Een kind heeft rust nodig op school, net als wij op kantoor

Japke-d. vraagt door Net zoals het voor volwassenen niet gezond is om in een veel te druk kantoor te zitten, is het voor kinderen niet goed om in een veel te drukke, grote ruimte te zitten op school. Toch is dat de trend in het onderwijs. Een onderwijskundige maakt zich er zorgen over.

Illustratie Tomas Schats

Ik schrijf bijna nooit over kinderen – deze rubriek gaat over kantoorleven en carrière – maar toch krijg ik vaak reacties uit het onderwijs dat ook daar het jargon en de ongefundeerde managementhypes oprukken in de klassen.

Zoals ‘kinderen eigenaar maken van hun eigen leerproces’, dat verrassend veel lijkt op de ‘zelfsturende teams’ op kantoren. Of zoals vorige week, toen ik schreef over veel te drukke, open kantoortuinen die mensen ziek maken en ik reacties kreeg dat we kinderen precies hetzelfde aandoen in overvolle klassen.

Erik Meester, docent bij de opleiding Pedagogische Wetenschappen van Primair Onderwijs bij de Radboud Universiteit, maakt zich daar zorgen over. Hij schreef me op Twitter dat het namelijk de trend is dat er steeds meer ‘leerpleinen’ bijkomen in het onderwijs – ruimtes waar soms wel 50 tot 70 kinderen bij elkaar zitten. Volwassenen kunnen zich daar al amper concentreren, laat staan kinderen, vindt hij. Ik belde hem.

Leerpleinen? Ik vind klassen van 25 al vol.

„Ja! Het is er veel te druk. Daarom zou ik ook nooit zoveel kinderen bij elkaar zetten.”

Hoe kun je iets leren als er zoveel afleiding is?

„Precies, dat is al het eerste probleem: onderzoek toont aan dat hoe meer rust er is, hoe beter je leert. Toch zie ik een trend dat scholen klassen opheffen en er leerpleinen van maken. Maar zo mogelijk nog erger: ze zetten kinderen daar ook nog eens met minimale begeleiding aan het werk! Dan begint de instructie in de klas, maar moeten kinderen daarna op het leerplein zelf hulp vragen.”

Dat heet ‘eigenaar van je eigen leerproces’.

„Ik noem het didactische verwaarlozing. Leerlingen weten amper wat ze moeten leren, wat ze moeten vragen en hoe. Daarvoor heb je namelijk basiskennis nodig en die missen ze nog. Gevolg is dat ze vaak dingen verkeerd of helemaal niet leren.”

Leraren moeten leerlingen na de instructie dus niet loslaten op een leerplein, zegt Meester, maar de stof met hen begeleid in de klas oefenen om te controleren of ze alles begrepen hebben. „Je maakt kinderen niet zelfstandiger door ze aan hun lot over te laten, maar door aandacht, bevestiging en structuur – ook weer net als op kantoor.”

Er is ook nog een moreel argument tegen zelfstandiger leren, zegt Meester, en dat is dat het vooral nadelig uitpakt voor kinderen uit de lagere sociale milieus.

‘Rijke ouders’ kopen bijles in of vragen een dyslexieverklaring aan waarmee ze meer begeleiding krijgen. Maar dat is voor de sociaal zwakkere milieus vaak niet bereikbaar, zegt Meester. Of ze weten er niet van. Zo worden de verschillen in onderwijsprestaties tussen groepen groter.

Waarom gaan scholen hiermee door?

„Ik denk omdat er ontevredenheid heerst over de kwaliteit van de lessen. Als er dan een concept langskomt waar meer de nadruk ligt op coachen en minder op lesgeven…”

Leerpleinen lijken me ook een oplossing voor het lerarentekort.

„Ja, maar daar heb ik nog wel respect voor. Want dat is echt een gruwelijk probleem. Maar noem het dan geen leerpleinen, maar gewoon ‘grotere klassen’.”

Jij wordt vast vaak ‘ouderwets’ genoemd.

„Ja! Pure framing. Ze maken een karikatuur van de ‘saaie leraar die voor de klas in een slecht geventileerd lokaaltje alleen maar staat te zenden’. Maar een goede leraar geeft juist zeer interactief en dynamisch les.”

Ik heb ook al als argument voor leerpleinen gehoord dat kinderen er alvast kunnen wennen aan alle prikkels, later op kantoor.

„Flauwekul! Al die prikkels en stress op jonge leeftijd maakt juist dat zij op latere leeftijd mínder goed met prikkels kunnen omgaan.”

Kinderen kunnen geen ontslag nemen als het bij hen op ‘kantoor’ te druk is.

„Dat ook. Maar ik snáp het ook gewoon niet: waarom doorgaan met wetenschappelijk onbewezen hypes in plaats van doorbouwen op didactische concepten die wél bewezen zijn? Dus leraren en schoolleiders beter opleiden, ontwikkeling van het curriculum. Waarom bewust de verkeerde kant oplopen?”

Het doet me denken aan schooldirecteur Anton uit de tv-serie De Luizenmoeder.

„Die serie was ook een karikatuur, maar er zat helaas wel een pijnlijke kern van waarheid in.”

Een schoolleider die z’n vakkennis niet bijhoudt. En dan komt er een bureautje langs met het idee voor een flitsend leerplein…

„Zo gaat het. En vergeet de onderwijscongressen niet. Waar bedrijven als Samsung, Microsoft en Apple hun laptops en digitale tools pluggen. Die hebben ook belang bij ‘zelfsturend leren’.”

Om te huilen.

„Ja. Maar ik geef de strijd niet op. Daar is het onderwijs te belangrijk voor.”

Dit zijn de jeuktweets van de week

Reageren

Reageren op dit artikel kan alleen met een abonnement. Heeft u al een abonnement, log dan hieronder in.