Is het beleid gewijzigd, of was terughalen IS-wezen een ‘uniek geval’?

Diplomatie De repatriëring van twee IS-wezen ligt politiek uitermate gevoelig. Deed het ministerie van Buitenlandse Zaken daarom zo mistig over het afreizen van een topdiplomaat naar Syrië?

In vluchtelingenkamp Al Hol in Syrië zitten tienduizenden mensen, waaronder veel strijders van Islamitische Staat en hun familieleden (archieffoto uit maart) Foto Maya Alleruzzo/AP
In vluchtelingenkamp Al Hol in Syrië zitten tienduizenden mensen, waaronder veel strijders van Islamitische Staat en hun familieleden (archieffoto uit maart) Foto Maya Alleruzzo/AP

Afgelopen vrijdag zei minister Grapperhaus nog dat Noord-Syrië „onveilig gebied is waar we dus geen vertegenwoordigers van de Nederlandse regering heen sturen”.

Drie dagen later, op Tweede Pinksterdag, dook een filmpje op van een Koerdische tv-ploeg waarop een hoge Nederlandse diplomaat in Noord-Syrisch gebied te zien is. Jan Willem Beaujean, directeur consulaire zaken van het ministerie van Buitenlandse Zaken, zei voor de camera „trots te zijn” onderdeel te mogen vormen van een Franse missie waarbij ook twee hele jonge Nederlandse kinderen worden gerepatrieerd.

De weeskinderen van 2 en 4 jaar werden afgelopen weekend met een Frans militair vliegtuig teruggevlogen naar Frankrijk. Vandaar worden ze overgebracht naar Nederland of naar België, waar familie woont: de overleden vader van de kinderen had de Belgische nationaliteit, de twee kinderen hebben dat ook. De twee keerden terug in gezelschap van twaalf Franse kinderen, die ook uit de Syrische kampen afkomstig zijn.

‘Beleid is ongewijzigd'

De actie lijkt haaks te staan op het officiële beleid van de Nederlandse regering om geen van de 55 Nederlandse Syriëgangers en hun 85 kinderen uit Syrische kampen terug te halen. Maar minister Stef Blok (Buitenlandse Zaken, VVD) bestreed dat dinsdag. „Het beleid is ongewijzigd. Dit is een unieke situatie”, zei hij. „Het gaat om twee weeskinderen, van wie de voogdij door de rechter aan de Nederlandse staat is toegekend.” Bovendien deed zich de gelegenheid voor om de twee kinderen mee te laten nemen door een Franse missie „onder strenge beveiliging”, waardoor het gevaar voor de meereizende Beaujean beperkt bleef.

Op de vraag waarom het ministerie zo mistig deed over het afreizen van een Nederlandse topdiplomaat naar Syrië, ook nadat er beelden van zijn aanwezigheid circuleerden, antwoordde Blok dat dergelijke operaties gebaat zijn bij geheimhouding, vanwege de veiligheid. „Dat doen we niet voor ons plezier.”

Lees ook: Frankrijk maakt geen geheim van terughaalacties jihadisten

Koerdische kwestie

Op de achtergrond speelt volgens bronnen de „Koerdische kwestie” een rol. Die is een belangrijke reden waarom het terughalen van Nederlandse vrouwen en kinderen zo moeizaam verloopt – en waarom de televisieregistratie van het optreden van Beaujean pijnlijk was. De Koerden willen graag meewerken aan de repatriëring van de Nederlanders in de Noord-Syrische kampen. In ruil daarvoor willen ze echter erkenning van hun autoriteit in Noord-Syrië, niet ver van Turkije.

De Nederlanders willen die erkenning niet geven, al was het maar om NAVO-bondgenoot Turkije niet tegen het hoofd te stoten. Mede daarom geldt als officieel beleid dat Nederlandse uitreizigers die terug willen, op eigen gelegenheid naar Irak moeten. Dan hoeven Nederlandse diplomaten niet het Syrisch-Koerdische gebied in, want dat zou door de Koerden aangegrepen kunnen worden als erkenning van hun bestuur. Het waren dan ook de Koerden die het filmpje met Beaujean op sociale media verspreidden.

Gevaar voor samenleving?

Het al dan niet repatriëren van IS-strijders, hun vrouwen en hun kinderen, ligt uitermate gevoelig in de Tweede Kamer. De grootste angst is dat het terughalen van kinderen betekent dat ook hun ouders naar Nederland terugkeren. En dat de kinderen zelf ook zijn geradicaliseerd en een gevaar vormen voor de Nederlandse samenleving.

Volgens Machiel de Graaf (PVV) bestaat dat gevaar ook bij deze jonge weeskinderen. „Je weet nooit hoe ze zich ontwikkelen”, zei hij. „ Ze zijn toch met de verkeerde ideeën opgevoed.” Blok vond dat onzinnig. Volgens hem gaat het om „kinderen die op geen enkele manier geïndoctrineerd kúnnen zijn”. Toch eiste De Graaf dinsdag de garantie van de minister dat „het hierbij blijft” en dat er „helemaal niemand meer terugkomt.” Blok herhaalde dat het een uitzonderlijke actie betrof, waarop De Graaf – net buiten het gehoor van de microfoon – de minister toebeet een „sukkel” te zijn. Kamervoorzitter Arib maande de PVV-er, die al klaar was met zijn betoog, tot rust.

Berechting

De laatste keer dat het terugkeerbeleid tot landelijke ophef leidde, was deze winter. In januari oordeelde de Rotterdamse rechtbank dat de Nederlandse regering zes vrouwen en hun elf kinderen moet arresteren, op verdenking van terrorisme. Volgens de rechter heeft de Nederlandse staat wel degelijk de verantwoordelijkheid om actief achter deze vrouwen aan te gaan.

Het kabinet onderzoekt hoe het uitvoering kan geven aan die rechterlijke uitspraak. „We zouden wel willen, maar we kunnen niet, vanwege de veiligheid”, zei Blok, na afloop van het debat. Nederland wil dat de vrouwen zelf naar het Nederlandse consulaat in de Iraakse stad Erbil komen, maar wil voorkomen dat de groep onderweg wordt opgepakt door de Iraakse autoriteiten. Daarmee zou berechting in Nederland weer verder weg raken.

Momenteel speelt er ook de discussie of er een internationaal tribunaal moet komen in de regio zelf. Onlangs nog pleitte minister Blok tegenover de VN-Veiligheidsraad nog voor de oprichting van zo’n IS-tribunaal.