Hechtenis SP’er bedreigt periode van dooi in relatie met Turkije

Turkije De mildere houding van Nederland tegenover Turkije wordt op de proef gesteld nu SP-raadslid Murat Memis Turkije niet uit mag.

Minister van Buitenlandse Zaken Stef Blok en zijn Turkse collega Mevlut Cavusoglu na een gezamenlijke persconferentie in Amsterdam in april eerder dit jaar.
Minister van Buitenlandse Zaken Stef Blok en zijn Turkse collega Mevlut Cavusoglu na een gezamenlijke persconferentie in Amsterdam in april eerder dit jaar. Joris van Gennip / Hollandse Hoogte

Komt het nog goed tussen Nederland en Turkije? Het kabinet probeert sinds een jaar toenadering te zoeken, na een periode van grote diplomatieke spanningen. In mei durfde minister Stef Blok (Buitenlandse Zaken, VVD) in een brief aan de Tweede Kamer zelfs te spreken van ‘normalisatie’ en een ‘goede sfeer’.

Nu dreigt die sfeer om te slaan. Dinsdag werd bekend dat de Eindhovense SP-politicus Murat Memis al weken Turkije niet mag verlaten, wegens beschuldigingen die verband lijken te houden met zijn Koerdische komaf. Eerder was er al de kwestie van een Rotterdamse vrouw, eveneens met Koerdische wortels, die met haar baby zelfs in een Turkse cel vastzit. Beide Nederlanders worden beschuldigd van banden met de Koerdische PKK, die op de EU-lijst van terroristische organisaties staat. Maar echt hard bewijs levert Turkije vooralsnog niet.

In de Tweede Kamer loopt de temperatuur snel op. Woensdag vroeg Sadet Karabulut (SP) mede namens GroenLinks en PvdA om een snel debat met Blok over Memis. Vrijwel de hele Kamer steunde dat. Volgens Karabulut wordt haar partijgenoot niet vastgehouden „omdat hij crimineel is, maar omdat hij gebruik maakt van zijn vrijheid van meningsuiting als gemeenteraadslid”.

Kritische tweets en retweets

Dat Memis, die fractievoorzitter is van de SP in Eindhoven, zich als Nederlands politicus kritisch heeft uitgelaten, onder meer met tweets en retweets, over „de invasie van Turkije in Noord-Syrië”, wordt volgens Karabulut nu in Turkije tegen hem gebruikt. „Het is zeer zorgwekkend dat er opnieuw iemand van Nederlandse komaf in Turkije wordt vastgezet op hele onduidelijke gronden”, zei Sjoerd Sjoerdsma (D66). „We kunnen dit niet onbesproken laten”, vond ook Martijn van Helvert (CDA).

Vorige week werden ook al verschillende moties ingediend rondom Turkije. Karabulut eiste toen dat de regering zich „nadrukkelijker” inspant en uitspreekt voor de „vrijlating van Nederlandse politieke gevangenen” in Turkije. De motie werd dinsdag door alle partijen gesteund, met uitzondering van Denk. Ook twee moties om de gesprekken over Turkse EU-toetreding te stoppen en een PVV-motie om „de invloed van de Turkse overheid in Nederland” terug te dringen, haalden de eindstreep met gemak. Het piepkleine geduld dat er nog was met Turkije is nu helemaal verdwenen.

‘Bagger en ellende’

Kamerlid Karabulut heeft ook een Koerdische achtergrond. Zij werd vorige week door Denk-partijvoorzitter Selçuk Öztürk plenair beschuldigd van PKK-sympathieën. Öztürk klaagde over de „bagger en ellende” die al jaren door de Kamer over zijn vaderland heen worden gestort. Hij diende ook een (later uitgestelde) motie in, maar dan met een oproep om de handelsbetrekkingen met Turkije snel te verbeteren, iets wat het kabinet zelf overigens ook wil.

De verder niet onderbouwde verdachtmakingen richting Karabulut schokten menig Kamerlid. Kamervoorzitter Khadija Arib ontnam Öztürk zelfs het woord. Karabulut zelf zei dat Öztürk met zijn actie „precies het probleem van Turkije” had aangetoond: „Mensen die anders denken […] worden bestempeld als de ander, als vijand, als terrorist.”

In april schreef Blok aan de Kamer dat er 77 Nederlanders „in Turkse detentie” zijn geregistreerd. Ongeveer 90 procent zit vast wegens – vooral aan drugs gerelateerde – misdaden. In de rest van de gevallen gaat het om „delicten met terroristisch karakter”, aldus de minister. Eerder genoemde Rotterdamse vrouw zou zijn verklikt door een Turkse medeburger. Murat Memis zat zes dagen in een politiecel, werd daarna vrijgelaten, maar heeft nu wel, totdat zijn zaak dient, een uitreisverbod. Wie, vraagt de Kamer zich af, durft er deze zomer nog op vakantie naar Turkije?

Het kabinet is nog niet toe aan het verharden van de opstelling richting Turkije. In maart 2017 leidde de diplomatieke patstelling bij het Turks consulaat in Rotterdam tot een zware crisis. Het kabinet wilde niet dat verschillende Turkse ministers zwaar beladen politieke toespraken zouden houden in Nederland. Precies een jaar geleden werd besloten om de betrekkingen weer te normaliseren, hetgeen – zoals Blok het zegt – werd „bekrachtigd” met ministeriële bezoeken over en weer. Turkije is „een belangrijke handelspartner”, aldus Blok. Het kabinet wil „de komende periode” op het gebied van landbouw en innovatie de relatie met het land dan ook verdiepen.

Maar die houding wordt zwaar op de proef gesteld, nu Nederlanders doelwit zijn van Turkije. Op 14 mei werd het reisadvies voor Turkije aangescherpt. „De Turkse overheid kan u vervolgen voor uitingen die buiten Turkije zijn gedaan, ook op sociale media”, waarschuwt de overheid.

Een woordvoerder van Blok zegt dat Nederland „paraat” staat om alle nodige consulaire bijstand die Memis en anderen in Turkije nodig hebben, te verlenen. Achter de schermen worden Turkse diplomaten aangesproken op de arrestaties. Vooralsnog blijft het bij stille diplomatie.