Je bent vader, doe er dan ook wat mee

Vaderschap Het is beter dan vroeger, maar nog altijd zijn de zorgtaken tussen ouders ongelijk verdeeld. Mannen leren tijdens cursussen hoe ze zorgzame en betrokken vaders kunnen worden.

Foto Getty Images, bewerking NRC

De schoenen gaan weer aan. De vaders hebben hun vierde sessie bij Jeroen de Jong afgesloten. Ze verzamelen zich rond het vuur in de tuin achter de cursuslocatie in Beek bij Nijmegen. Ze volgen de Vadervuur-training bij ‘praktijkvader’ Jeroen de Jong. ‘De training voor mannen die hun kinderen de beste vader gunnen’, zo prijst hij het aan op zijn site. De redenen voor de circa tien vaders om mee te doen, verschillen. „De rolpatronen die ik van mijn vader leerde, wil ik zelf doorbreken”, zegt de een. „Nadat mijn vrouw een cursus mindful ouderschap volgde, begreep ik veel niet. Dankzij deze cursus gaat het beter”, zegt een ander. En de volgende: „Pas op zijn sterfbed zei mijn vader voor de eerste keer sorry, omdat hij er vaak niet was voor ons. Hier leer ik mijn fouten toegeven aan mijn kinderen.”

Cursusleider Jeroen de Jong was op zoek naar een manier waarop mannen onder elkaar konden praten over opvoeding en vaderschap: „Je wil graag van andere vaders weten hoe zij het doen. En ook vertellen wat jij lastig vindt.”

„Met kameraden spreek je makkelijker over voetbal dan over kinderen”, zeggen ze rond het vadervuur. „Maar hier stel ik me open”, zegt deelnemer Wibo Hendriks (42). Praktijkvader De Jong laat de deelnemers op de eerste bijeenkomst een foto van hun kinderen meenemen en vertellen wat ze het leukste vinden aan hun kinderen. „Maar de eerste sessie gaat over jou als persoon, niet als vader. En vandaag ging het over jou als partner. We leren dat je pas een leukere vader kunt worden als je goed voor jezelf zorgt”, zegt een van de deelnemers.

Het liefst de zorg gelijk verdelen

Eén op de drie uren zorg komt op het conto van de mannen, schrijft het SCP in de Emancipatiemonitor 2018 waarin de verdeling van betaald werk en zorg tussen stellen wordt bekeken. De 40 procent van het huishoudelijk werk dat de mannen doen is gelijk aan de 40 procent van het betaalde werk dat door de vrouw in de verdeling wordt gedaan. De meerderheid van mannen en vrouwen met kinderen geeft aan dat ze de zorg het liefst gelijk verdelen en het overgrote deel daarvan wil ook het betaalde werk gelijk verdelen. In de praktijk pakt dit anders uit. De gelijke verdeling komt maar langzaam in zicht. In 1975 namen de mannen nog 80 procent van het betaalde werk voor hun rekening, dat is veertig jaar later gedaald naar 60 procent.

Als de vader investeert in de eerste weken, weet hij hoe je dingen moet doen

David Borman, verloskundige en schrijver

Vincent Duindam had verwacht dat het sneller zou gaan, toen hij in de jaren negentig het boek Zorgende Vaders schreef. De onderzoeker van de Universiteit Utrecht stelde zich toen al de vraag of vrouwen zorgende mannen softies zouden vinden. Aan de hand van vele onderzoeken bepleitte hij dat dit beeld niet klopt, maar met een antwoord bleef hij eind jaren negentig op de vlakte. Nu is hij stelliger. „Keer op keer wordt aangetoond dat vrouwen de zorgtaken gelijk willen verdelen. Zeggen dat een zorgende man een softie is, is een vorm van cognitieve dissonantie. De vrouwen willen het wel, maar omdat hun realiteit anders is, zeggen ze maar dat ze het niet willen.” Duindam benadrukt dat dit een observatie is, hij heeft het niet onderzocht. „Maar stellen gaan niet uit elkaar omdat de man niet mannelijk genoeg is, wel omdat de zorg niet goed verdeeld wordt.”

