Palestijnse Autoriteit staat financieel op instorten

Bezette gebieden Israël besloot begin dit jaar ruim 120 miljoen euro belastinggeld bestemd voor de Palestijnse Autoriteit in te houden. Dat is voor iedereen op de Westelijke Jordaanoever voelbaar.

Boven: Palestijnse ‘barista’. Onder: Palestijn met katten voor een slagerij in Jericho
Boven: Palestijnse ‘barista’. Onder: Palestijn met katten voor een slagerij in Jericho Foto’s Dominika Zarzycka/NurPhoto

In de groentewinkel van de gebroeders Ghanem vlak bij checkpoint Qalandiya op de Westelijke Jordaanoever keuren huisvrouwen tomaten, meloenen en courgettes. Stapels appels in rood, groen en geel stralen overvloed uit. Maar iedereen moet bezuinigen, zegt Rizk Ghanem (20). „Mensen kopen nog maar de helft van wat ze normaal kopen.” Een halve kilo tomaten hier, een halve kilo uien daar. „Ze hebben het geld niet meer, en dat merken wij in de verkoop.”

‘De ellende groeit voor Palestijnen’, zegt de VN-rapporteur voor de mensenrechten in de Palestijnse gebieden

De Palestijnse Autoriteit verkeert in een financiële crisis die in de hele samenleving wordt gevoeld. Vorige week waarschuwde Mohammed Shtayyeh, de nieuwe Palestijnse premier, dat zijn regering al in juli of augustus failliet kan gaan als er niets gebeurt. De Palestijnen weigeren echter te zwichten voor de politieke druk die Israël en de Verenigde Staten uitoefenen door economische maatregelen.

De economische conferentie in Bahrein die de Amerikaanse president Trump heeft aangekondigd, zien zij als de zoveelste poging tot chantage. „De financiële crisis die de Palestijnse Autoriteit momenteel doormaakt, is een resultaat van de financiële oorlog die tegen ons wordt gevoerd om politieke concessies af te dwingen”, aldus Shtayyeh in een verklaring.

De financiële situatie van de Palestijnse Autoriteit is nijpend geworden sinds Israël begin dit jaar eenzijdig besloot ruim 500 miljoen shekel (124 miljoen euro) in te houden op belastinggelden die bestemd zijn voor de Palestijnse Autoriteit. Volgens het Israëlische parlement komt dat overeen met het bedrag dat de Palestijnse regering in Ramallah jaarlijks betaalt aan „terroristen”: Palestijnse gevangenen in Israëlische gevangenissen en hun familieleden.

Israël is volgens het Protocol van Parijs, de economische overeenkomst binnen de Oslo-akkoorden, echter verplicht deze gelden af te staan. Uit protest tegen de in hun ogen onrechtmatige inhoudingen weigeren president Mahmoud Abbas en de zijnen sindsdien álle belastinggelden aan te nemen van Israël, in totaal 65 procent van de totale overheidsinkomsten. Pogingen van de Europese Unie en Arabische landen om tot een compromis te komen, faalden.

Bezuinigen op alle fronten

Het gevolg is dat de Palestijnse regering is gedwongen op alle fronten te bezuinigen. De salarissen van overheidspersoneel zijn met de helft gekort. Tienduizenden Palestijnen zijn van dat geld direct of indirect afhankelijk. „Mensen leefden al op krediet”, zegt oud-bankier Ibrahim Musa (64), die twee zakken groenten afrekent bij Ghanem. „Nu gaat alles naar de bank en houden ze niks meer over om van te leven.”

Geleidelijk krijgt de financiële crisis ook invloed op de publieke diensten. Ziekenhuispersoneel voelt het geldgebrek niet alleen in hun eigen inkomen, maar ziet ook patiënten wegkwijnen omdat het Palestijnse ministerie van Gezondheid de doorverwijzingen naar Israëlische ziekenhuizen in februari heeft stopgezet. Jaarlijks worden tienduizenden mensen in Israëlische ziekenhuizen behandeld voor kwalen waarvoor in de Palestijnse gebieden de voorzieningen onvoldoende zijn. Bij de Palestijnse Rode Halve Maan, verantwoordelijk voor de meeste medische noodhulp op de Westelijke Jordaanoever, krijgen stafleden sinds april nog maar 70 procent van hun salaris.

