Cultuur

Extra subsidie voor twaalf regionale musea

Twaalf regionale musea, in elke provincie één, krijgen straks rijkssubsidie. Het gaat om bedragen van 250.000 euro per museum over vier jaar. Dat geld komt bovenop de subsidie die deze musea nu ontvangen van gemeenten, provincies en fondsen.

Dat schrijft minister Van Engelshoven (Cultuur, D66) aan de Tweede Kamer in een brief over het rijkssubsidiestelsel voor cultuur, waar zo’n negentig instellingen onder vallen. Welke regionale musea het betreft, wordt later bekend. Het zou kunnen gaan om musea als het Groninger Museum, het Bonnefantenmuseum (Maastricht) of Museum Prinsenhof in Delft.

Minister Van Engelshoven baseert zich in haar brief op een advies van de Raad voor Cultuur, die vorige maand pleitte voor een verbreding en vernieuwing van het rijkssubsidiestelsel voor cultuur. Die subsidie wordt steeds voor vier jaar vastgesteld, de volgende periode loopt van 2021 tot 2024. Het totale rijkssubsidiebedrag voor cultuur wordt met 44 miljoen verhoogd tot 375 miljoen euro. Op Prinsjesdag wordt de precieze verdeling over de instellingen bekendgemaakt.

Van Engelshoven trekt meer geld uit voor de regio en voor hedendaagse cultuurvormen, zoals urban arts. Ook komt er extra geld voor festivals. „We koesteren de orkesten, theaters en dansgezelschappen die geweldige kwaliteit leveren. Daarnaast moeten nieuwe vormen, andere genres en nieuw publiek een plaats krijgen”, aldus de minister. Om de financiële positie van kunstenaars te verbeteren, wordt ook gekeken of een instelling kunstenaars van een eerlijke beloning voorziet. (NRC)