De hele heisa met naar bed gaan

De vaders rond het vuur in Beek hebben allemaal hun eigen verhaal over verdeling van de zorgtaken. Eentje zegt dat zijn vrouw in de avond haar yogastudio doet en dat hij overdag werkt. „Dan heb jij het makkelijk, ’s avonds slapen die kinderen”, klinkt het van de andere kant van het vuur. „Nee”, bezweert hij. „Ik ben er altijd voor het avondeten. En die hele heisa met het naar bed gaan, dat vind ik heerlijk.” Zo heeft iedereen het anders verdeeld. „Mijn vrouw werkt niet en toch heb ik een halve papadag, omdat ik het wil meemaken”, zegt een van hen. Soms zijn er jongere collega’s zonder kinderen die jaloers zijn op een ‘papadag’, zeggen de vaders. „Ik ben wel teruggekomen van het idee dat ik huisman wilde worden. Op mijn werk kom ik een beetje bij”, zegt een van hen.

Lees ook: Het temmen van de man

De vaders die Duindam in de jaren negentig sprak en waar hij zelf ook toebehoorde, vielen toen nog op. Het waren de eerste vaders die op het schoolplein de kinderen ophaalden en meegingen naar het consultatiebureau. De vragen die hij stelde over rolpatronen werden beschimpt. Naar aanleiding van zijn boek Ruimte voor Mannen schreef Youp van ’t Hek in een column in 1999 over „mannen in crisis” en „tragische twijfelmutsen”. Twintig jaar later is de vaderrol groter, niet alleen vanwege de wens van beide ouders, maar ook vanwege economische noodzaak. Dat zegt Dave Romme (39), deelnemer aan de Vadervuur-training na afloop. „Ik wil graag de zorg samendoen, maar we moeten ook wel om financieel rond te komen. We kunnen het niet veroorloven dat een van ons thuisblijft.” De vaders bespreken rond het vuur hoe hun werkgevers omgaan met hun zorgtaken. De ene werkgever blijkt zeer coulant te zijn met verlof in het geval van zieke kinderen, maar streng over dat er niet minder dan fulltime wordt gewerkt. In andere gevallen is er helemaal geen begrip voor zorg. Dave Romme: „Ik heb een tijdje in de bouw gewerkt en toen ik een keer zorgverlof wilde opnemen, hadden ze daar nog nooit van gehoord en wilden ze het aanvankelijk verbieden.”

Voor aanstaande vaders die goed beslagen ten ijs willen komen, geeft David Borman, verloskundige en schrijver van het boek Aanpakken voor Aanstaande Vaders, sinds 2009 de Vadercursus. „In mijn werk tijdens een bevalling bleek de vader vaak onhandig of storend aanwezig. Dat is echt makkelijk te verhelpen”, vertelt hij. „Veel mannen bedenken na de eerste bevalling dat ze het de tweede keer anders gaan doen, maar je kunt het ook vooraf leren. Dat ze van niks weten heeft ermee te maken dat veel mannen er niet mee bezig zijn de eerste keer en dat de zorgprofessionals bijna allemaal vrouw zijn en de man te weinig betrekken.” Na de bevalling komt er volgens Borman nog een fenomeen om de hoek kijken wat maternal gatekeeping heet. Daarin trekken de moeders de zorg naar zich toe, waardoor de vaders buitengesloten worden en ook onhandiger worden. „Als de vader investeert in de eerste weken, weet hij hoe je dingen moet doen”, aldus Borman. „Maar ik heb ook gezien hoe bij vrienden van mij de moeder drie maanden na de bevalling voor het eerst een avondje wegging en de vader niet eens wist waar de luiers lagen. Terwijl het echt niet zo is dat vrouwen beter kunnen zorgen. Je wordt vanzelf zorgzamer als je meer betrokken bent bij de zorg.”

Keukenschort aan

Dat mannelijkheid in het geding zou komen is voor de zorgende vaders geen kwestie. Cursusleider Jeroen de Jong zegt dat het mogelijk is om als man „krachtig, zorgend en daadkrachtig” te zijn.

Volgens Vincent Duindam is de vader die zich niet schaamt om de was op te hangen, de ramen te lappen en in keukenschort de deur open te doen, de echte mannelijke vader. „Het gaat veel meer om je goed voelen en je geen zorgen maken dan om stereotype beelden.”

Lees ook: Pubers over mannen (en vrouwen): ‘Mannen worden afgebeeld als personen die vrouwen onderdrukken’

In Beek dooft ondertussen het vuur en sluiten de vaders af terwijl ze gearmd in een kring een oerkreet uitstoten. Er is nog één sessie te gaan. De kinderen houden het in de gaten, merkte Dave Romme toen hij weer een keer ongeduldig was. „Toen zeiden ze: ‘papa, je moet wel wat beter opletten op die cursus’.”