Een Palestijnse ‘barista’. Foto Dominika Zarzycka/NurPhoto

Op een kruising staat een patrouillewagen van de Palestijnse politie met de deuren open; twee agenten schuilen, hangend in de autostoelen, even voor de verzengende hitte, terwijl hun collega’s buiten het chaotische verkeer in goede banen proberen te leiden. Ook politieagenten krijgen nog maar de helft van hun salaris. In een recent interview met The New York Times dreigde Shtayyeh politieagenten naar huis te sturen. Hij voorspelde „een hete zomer, in alle opzichten”.

Israëlische veiligheidsexperts waarschuwen al langer dat een voortdurende economische crisis het vermogen van de Palestijnse Autoriteit om de situatie onder controle te houden aantast, en daarmee ook de Israëlische veiligheid.

De financiële situatie maakt ook de politieke situatie nog instabieler dan ze al is. Het politieke krediet van de Palestijnse Autoriteit bij de bevolking neemt al jaren af, werkverschaffing is een van de factoren die de regering nog enige legitimiteit verleent. Midden in de crisis wekte de regering opnieuw de woede van de bevolking toen uit gelekte documenten bleek dat de ministers zichzelf in 2017 royale bonussen en salarisverhogingen hadden gegeven, terwijl de economie er ook toen niet best aan toe was. Premier Shtayyeh schortte de salarisverhogingen meteen op en beloofde een onderzoek. In de tussentijd zouden ook de ministers het met de helft van hun loon moeten doen.

VS staakten financiële steun

De Palestijnse economie heeft geen stevige basis om de klappen die ze nu krijgt op te vangen. De huidige financiële crisis komt boven op de tekorten die afgelopen jaar al waren ontstaan doordat de Verenigde Staten alle steun aan de Palestijnse gebieden stopzetten, evenals de financiering van de UNRWA, de VN-organisatie die hulp verleent aan Palestijnse vluchtelingen. De economische groei op de Westelijke Jordaanoever was vorig jaar met 3 procent lager dan de voorgaande jaren.

Groei wordt volgens een recent Wereldbank-rapport onder meer gehinderd door Israëlische beperkingen op in- en uitvoer. Ook de buitenlandse hulp waar de Palestijnse economie zwaar op leunt, is de afgelopen jaren afgenomen. Toch hoopt de regering in Ramallah ook nu op financiële steun van Europa en de Golfstaten. President Mahmoud Abbas ging vorige maand op bezoek bij de emir van Qatar, nadat Doha 300 miljoen dollar (265 miljoen euro) steun voor de Westelijke Jordaanoever en 180 miljoen voor de Gazastrook had toegezegd. Een belofte van de Arabische Liga om financieel in te springen heeft nog niet tot concreet resultaat geleid.

Lees meer over Trumps druk op de Palestijnen

Ondanks de economische nood wijzen de Palestijnen eensgezind de „economische workshop” af die de Amerikaanse president Trump en zijn schoonzoon Jared Kushner eind deze maand in Bahrein willen organiseren. Diverse Golfstaten en volgens de VS ook de buurlanden Jordanië en Egypte hebben hun deelname aan de conferentie toegezegd.

„Zonder een geloofwaardig politiek proces, zonder een Palestijnse partner en zonder een focus op het losmaken van de Palestijnse economie van Israël, is dit economische vredesinitiatief, net als de meeste andere, gedoemd te mislukken”, aldus de Palestijnse econoom Raja Khalidi. De Palestijnse regering noemde het plan „economische normalisatie van de bezetting”.

In de groentewinkel zegt ex-bankier Musa het zo: „Wij hoeven geen geld om in ruil daarvoor onze rechten en land op te geven.”