelekt over misstanden binnen het ministerie. Ambtenaren oefenden druk uit op WODC-onderzoekers.

De voorzitter van de Onderzoekscommissie, Marc Hertogh, maakt de resultaten van het onderzoek bekend naar de relatie tussen het WODC en de beleidsafdelingen van het ministerie van Justitie en Veiligheid.
De voorzitter van de Onderzoekscommissie, Marc Hertogh, maakt de resultaten van het onderzoek bekend naar de relatie tussen het WODC en de beleidsafdelingen van het ministerie van Justitie en Veiligheid. Foto Remko de Waal/ANP

Het Openbaar Ministerie heeft een strafzaak geopend om te achterhalen welke bronnen binnen het Wetenschappelijk Onderzoek- en Documentatiecentrum (WODC) en het ministerie van Justitie en Veiligheid contact hebben gehad met Nieuwsuur. Dat meldt het actualiteitenprogramma donderdagavond. Het ministerie heeft aangifte gedaan omdat WODC-medewerkers hun ambtsgeheim zouden hebben geschonden door met Nieuwsuur te praten.

De zaak draait om een onthulling van het programma in 2017 over de druk die ambtenaren hebben uitgevoerd op WODC-medewerkers om hen te sturen richting politiek wenselijke conclusies in hun onderzoeken. De aangifte van het ministerie is opvallend, omdat minister Ferdinand Grapperhaus (J&V, CDA) eerder stelde „op geen enkele manier” te onderzoeken wie de bronnen van Nieuwsuur waren. Dit zou „niet de cultuur zijn die ik voorsta”.

Nu zegt het ministerie juist dat het delen van de informatie met Nieuwsuur „op gespannen voet staat met de integriteit die de overheid dient te waarborgen als goed werkgever”. Ook zou het lek „ondermijnend zijn voor het onderlinge vertrouwen” en de privacy van medewerkers van het ministerie schaden.

Lees ook dit commentaar: Schandaal met gemanipuleerd WODC is groter dan gedacht

Noodzaak van bronnen

Zonder de bronnen binnen het WODC en breder binnen het ministerie had Nieuwsuur de misstanden niet aan het licht kunnen brengen. Nieuwsuur benadrukt dat minister Grapperhaus de klokkenluider zelfs nog openlijk heeft bedankt dat zij het als individu voor het grote goed heeft opgenomen.

Inmiddels heeft het ministerie openlijk erkend dat ambtenaren druk probeerden uit te oefenen op WODC-medewerkers en zijn er maatregelen getroffen om de onafhankelijkheid van het instituut te waarborgen. Het ministerie legitimeert de strafzaak in een reactie tegen Nieuwsuur met de notie dat er meer lekken zijn geweest binnen het WODC. Het is onduidelijk wie wat zou hebben gelekt. Er is alleen aangifte gedaan voor het lek dat heeft geleid tot de onthullingen in 2017.

Politiek gevoelig

De WODC-affaire begon in 2013 toen onderzoekster Marianne van Ooyen zich bij het ministerie meldde na verschillende pogingen van ambtenaren om wetenschappelijke onderzoeken te beïnvloeden. Met deze signalen werd binnen het ministerie niets gedaan en de klacht kwam uiteindelijk, via bronnen, bij Nieuwsuur terecht.

In 2017 onthulde het programma dat topambtenaren twee onderzoeken over coffeeshops en de legalisering van wietteelt hadden beïnvloed omdat de resultaten te „politiek gevoelig” waren. De ambtenaren schrapten onderzoeksvragen, maakten aantekeningen in de kantlijnen van de documenten en verwijderden zelfs een volledig hoofdstuk met conclusies en aanbevelingen voor het kabinetsbeleid. De manipulatie zorgde ervoor dat het leek alsof het WODC-onderzoek het repressieve wietbeleid van toenmalig minister van Justitie Ivo Opstelten (VVD) onderschreef.

Lees ook: De eenzame strijd van een klokkenluider bij Justitie

De onthulling kreeg vorig jaar een staartje na een kritisch onderzoek over de manier waarop de top van het ministerie intern was omgegaan met de klachten over de ambtelijke beïnvloeding. De directeur van het WODC, Frans Leeuw, maakte hierop bekend op te stappen.