Het laatste woord over het pensioenakkoord is aan de radicalen

Vakbond Het is erop of eronder: FNV-leden stemmen over het pensioenakkoord. Welke rol spelen de radicale, activistische leden?

FNV-leden tijdens een bijeenkomst over het pensioenakkoord. De vakcentrale laat leden in een referendum stemmen over een nieuw pensioenstelsel.Foto Arie Kievit/ANP
FNV-leden tijdens een bijeenkomst over het pensioenakkoord. De vakcentrale laat leden in een referendum stemmen over een nieuw pensioenstelsel.Foto Arie Kievit/ANP

Interne oppositie is traditie. Vakbond FNV heeft een activistische vleugel, die wel in omvang wisselt, maar die immer radicaler is dan het bestuur.

Nu is de vraag: stemmen de ruim 1 miljoen leden de komende dagen voor of tegen het pensioen- en AOW-akkoord dat vakbonden, werkgevers en het kabinet vorige week hebben gesloten? En welk besluit neemt het almachtige FNV-ledenparlement als vervolgens zaterdag de uitslag bekend is? In dat ledenparlement is de activistische vleugel goed vertegenwoordigd.

Dat activisme verbaast de buitenwereld, maar waarom eigenlijk? Het is ook bij andere grote maatschappelijke organisaties goed gebruik. Bij politieke partijen is het kader doorgaans radicaler of rechter in de leer dan de partijpolitici die compromissen (moeten) sluiten. Bij de FNV zit het interne activisme ook nog eens in het karakter van de bond: belangenbehartiging bij arbeidsvoorwaarden. Pensioen is zo’n arbeidsvoorwaarde. Onderhandelen daarover met de werkgever gaat wel eens hard tegen hard, inclusief stakingen. De ijver en de stijl waarmee dat gebeurt, slaan regelmatig naar binnen bij de FNV.

Lees ook: Hoe er na negen jaar toch een pensioenakkoord op tafel ligt

Bakzeil halen

Zo ook een paar weken geleden, toen de top bakzeil haalde na een demonstratie van eigen werknemers tegen een interne reorganisatie die 250 voltijdbanen zou kosten. Of acht jaar terug, toen activisten uit de toenmalige bedrijven- en overheidsbonden intern oppositie organiseerden tegen het pensioenakkoord dat FNV-voorzitter Agnes Jongerius met de werkgevers had afgesloten. Dat akkoord heeft frappante overeenkomsten met de huidige afspraken. Corrie van Brenk, toen voorzitter van de overheidsbond, nu Tweede Kamerlid voor 50plus, was in 2011 tegen en stemt ook nu tegen het akkoord, schreef ze op Twitter. Maar twee van de prominente vakbondsleden die in 2011 de oppositie tegen Jongerius organiseerden, de gebroeders Jan en Roel Berghuis, gaven woensdag in de Volkskrant juist een positieve beoordeling.

In het akkoord zitten voorstellen waar Nederlanders gretig naar verlangen, zoals vroeger stoppen met werken en een vertraging van de stijging waarmee de AOW-leeftijd toeneemt. De leeftijd waarop mensen graag wíllen stoppen met werken ligt onder de AOW-leeftijd waarop ze móéten stoppen.

Maar je hoeft geen compromisloze activist te zijn om tegen het akkoord te stemmen. De grotere fluctuaties in de pensioenuitkeringen in het akkoord, vindt een substantieel deel van de Nederlanders ongewenst. Uit een peiling van onderzoeksbureau Kantar Public in opdracht van het ministerie van Sociale Zaken blijkt bijvoorbeeld dat 55 procent van de ondervraagden liever een vaste pensioenuitkering krijgt die mogelijk wat lager uitvalt. Een flinke minderheid (27 procent) prefereert een variabel pensioen dat mogelijk hóger uitvalt. Dat laatste zit in het pensioenakkoord, dat eerste is nu de realiteit.

Onherstelbare schade

Ook blijkt uit dat onderzoek een diep wantrouwen bij een deel van het publiek. Zo denkt 33 procent van de ondervraagden dat er niets meer in de pensioenpot zit als de jongeren van nu met pensioen gaan.

Het FNV-bestuur heeft het akkoord aan de leden voorgelegd met het predicaat ‘goed resultaat’. Dat nadert zo dicht mogelijk een stemadvies als het FNV-bestuur en voorzitter Busker kennelijk aandurven zonder het Ledenparlement in de gordijnen te jagen. Busker laat in het midden wat zijn toekomst als voorzitter is als het Ledenparlement tegen stemt. Pensioenonderhandelaar, FNV-vicevoorzitter én oud-SP-senator Tuur Elzinga is helder: als het Ledenparlement dit afwijst, moeten ze een nieuwe onderhandelaar zoeken.

Het pensioenakkoord van Jongerius liep in 2011 onherstelbare schade op toen de twee grootste bonden het voorstel afwezen, hoewel binnen de hele FNV een nipte meerderheid voor stemde. Een begrotingscrisis in Nederland maakte in de lente van 2012 vervolgens een definitief einde aan het akkoord. De daaropvolgende tijdelijke coalitie verhoogde de AOW-leeftijd sneller dan in het akkoord was afgesproken.

Minister Wouter Koolmees van Sociale Zaken was toen de financieel specialist van D66, een van de grondleggers van die coalitie. De politiek nam met dat zogeheten lenteakkoord en met daaropvolgende wetgeving het heft in handen. De vakbonden stonden bij hun arbeidsvoorwaarde pensioen buitenspel. Dat is het risico dat de FNV opnieuw loopt als het Ledenparlement nee zegt.